Eten zonder de super

Eten zonder de super

Eten zonder de super (uitgebreide versie interview Rabo & Co 1-2020)
‘Mijn grootste wens?’, herhaalt Bauke van der Veen. ‘Dat Almeerders gezonder en lokaler gaan eten. Dat hun voedsel overal makkelijk bij de boer verkrijgbaar is om samen een betere wereld te creëren.’ Als bestuurslid van de vereniging Flevofood, actieve deelnemer aan Rabo Food Forward, en eigenaar van Vleesch&Co is ‘mensen voeden’ wat bij hem de klok slaat. 

Ruim 2 miljoen monden te voeden in regio Groot-Amsterdam

En er liggen wel wat uitdagingen: regio ‘Groot-Amsterdam’, waar Almere deel van uit maakt, is vrijwel volledig afhankelijk van voedselproductie elders, terwijl er zo’n 2,1 miljoen monden te voeden zijn. Bovendien neemt het toch al geringe aantal boerenbedrijven in dezelfde regio af. Dan blijven de prangende vragen over: hoe worden mensen bewust dat wanneer we lokaler, gezonder voedsel produceren, waarbij de lokale boeren waar krijgen voor hun geld, en de reststromen – het eten wat nu ofwel als veevoer dient of vaak weggegooid wordt -, toch echt beter is? En hoe krijgen we dat voor elkaar?

Verduurzaming voedselsector

Van der Veen is er week in, week uit, mee bezig. ‘Al die monden zouden we kúnnen voeden, zeker vanuit ons Flevolandse voedselproductiegebied. Tegelijkertijd is zo’n 80 procent van wat we hier produceren, bestemd voor de export. En slechts 2 procent van wat we consumeren, is afkomstig uit Groot-Amsterdam. En eenderde van al het geproduceerde voedsel belandt in de vuilnisbak. We hebben dus wat te doen!’ En daar komt de Vereniging FlevoFood om de hoek kijken. ‘Een netwerkvereniging van en voor Flevolandse voedselbedrijven, die geworteld zijn in onze polder.’ Flevofood-leden zijn actief in de landbouw, verwerking, logistiek, handel, horeca, catering en retail. ‘Samen vormen we nu al een krachtige regionale voedselketen; we zoeken steeds meer samenwerkingen op met overheden, financiële en kennisinstellingen.’ Gelukkig is er ruimte voor de agrarische sector om in te spelen op de toenemende behoefte aan (regionale) duurzame voedingsproducten. ‘Het Rabo Food Forward-programma sluit hier naadloos op aan. Net als wij, wil Rabobank de voedselsector verduurzamen, zo lokaal mogelijk voedsel produceren en leveren én voedselverspilling tegengaan.’ De kansen om de voedselsector te verduurzamen liggen in handen van de horeca en de consument.

Lokale producten vermarkten

Is het haalbaar? Van der Veen heeft er alle vertrouwen in. Twee jaar geleden had hij niet kunnen bedenken dat Flevofood nu al zo veel samenwerkingspartners zou hebben. ‘Laatst hebben we 1.500 voedseltassen gevuld, met producten van boeren uit Flevoland, voor het 1-jarige bestaan van de Rabobank Metropool Regio Amsterdam. Gele peen, pastinaak, te kleine bietjes, te kromme wortels... we hebben zo’n 7.500 kilo producten ‘gered’. Normaal gesproken zou dat naar het vee gaan of erger: als afval verbrand worden.’ Leden en partners van de vereniging bouwen aan een lijst Flevolandse producten om deze te vermarkten. ‘Als je consumenten een dergelijke zak niet-perfecte groenten geeft en hen vraagt wat ze ervoor over hebben, dat geld rechtstreeks terug laat vloeien naar de boer en daarmee de supermarkt als tussenschakel eruit laat, wordt het interessant voor zowel de consument, de producent en het milieu.’ Zet die vegan wortelburger, bitterballen van de Schipholgans en bietenfriet maar op tafel. Vergezeld met een Allybiertje of een Eau de Vie van restfruit.

Tekst: Linda Graanoogst
Foto: Jan Dekker Photo

25-3-2020

Deel via Twitter Deel op Facebook Deel op LinkedIn