Afval elimineren door te registreren

Afval is materiaal zonder identiteit. Geef je er wel een identiteit aan, dan krijgt het waarde en kun je het opnieuw gebruiken. Dat is de visie van de oprichters van Madaster, het kadaster voor materialen. “Voor een duurzame zorgsector kan Madaster van betekenis zijn”, stelt Pablo van den Bosch.

Foto van geïnterviewde, Pablo van den Bosch

Pablo van den Bosch
Oprichter Madaster 

“Als samenleving hebben we de verantwoordelijkheid om niet meer klakkeloos spullen weg te gooien en te vervangen door nieuwe. Vanuit economisch perspectief is het relevant om daar verstandig mee om te gaan.”

“Madaster is zo’n anderhalf jaar geleden opgericht met het doel afval in de gebouwde omgeving te elimineren en invulling te geven aan circulair bouwen. De gebouwde omgeving is grootverbruiker van materialen en produceert ook veel afval dat in de anonimiteit terechtkomt en wordt verbrand. Door het een identiteit te geven, in een materialenpaspoort te documenteren en dit op te slaan in een publiek platform krijgen materialen waarde. Ontwerpers, bouwers, producenten en investeerders kunnen er dan weer gebruik van maken.”

Verandering zorgt voor afval

Ook in de zorg wordt veel gebouwd of verbouwd. Van den Bosch: “Gebouwen veranderen van functie omdat de zorgvraag verandert. Een ziekenhuis, zorgcentrum, verpleeghuis of een huisartsenpraktijk zag er 30 jaar geleden heel anders uit. Daar waar verandering is, ontstaat vaak veel afval. Dat willen we natuurlijk voorkomen. Daarom willen we materialen registreren. Als je iets nieuws bouwt is dat eenvoudig: je weet precies wat je gaat maken en dan kun je het gemakkelijk registreren. Bij bestaande bouw is het uitdagender, maar nog steeds mogelijk.”

“Samen met bouwkundigen hebben we geïnventariseerd wat herbruikbaar was en waarde oplevert en wat niet.”

Hergebruiken, demonteren of refurbishen?

Goed voorbeeld is het oude Dijkzigt-ziekenhuis dat in Madaster is geregistreerd. “Het voornemen was om dit gebouw te slopen, ons is expliciet de vraag gesteld hoe er op basis van de oude materialen in het gebouw extra waarde gecreëerd kan worden. Samen met bouwkundigen hebben we geïnventariseerd wat herbruikbaar was en waarde oplevert en wat niet. Kozijnen, sanitair en kranen zijn herbruikbaar en worden inmiddels toegepast door een woningbouwvereniging in Rotterdam. Liften en luchtbehandelingskasten zijn te demonteren. Soms is het mogelijk om spullen te refurbishen. Ook steen, hout, staal en koper zijn waardevol.”

Economisch perspectief

“We staan aan het begin van de transitie naar een circulaire economie”, stelt van den Bosch. “Als samenleving hebben we de verantwoordelijkheid om niet meer klakkeloos spullen weg te gooien en te vervangen door nieuwe. Vanuit economisch perspectief is het ook relevant om daar verstandig mee om te gaan. Leveranciers van producten kunnen daarbij helpen. Zo zijn er leveranciers van gipswanden die hun producten terugkopen om er circulaire wanden van te maken. Bij liftleveranciers is het mogelijk om alleen een servicecontract voor het gebruik van een lift af te sluiten, terwijl de lift zelf eigendom blijft van de leverancier. Philips koppelt graag zijn database met data van alle armaturen aan Madaster, zodat je exact weet welke materialen er in verlichting zijn gebruikt. Al die informatiedeling faciliteren we met Madaster.”

“Als Madaster aangeeft dat een gebouw over 50 jaar nog 10% van de waarde heeft, dan kun je met een restwaarde rekening houden in plaats van het helemaal af te schrijven.”

Toekomstwaarde en circulariteit

“Ons platform is vergelijkbaar met het Kadaster, maar gaat verder. We registreren, ordenen, bewaren en geven inzicht in de waarde en mate van circulariteit. Door middel van een abonnement op onze publieke online bibliotheek kan een organisatie data in de bibliotheek plaatsen en andere data raadplegen. De data blijven altijd eigendom van degene die data op het platform plaatst, en kunnen nooit zonder toestemming worden gebruikt.” Dat Madaster ook kan bepalen wat materialen in de toekomst waard zijn, maakt het interessant voor een bank als de Rabobank. “Een bank wil weten of een gebouw voor de komende 50 jaar helemaal vaststaat of dat het na 10 jaar eenvoudig is aan te passen. Daarnaast stimuleert de Rabobank zorgorganisaties om zich bezig te houden met een duurzame toekomst, zowel qua energie- en materialengebruik als op de wijze waarop vastgoed is gebouwd. Is het flexibel en demontabel? Als Madaster aangeeft dat een gebouw over 50 jaar nog 10% van de waarde heeft, dan kun je met een restwaarde rekening houden in plaats van het helemaal af te schrijven. Bovendien is zo’n gebouw ook gemakkelijker te financieren.”

Extra taak?

Zorgorganisaties met nieuwbouwplannen passen Madaster inmiddels heel bewust toe, benadrukt Van den Bosch. “Het valt me wel op dat mensen in de zorg hun handen vol hebben aan hun dagelijkse werk waarvan de kwaliteit voortdurend hoog moet zijn. Maar Madaster hoeft een zorginstelling echt niet veel tijd, geld of capaciteit te kosten. Bij nieuwbouw kan een architect of bouwadviseur het registreren van materialen meenemen in zijn opdracht; als het goed is, schrijft hij al op wat hij doet. Wij kunnen de tekeningen digitaliseren en verrijken, en koppelingen maken met productleveranciers. Het is echt geen extra taak voor zorginstellingen, maar het helpt wel om een organisatie duurzamer te maken.”