Interviews met leden en klanten uit de Samenspraak

De Samenspraak is een uitgave van Rabobank Noord- en Oost-Achterhoek. Het magazine wordt vier keer per jaar verzonden naar alle leden van onze bank. Hieronder vindt u de interviews uit de Samenspraak met onze leden en klanten.

Benieuwd naar het volledige magazine? 

Blader dan hier online door de Samenspraak heen.

Nieuw in Nederland: BeslagHulp uit Winterswijk

Steeds meer huishoudens in Nederland kampen met problematische schulden. Hierdoor neemt het aantal loonbeslagen snel toe. “Dat is heel vervelend voor de schuldenaren, maar ook ontzettend zuur voor de betrokken werkgevers. Want een werknemer met loonbeslag kost een werkgever gemiddeld € 13.000,- per jaar.”

Loonbeslagen in alle lagen van de bevolking

Mark van Schie (35) heeft dagelijks te maken met mensen die het financieel moeilijk hebben, bijvoorbeeld als gevolg van een loonbeslag. Al sinds 2001 is hij werkzaam in de incassowereld, waaronder 6 jaar als deurwaarder. Sinds 2012 runt hij zijn eigen incassobureau INcompanyCASSO in Winterswijk. “Zagen we loonbeslagen vroeger vooral bij lager opgeleiden, tegenwoordig komen schulden voor in alle lagen van de bevolking. Zelfs bij tweeverdieners. En dat mist z’n uitwerking op de werkvloer niet. Meer en meer werkgevers worden ermee geconfronteerd; die zien vaker werknemers die als gevolg van schulden en een dreigend loonbeslag veel stress opbouwen. Dat leidt tot concentratie- en productieverlies en een toenemend ziekteverzuim.”

Nieuw in Nederland: BeslagHulp

Om erger te voorkomen is het volgens Van Schie van groot belang dat mensen bij wie loonbeslag aanstaande is, ergens terecht kunnen voor hulp en informatie. “Om die reden heb ik BeslagHulp ontwikkeld. BeslagHulp is een nieuwe online dienst waar de meeste mensen zich zelfstandig mee kunnen redden. Zo kun je er een berekening maken van de beslagvrije voet; dat deel van het inkomen waar je nog recht op hebt als er loonbeslag wordt gelegd. Ook vind je er voorbeeldbrieven die je kunt gebruiken voor het contact met deurwaarders en links naar andere nuttige websites. Daarbij kunnen werknemers van organisaties die zich hebben aangesloten bij BeslagHulp, kosteloos en vertrouwelijk een beroep doen op de financiële hulplijn. Waar het mij om gaat is dat mensen krijgen waar ze recht op hebben en dat BeslagHulp helpt bij het voorkomen van loonbeslag. Preventie is in ieders belang.”

Groot belang voor werkgevers

Hoewel BeslagHulp vooral houvast biedt aan mensen met schulden, richt Van Schie zich met zijn nieuwe dienst vooral op werkgevers. “Bedrijven kunnen zich tegen een kleine jaarlijkse vergoeding aansluiten bij BeslagHulp. Ze bieden werknemers met financiële problemen daarmee een mogelijkheid om uit de negatieve spiraal te komen, zonder daarvoor extra kosten te hoeven maken. Daarbij garandeert BeslagHulp volledige vertrouwelijkheid aan de werknemer. Het belang voor de werkgever? Je voorkomt dat medewerkers minder productief worden door schulden, zich ziek melden en dat je zelf voor enorme kosten komt te staan. En zeg nou zelf: zorgen voor financieel gezonde medewerkers hoort vandaag de dag toch bij goed werkgeverschap.”

Beslaghulp

Bezoek de website van BeslagHulp

Bram Opdam heeft passie voor vuur, technologie en design

In de vorige Samenspraak heeft u kunnen lezen over de oprichting van het Cleantech Startersfonds Zutphen. Een initiatief van Rabobank Noord- en Oost-Achterhoek, de gemeente Zutphen en een aantal betrokken partners uit de regio om ideeën en start-ups op het gebied van energie- en milieutechnologie meer kans van slagen te geven. Inmiddels zijn de eerste leningen verstrekt!

Cleantech Startersfonds

Eén van de ondernemers die met succes een beroep heeft gedaan op het Cleantech Startersfonds is Bram Opdam met zijn bedrijf VUURS. “Als internetondernemer zat ik al 20 jaar achter de beeldschermen. Op een gegeven moment miste ik iets. De wens om een tastbaar product te ontwikkelen werd steeds groter. Vanuit mijn passie voor vuur, technologie en design ben ik drie jaar geleden op het idee gekomen om een schone houtkachel te ontwikkelen. Ik ben me toen gaan verdiepen in het stoken van hout en zo op het spoor gekomen van een verbrandingstechniek die heel schoon is. Die techniek combineer ik nu met een design buitenkant, ontworpen door Frank Tjepkema, en een IoT-oplossing. De kachel is verbonden met het internet waardoor we de stookdata online kunnen volgen. Het voordeel hiervan is dat we tips kunnen geven over het gebruik en kunnen zien wanneer onderhoud en hout nodig is."

Kun je iets meer vertellen over die verbrandingstechniek?

“Het is een verbrandingsprincipe dat al heel lang bestaat, the rocket stove. Het is mijn technische partner, Maarten Kraanen, gelukt dit principe toepasbaar te maken. Het hout wordt verbrand in een aantal fases. In de brandkamer van de kachel vergast het hout. De gassen worden samengeperst en komen vervolgens in een tweede kamer waar deze gassen verbranden. In een derde, verticale kamer vindt de laatste verbranding plaats. Hierdoor ontstaat een soort turbo effect: een zuigende werking waardoor gassen worden samengedrukt en een temperatuur tot boven de 1.000 graden Celsius wordt bereikt. Hierdoor verbrandt echt alles en is er ook geen rook.”

Waarbij gaat het Cleantech Startersfonds je helpen?

“De lening die wij krijgen wordt gebruikt voor het maken van de mallen voor het betonachtige materiaal van de kachel en voor een geavanceerd productieproces van de stalen deur. Vanwege de hoge temperaturen in de kachel worden aan het materiaal zeer hoge eisen gesteld. Het betreft een forse investering.”

Wanneer komt de kachel op de markt?

“We staan nu op het punt om een eerste serie te produceren. In oktober gaan VUURS ambassadeurs en testers de eerste tien kachels in gebruik nemen. Vanaf de zomer 2018 is VUURS voor de consument verkrijgbaar. Wie geïnteresseerd is in de schone houtkachel kan zich aanmelden op www.vuurs.nl of ons volgen op Facebook.”

vuur

Bezoek de website van VUURS

Kippen maken plaats voor caravans bij Heico B.V.

Waar voorheen 96.000 leghennen zorgden voor enorme bedrijvigheid, daar heerst nu een serene rust. Het is het gevolg van een even moedig als weloverwogen besluit van Berry en Davina Heijink, om te stoppen met hun pluimveebedrijf en zich volledig te richten op de recreatiesector. “Onze kippen hebben plaatsgemaakt voor caravans.”

Familiebedrijf

Heico B.V. is een familiebedrijf dat in 1996 vanwege een stadsuitbreiding is neergestreken aan de Lansinkweg in Zutphen. Berry vertelt: “Ons bedrijf is vanaf dat moment behoorlijk gegroeid. In 2002 is er een stal bijgebouwd en in 2007 hebben wij er een bedrijfslocatie bijgekocht met 40.000 scharrelhennen. Die zijn hier in 2010 en 2011 naartoe gekomen. Dat bracht het aantal op totaal 96.000 hennen. Om deze en de resterende hennen die uit de kooi kwamen allemaal onderdak te geven, hebben we onze stallen breder gemaakt en vier meter verhoogd. We hadden ook nog een pakstation voor het sorteren en verpakken van eieren voor detaillisten. Ambitieus als we waren wilden we zelfs ons eigen ei-merk op de markt brengen: het ‘IJsselstreek Ei’. Afkomstig van hennen die uitsluitend gevoerd werden met grondstoffen uit deze regio. Maar ondanks al deze mooie plannen is het scharrelei nooit geworden wat wij ervan gehoopt hadden. Vrije uitloop- en biologische eieren voeren nu al de boventoon en dat is op onze locatie niet mogelijk; wij wilden simpelweg niet verder uitbreiden.”

Dus de koers moest worden verlegd?

“Juist. Drie jaar geleden bedachten wij samen dat het goed was om met het bedrijf om te schakelen naar slachtkuiken moederdieren. In gesprekken met onder andere het sectormanagement van de Rabobank kwamen we echter al snel tot de conclusie dat die switch financieringstechnisch zwaar zou worden en dat we het bedrijf beter te koop konden zetten. Dat ei hadden we zelf niet zo snel gelegd, maar het bood ook kansen. We keken namelijk in die tijd al met een schuin oog naar recreatieboerderijen. Toen we echter twee jaar later nog geen bod op ons eigen bedrijf hadden ontvangen, drong het tot ons door dat wij eigenlijk nauwelijks iets bezaten. Ook geen pensioen, want dat was het bedrijf. En daarvan was het meeste van de bank. Niet lang daarna begonnen de pluimveerechten duurder te worden en konden wij ineens aan een andere oplossing gaan denken voor ons complexe probleem.”

In de recreatiesector?

Davina: “Ja, wij wilden wel van onze pluimveerechten af, maar dan hadden we nog steeds onze bedrijfsgebouwen. Gelukkig waren wij intussen bekend geraakt met Stalling31. Dat is een bedrijf met een uniek stallingsconcept voor caravans. En bij navraag bleek dat zij hier in het oosten van het land nog een gat in hun dekkingsgraad hadden. Dat zette ons aan het denken. Kunnen we uit stalling een basisinkomen halen? Krijgen wij de stallen vol? Kunnen we dan misschien toch onze wens realiseren om aan de slag te gaan met recreatie? Het antwoord was ja! Stalling31 zorgt voor de IT, de planningen, de boekingen en de klantenservice. We werden helemaal enthousiast toen ook de gemeente aangaf dat een caravanstalling wel paste op deze plek. Een lang verhaal kort: wij hebben onze pluimveerechten via een makelaar en met hulp van Jos Nijhuis van de Rabobank verkocht – die heeft de vrijgave van het blokkaderecht op de pluimveerechten geregeld – en inmiddels ligt er een vergunning ter inzage die voorziet in een grote caravanstalling met zo’n 350 plaatsen, 30 chalets, 6 groepsaccommodaties en zo’n 30 camperplaatsen. Daarvoor hebben we overigens uitstekend contact met Maarten van Offeren van de Rabobank, want die verzorgt onze verzekeringen.” Berry vult lachend aan: “We blijven natuurlijk wel ondernemers.”

Dus nu met een heel ander gevoel de toekomst in?

“Dat mag je wel zeggen. Mentaal ervaren we nu een enorme rust. We hebben onze leningen afgelost en kijken samen met Jos Nijhuis van de bank met een goed gevoel terug op de roerige periode die achter ons ligt. Het was leuk, het was mooi, maar dit is beter.”

Heico

De producten van Rosti Mepal staan voor vrolijke herinneringen

Wie heeft er niet gekampeerd met campingservies van Mepal? Al sinds de jaren zestig behoren de kunststof producten van dit Lochemse bedrijf tot de standaarduitrusting van de Nederlandse vakantieganger. Onder de vlag van Rosti Mepal zijn aan dat servies sinds 1993 aansprekende thema’s toegevoegd. “Rosti heeft onze positie in de keuken versterkt met producten voor het bereiden en bewaren van voedsel. En met onze trendy lunchboxen en drinkbekers gaan kinderen al generaties lang met plezier naar school."

Rosti Groep en Mepal

Algemeen directeur Rutger de Korte en manager product development Johan Weernink vormen momenteel het gezicht van het bedrijf dat de Deen Egon Wolff in 1949 oprichtte in Den Haag. “In 1963 verhuisde Wolff Mepal naar Lochem vanwege de hoge arbeidsmoraal in deze regio en de mooie omgeving. Eind jaren tachtig is Mepal vervolgens deel gaan uitmaken van de Rosti-groep uit Denemarken. Vanaf 1993 zijn die twee merken bij elkaar gebracht op initiatief van succesvol ondernemer Roelf van der Wijk (Rijsholt) tot het bedrijf dat we momenteel zijn”, blikt De Korte snel terug.

Wat heeft Egon Wolff jullie precies meegegeven?

Weernink: “Hij had een enorme belangstelling voor productontwikkeling en is op het gebied van kunststof ook echt een pionier geweest. Ik ben zelf in 1981 bij Mepal begonnen en heb vanaf dag één zijn DNA als ontwerper meegekregen. Daarin staat het zoeken naar de essentie centraal. De functies van onze producten – voedsel bereiden, opslaan en serveren – zijn al duizenden jaren oud. De meeste bedrijven willen zich onderscheiden door daar telkens iets aan toe te voegen. Mepal niet. Wij gaan juist altijd terug naar de kern en vragen ons bij alles af wat het product intuïtief moet doen en vertalen dat in vormgeving en productie naar deze tijd. Rosti Mepal staat hierdoor al sinds jaar en dag voor slim en simpel.” “De van oudsher kleine thuismarkten van de merken Rosti en Mepal speelden hierbij natuurlijk ook een rol”, vult De Korte aan. “De investeringen in matrijzen voor kunststof producten waren waanzinnig hoog, waardoor er een drang naar duurzaamheid ontstond. De producten die werden ontwikkeld moesten wel tijdloos zijn, anders konden de investeringen niet worden terugverdiend. Wij zijn er uitstekend in geslaagd om van de nood een deugd te maken; die tijdloosheid zie je ook nu nog terug in onze productlijnen.”

Toch gaan jullie continu met de tijd mee…

“Natuurlijk, het retaillandschap verandert voortdurend. Door de digitalisering vervagen grenzen in razend tempo, waardoor merken – ook die van ons – sneller op hun thuismarkt worden beconcurreerd. Ook de wijze waarop producten bij de consument komen, verandert snel. Dat betekent dat je voortdurend wordt uitgedaagd om je onderscheidende elementen zichtbaar te houden”, aldus De Korte.

Wat is anno 2017 de meerwaarde van Mepal?

“Los van de functionaliteit en het herkenbare design van onze producten, is die meerwaarde vooral immaterieel. Op basis van de ervaringen die consumenten met ons delen, kunnen we gerust stellen dat producten van Mepal staan voor ‘Happy Memories’, vrolijke herinneringen” aldus Weernink. “Er is heel snel een mooi verhaal te koppelen aan onze producten.” De Korte: “Met onze nieuwe marketingstrategie zetten wij de komende tijd daarom vol in op beleving. Om die immateriële waarde nog duidelijker te kunnen communiceren, halen wij de twee merken weer uit elkaar. Beide merken gaan terug naar hun roots. Rosti gaat terug de keuken in en Mepal wordt het merk voor het meenemen en bewaren van drank en voedsel.”

Hebben jullie ook vrolijke herinneringen aan de Rabobank?

“Jazeker, de Rabobank heeft de afgelopen 20 jaar een belangrijke rol gespeeld in de ontwikkeling van Mepal. Die langjarige relatie past goed bij ons vanuit onze continuïteitsgedachte. De bank zorgt met deskundige contactpersonen bovendien regelmatig voor nieuwe impulsen. Dat doen ze goed. Ik ga ervan uit dat we nog heel veel mooie herinneringen mogen opbouwen samen.”

rosti-mepal

Bezoek de website van Rosti Mepal

Buddy to Buddy verbindt vluchtelingen en Nederlanders

Het verhaal van Ahmad Halabi (18) uit Syrië is er één van velen. In 2015 vlucht hij samen met een neefje uit het door oorlog verscheurde Aleppo. Via een barre reis door Turkije en Europa belandt hij na 12 dagen in Nederland. Na omzwervingen langs verschillende AZC’s, woont Ahmad nu tijdelijk in het asielzoekerscentrum in Zutphen. Met de hulp van zijn buddy Peter Mol maakt hij langzaam maar zeker kennis met onze samenleving.

Vluchtelingen uit hun isolement

Ahmad dankt zijn buddy aan de stichting Buddy to Buddy, die vluchtelingen helpt om uit hun isolement te komen. Willemijn Voorham vormt met zeven Zutphenaren de organisatie Buddy to Buddy. “Samen koppelen we in Zutphen jaarlijks 250 vrijwilligers aan vluchtelingen en dat doen we omdat we hebben gezien dat veel vluchtelingen best eenzaam zijn. Vooral op het moment dat ze in het AZC wonen. Tegelijkertijd zijn veel Nederlanders bereid om iets te doen voor nieuwe Nederlanders. Ze weten alleen niet goed hoe. Via Buddy to Buddy proberen wij zoveel mogelijk mensen aan elkaar te verbinden. Het draait allemaal om ontmoetingen, met als doel om vluchtelingen verder te helpen en de betrokkenheid van Nederlanders te vergroten.”

Peter, waarom ben jij buddy geworden?

“In 2015 kwamen er ontzettend veel vluchtelingen deze kant op en dat zorgde voor nogal wat commotie. Dat zette mij aan het denken. Je wilt graag helpen, maar waar begin je? Via via hoorde ik van Buddy to Buddy. Dat triggerde mij. Ik heb mezelf aangemeld en na een tijdje kreeg ik een mail dat ik mocht meedoen. Sinds begin van dit jaar ben ik de buddy van Ahmad en dat is echt super leuk. Ahmad is een sociale vent; we hebben een klik. We doen van alles samen: schaken, een balletje trappen, voetbal kijken… en daarnaast maak ik hem elke week beetje bij beetje wegwijs in onze complexe maatschappij.”

Hoe belangrijk is dat voor jou Ahmad?

“Heel belangrijk. Als je alleen maar in het AZC zit dan denk je steeds terug aan Syrië en hoor je berichten over mensen die zijn overleden. Dan word je snel verdrietig. Door andere dingen te doen, zoals met Peter, kijk je weer vooruit en durf je aan de toekomst te denken. Voor mij en mijn familie ligt die in Nederland. Als ik vragen heb over hoe dingen hier gaan, kan ik dat nu aan Peter vragen. Dat is heel fijn.”

Welk aandeel heeft de Rabobank in Buddy to Buddy Willemijn?

“Wij hebben onlangs meegedaan met de actie Hart voor de Achterhoek van Rabobank Noord- en Oost-Achterhoek en daarmee een kleine duizend euro binnengehaald. Dat bedrag besteden we aan ons Eat & Meet project. Samen met Henk Bree van het Sociaal Eetcafé de Uitwijk en vrijwillige koks uit het AZC koken we 10 keer per jaar een maaltijd voor 25 vluchtelingen en 25 inwoners van Zutphen. Naast ons reguliere buddyproject brengen we ook op deze manier mensen met elkaar in contact. Met de bijdrage van de Rabobank wordt dat weer iets makkelijker.”

buddy to buddy

Bezoek de website van Buddy to Buddy

Stichting Ezels & Co: "Ezels helpen om jezelf open te stellen

‘Zo dom als een ezel’. Iedereen kent het spreekwoord. “Het is een grote misvatting”, zegt Petra Ribbers-ten Hoopen van Stichting Ezels & Co in Neede. Zij schetst een heel ander beeld. “Ezels zijn juist erg intelligent. We kunnen ze prima inzetten bij onze coachings- en begeleidingstrajecten. Het is een zeer geschikt therapiedier.”

Ambulante gezinsbegeleiding en individuele coaching

Stichting Ezels & Co is een maatschappelijke organisatie die hulp biedt bij opvoeden, opgroeien en persoonlijke ontwikkeling: ambulante gezinsbegeleiding en individuele coaching. De betaalde zorg wordt geleverd op basis van een Persoonsgebonden Budget (PGB) of kan particulier worden ingekocht.

Inzicht in gedrag

De doelgroep van Ezels & Co bestaat uit kinderen, jongeren en volwassenen. “We helpen mensen die weerbaarder willen worden, makkelijker contact willen maken of bijvoorbeeld beter hun grenzen aan willen geven”, legt Petra uit. Maar er gebeurt meer. Zo wordt inzicht in het gedrag van je kind of je eigen gedrag gegeven. Handig bij opvoedkundige problemen. Ook bij ontwikkelingsstoornissen en sociaal emotionele problematiek kan een beroep worden gedaan op Ezels & Co. “Met onze speelse en laagdrempelige manier van professionele hulpverlening boeken we ook goede resultaten bij mensen met een vorm van autisme (ASS, bv PDD-nos. Asperger) en AD(H)D. Je ziet ze groeien. Ze krijgen meer zelfvertrouwen en durven zichzelf te zijn.”

Kijken naar eigen(wijs)heid

Waarom worden bij de behandelmethoden ezels ingezet? Petra, initiatiefneemster, algemeen coördinator en ambulant begeleider van de bijzondere voorziening, weet als geen ander het antwoord. “Ik ben jaren actief geweest in met name de jeugdhulpverlening. In het reguliere circuit wordt vooral naar de ratio gekeken. Zitten en praten, daar draait het veelal om. Wij doen het op een andere manier. We gaan naar buiten, leggen contact met de omgeving en de ezels en kijken naar de eigen(wijs)heid van een persoon.”

Ideale co-coach

Bij Ezels & Co krijgt juist het gevoel een prominente plek in de zelf ontwikkelde behandelwijze. Een lijntje leggen van het hoofd naar het hart, vormt het uitgangspunt. “Bij een bepaalde therapie moet je je prettig voelen. Het gaat erom jezelf open te stellen. Daarbij kunnen dieren erg belangrijk zijn." Deze vorm van begeleiding wordt al vaker toegepast met paarden, honden en dolfijnen. In Neede is heel bewust voor ezels gekozen, het gaat om de erkende asinotherapie. “Ezels zijn rustige dieren, ze voelen veilig aan. Ze hebben een lieflijke uitstraling en amper vluchtgedrag. Feitelijk vormen ze een ideale co-coach. Dat komt door hun pure karakter. Ze zijn van nature zichzelf en accepteren je onvoorwaardelijk, waardoor het mogelijk is om snel tot de kern van een hulpvraag te komen.”

Hart voor de Achterhoek

Ezels & Co deed met succes mee aan Hart voor de Achterhoek, een initiatief van Rabobank Noord- en Oost-Achterhoek. Door de actie kreeg de stichting ruim € 600,- toebedeeld. Het geld is inmiddels besteed aan spelmaterialen. “We zijn er ontzettend blij mee”, aldus de bevlogen coach. “De hoepels, pionnen en weidespellen vormen goede hulpmiddelen als aanvulling op onze ervaringsgerichte behandelmethodes.”

Ezel&co

Bezoek de website van Ezels & Co

BSM Factory frontrunner op het gebied van 3D massief houtverwerking

Ze zitten aan de Lebbenbruggedijk in Borculo. Op een plek waar je niet direct state of the art designmeubelen verwacht. Toch weten bekende topmerken als Piet Boon, Montis, Moooi en Linteloo, BSM Factory moeiteloos te vinden. Het productiebedrijf van Jan Stroo (51) en Tim Orriëns (42) is namelijk de autoriteit op het gebied van 3D massief houtverwerking. Maar daar is wel heel wat aan vooraf gegaan…

Houten hart

Jan Stroo stapte in 2009 op het meest moeilijke moment in het bedrijf, dat toen nog bekend stond als Bannink stoel en meubelfabriek. “Ik heb een houten hart en was ervan overtuigd dat ik het toen nog traditionele bedrijf vrij snel kon veranderen. Ik heb echter nooit kunnen inschatten dat de crisis er zo zwaar zou inhakken. De eerste jaren hebben we echt van alles meegemaakt; instortende vraag, concurrentie die failliet ging, zoektochten naar nieuwe markten, bedenk het maar. Een ding was zeker: de markt zoals we die kenden zou niet meer terug komen. Dat was voor ons de trigger om hier ‘single piece flow’ te introduceren. Daarbij hebben we ondanks zware verliezen elke euro die we konden missen in innovatie en ontwikkeling gestopt. Dankzij onze volharding is hier uiteindelijk toch iets moois ontstaan met een brede basis.”

Gestoeld op vakmanschap en moderne technologie

Tim Orriëns ontdekte BSM Factory in 2016. “Ik was op zoek naar een uniek bedrijf met veel toegevoegde waarde. Er is hier ontzettend veel ambacht en vakmanschap aanwezig en dat combineren we met de meest moderne technologie. Door de gesprekken met Jan en de gedeelde passie en visie op de toekomst werd ik gaandeweg steeds enthousiaster over dit bedrijf en ben ik hier als partner komen werken.”

Van productie, assemblage tot finishing touch

Inmiddels is BSM Factory uitgegroeid tot een wereldspeler op het gebied van 3D massief houtverwerking. “Wij zijn nu een zeer moderne productiefaciliteit en kunnen massief hout verwerken, assembleren en finishen tot ieder gewenst product. Op dit moment zijn dat nog voornamelijk designmeubelen, maar het kan ook een dashboard zijn voor autofabrikanten, trapleuningen, producten voor de scheepsbouw, van alles”, vertelt Stroo trots. “Van massief hout kunnen wij elk onderdeel maken. Nieuwe klanten weten ons te vinden en we krijgen zelfs vraag vanuit China.”

Quick Response Manufacturing

Volgens Orriëns worden de grenzen van BSM Factory continu verlegd. “We zien dat door globalisering en digitalisering veranderingen steeds sneller op ons afkomen. Daar willen wij met onder andere Quick Response Manufacturing en robotisering op inspelen. Kleinere series en klantspecifiek produceren is de komende jaren wat er gaat gebeuren. Wij willen echt de frontrunner zijn en blijven op het gebied van 3D massief houtverwerking.” Doorgroeien met de Rabobank Rabobank Noord- en Oost-Achterhoek zit al lang bij BSM Factory aan tafel. “Dit bedrijf bestaat al meer dan 110 jaar en de bank kent zowel onze historie als onze ambitie. Onze relatie is gebaseerd op lange termijn en vertrouwen. De Rabobank levert een waardevolle bijdrage in onze groeiambities.”

Dit artikel verscheen in de Samenspraak van juni 2017.

Tim Orriëns en Jan Stroo

Bezoek de website van BSM Factory

Chiel Meekes handelt in grote (rest)partijen vanuit enorme bedrijfshallen

Vanuit een paar enorme bedrijfshallen met 9.200 m2 aan magazijnruimte en 250 m2 showroom aan de rand van Eibergen, handelt Chiel Meekes (28) in grote (rest)partijen. “Een uit de hand gelopen hobby”, die inmiddels is uitgegroeid tot een zeer professioneel en succesvol bedrijf. En aan de groei lijkt voorlopig nog geen einde te komen.

Begonnen op de markt in Winterswijk

Nog geen 10 jaar geleden stond Chiel Meekes elke zaterdag op de markt in Winterswijk en “als het ook maar even kon” op de bekende braderieën in de Achterhoek. “In die tijd deed ik eigenlijk een beetje hetzelfde als nu, alleen dan op zeer beperkte schaal. Ik verkocht decoratiemateriaal, speelgoed, heel veel puzzels en ook nog zelfgemaakte artikelen, zoals vogelhuisjes en tuinspiegels. Van alles wat. In die tijd volgde ik een bouwopleiding, maar daar ben ik na een jaar al mee gestopt om een opleiding in de detailhandel te kunnen volgen. De handel trok. In september 2009 besloot ik om het wat groter aan te pakken en ben ik in Ruurlo begonnen met de in- en verkoop van restpartijen. Vanaf dat moment hebben we een gestage groei ingezet: 450 m² werd 2.000 m² en niet veel later zaten we in Ruurlo op drie verschillende locaties. Om alles weer bij elkaar te brengen zijn we in november 2015 verhuisd naar vier hallen aan de Kiefteweg in Eibergen, waar we in 2016 nog twee hallen hebben bijgekocht.”

Kun je uitleggen wat jullie precies doen?

“Wij zijn een partijgroothandel en kopen grote restpartijen op. Stel je een winkelketen voor die aan het begin van het jaar 50.000 artikelen importeert. Na een jaar zijn er daar nog 20.000 van over, maar de nieuwe collectie staat al klaar om in de winkels te worden gebracht. Die 20.000 ‘oude’ artikelen staan dan in de weg. Wij helpen zo’n winkelketen van het probleem af door die 20.000 artikelen op te kopen en in het buitenland weer door te verkopen. Zo hebben we onlangs nog 50 trailers aan producten weggehaald bij een klant.”

Aan welke producten moeten we dan denken?

“Dat kan echt van alles zijn. Van dierbenodigdheden tot woondecoratie en van speelgoed tot drogisterij- en huishoudproducten. Je kunt het zo gek niet bedenken of wij kopen het in. Nog niet zo lang geleden kochten we een grote partij Disney-broodtrommeltjes op. Een dag later waren we ze al weer kwijt. Achteraf konden we die in het buitenland wel drie keer verkopen! De partijen gaan vaak naar het buitenland. Het gaat erom dat wij die partijen uit de markt halen. Als wij de producten in Nederland weer zouden verkopen, dan zouden we met onze prijzen de markt kapotmaken. Dat is natuurlijk niet de bedoeling van dit spel. Onze grote afnemers zitten voornamelijk in Oost-Europa: Hongarije, Tsjechië, Roemenië, etc.” 

Sinds kort hebben jullie ook een Cash & Carry. Wat is daar de reden van?

“Omdat we hier behoorlijk gegroeid zijn, bleven kleine winkeliers, lokale ondernemers en verenigingen weg. Om die terug te winnen zijn we met een Cash & Carry gestart. Wie een BTW-nummer en een KvK-inschrijving heeft, kan in de Cash & Carry hele leuke artikelen kopen voor weinig geld. Waar we met de partijgroothandel vooral heel groot denken, bieden wij hier kleine aantallen aan, tot zelfs één stuk. Om overzicht te houden werken we met een eigen verkoop app. Als wij met een klant op een beurs of door de showroom lopen, kunnen wij via die app alle inkoop en verkoopprijzen en palletaantallen zien. Zodra een order wordt ingevoerd is meteen alles klaar voor facturatie. De voorraad is dan ook meteen actueel. We verkopen dus nooit dubbel. Ook in het magazijn zijn we erg ver met digitalisering. We hebben daar zelfs een opruim app. Dat werkt niet alleen enorm efficiënt, maar ook heel erg plezierig.”

En de Rabobank is ook van de partij…

“De Rabobank is al vanaf het begin zeer betrokken bij ons bedrijf. Onze contactpersoon, Arjan Terlouw, snapt onze handel en denkt net als wij in mogelijkheden. Een tijd terug kwamen er 35 vrachtwagens met handel uit Denemarken op ons pad. Daarvoor hadden we een ‘Letter of Credit’ nodig. Eén telefoontje was genoeg om de zaak te regelen. Snel schakelen, daar houden wij van.”

Dit artikel verscheen in de Samenspraak van juni 2017.

Chiel Meekes

Bezoek de website van Partijgroothandel Chiel Meekes

Gerda Geurtsen noemt de Uitdaging 'naoberschap in een modern jasje'

Overal in het land vinden we tegenwoordig het fenomeen lokale Uitdaging. Uitdagingen zijn stichtingen die het lokale bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties samenbrengen, met als doel om uiteenlopende probleemsituaties op te lossen. Gerda Geurtsen lanceerde de eerste Uitdaging in 1999 in Arnhem en bouwt sindsdien vanuit de Nederlandse Uitdaging het concept steeds verder uit.

Bemiddelingsbureau vraag en aanbod

Een Uitdaging is simpel gezegd een bemiddelingsbureau in vraag en aanbod van materialen (spullen) en menskracht (kennis, kunde en extra handen). Verzoeken van maatschappelijke organisaties komen binnen bij een lokale Uitdaging. Deze aanvragen worden vervolgens voorgelegd aan een matchgroep, een ondernemersnetwerk van ‘oude rotten’ en ‘jonge honden’, dat vervolgens bekijkt welke bedrijven uitgedaagd kunnen worden om te helpen.

Twee werelden verbinden

“De missie van de Uitdaging is maatschappelijk betrokken ondernemers stimuleren en organiseren, door bedrijven uit te dagen om op een praktische manier mee te doen”, licht Geurtsen de gedachte toe. “Waarom we dat doen? Omdat we twee werelden willen verbinden. Stichtingen en verenigingen zorgen voor een betere kwaliteit van leven. Die hebben af en toe extra kennis, kunde of materialen nodig. Het lokale bedrijfsleven is gelukkig heel vaak in staat én bereid om daar aan mee te werken.”

Vooral praktisch denken

Op de vraag hoe je dat voor elkaar krijgt, antwoord Geurtsen: “Je moet als vereniging of stichting vooral praktisch denken en de vraag niet te groot maken. Het gaat heel vaak om kennis of spullen. Een voorbeeld? Een voedselbank die een koelcel nodig heeft en dankzij bemiddeling van de matchgroep een bedrijf weet te vinden die zo’n koelcel over heeft. Door het klein en praktisch te houden krijg je vaak veel voor elkaar. Het is naoberschap in een modern jasje.”

In groeiprogramma van het Oranjefonds

In 2009 is de Zutphense Uitdaging van start gegaan, aangejaagd door Woonbedrijf ieder1, de gemeente en de Rabobank. “De opzet en structuur van de Zutphense Uitdaging vormen de basis voor alle andere lokale Uitdagingen. We zijn in 2012 in het groeiprogramma gekomen van het Oranjefonds. Dat heeft ervoor gezorgd dat er ruimte en inhoudelijke deskundigheid bij gekomen is. Nederland telt inmiddels 65 lokale Uitdagingen! Bij de start van de 65ste, in Zoetermeer, is de Koning nog op bezoek geweest”, vertelt Geurtsen trots.

Rabobank omarmt de Uitdaging

Alle lokale Uitdagingen zijn omarmd door lokale Rabobanken. “De Rabobank Foundation heeft ons zelfs een tijd lang ondersteund om trainingen ‘Goede Zaken’ te geven. Dat zijn trainingen waarin we mensen helpen om hun hulpvraag goed te formuleren. In het werkgebied van Rabobank Noord- en Oost-Achterhoek is de Uitdaging actief in Aalten, Berkelland, Bronckhorst, Lochem, Oost-Gelre, Winterswijk en Zutphen.”

Dit artikel verscheen in de Samenspraak van juni 2017.

Gerda Geurtsen

Bezoek de website van de Nederlandse Uitdaging

Jan en Truus Saaltink stoppen met hun agrarische bedrijf

Zo’n 15.000 boeren en tuinders hebben geen opvolger voor hun bedrijf. Dat kan tot veel hoofdbrekens leiden. Betekent het stoppen of zijn er andere mogelijkheden? Manager Food & Agri Jeroen Verver van Rabobank Noord- en Oost- Achterhoek begroet de agrarische ondernemers bij de bijeenkomst 'Geen opvolging, wat nu?’ in het Rabobankkantoor in Groenlo. Er zijn meerdere ondernemersechtparen; het boerenbedrijf rust vaak op twee pijlers en man en vrouw beslissen samen. “Het onderwerp leeft enorm“, zegt Verver. “Dit is de derde bijeenkomst, en we zitten weer vol.“

De boerenbevolking vergrijst

Jan en Truus Saaltink zijn naar de bijeenkomst gekomen. Binnen vijf jaar verwachten deze zestigers het bedrijf te stoppen. “We hebben al een aantal zaken geregeld. Toen duidelijk werd dat geen van onze drie kinderen het bedrijf wilde voortzetten, hebben we de gebouwen voor de belasting overgebracht naar privé. In 2010 hebben we het varkensbedrijf afgestoten. Nu hebben we alleen nog de akkerbouwtak,“ zegt Jan. De boerenbevolking vergrijst. Van de ruim 55.000 agrarische bedrijven in Nederland zijn er 25.000 eigendom van een ondernemer die ouder is dan 55 jaar. 15.000 van hen hebben geen opvolger. “Wij helpen hen graag bij een aantal lastige en vaak emotionele keuzes“, zegt René Veldman, projectmanager Food & Agri bij Rabobank Nederland.

Vraag naar landbouwgrond

Een agrarisch bedrijf verkopen is niet eenvoudig, legt Veldman uit. “Er is wel vraag naar landbouwgrond, maar bedrijfsgebouwen zijn minder gewild. De waarde van de onderneming is vaak hoog in verhouding tot het rendement. Dat maakt het ingewikkeld om een bedrijf over te nemen. Binnen de familie zijn er wel mogelijkheden, maar als er geen opvolger is moet er een andere oplossing worden gevonden.“ Hoe serieus de problemen zijn, bleek in februari toen melkveehouders zich bij de overheid konden aanmelden voor een subsidieregeling om met hun bedrijf te stoppen. Binnen één dag schreven bijna vijfhonderd boeren zich in met in totaal 40.000 koeien, terwijl het ministerie rekende op 10.000 koeien.

Stoppen vraagt gedegen voorbereiding

Het stoppen of verkopen van het bedrijf vraagt een gedegen voorbereiding van meerdere jaren, houdt Veldman de aanwezigen voor. Hij licht vier opties toe: verkopen, stoppen en eventueel blijven wonen op de locatie, herbestemmen en iets nieuws beginnen, of doorgaan en maar zien wat ervan komt. “Maak een keuze en werk bewust naar de eindsituatie toe“, adviseert hij. Veel agrariërs verbreden hun activiteiten met bijvoorbeeld zorg, horeca of detailhandel. Dat levert extra inkomsten op en maakt het bedrijf wellicht eenvoudiger te verkopen. Sommige boeren bundelen hun krachten en bieden samen streekproducten aan, zoals Boerenhart in de Gelderse Vallei. Deze coöperatie levert rechtstreeks aan de horeca, winkels en grootverbruikers.

Beladen onderwerp

Stoppen met het bedrijf is een beladen onderwerp. Trainer en coach Rick van Asperen komt naar eigen zeggen de deelnemers aan de bijeenkomst in Groenlo ‘door elkaar schudden’. Boeren spreken boeren en voordat je het weet praat je elkaar de put in.

"Op tijd stoppen is ook goed ondernemen"

Jan en Truus Saaltink laten de informatie die ze hebben gekregen rustig bezinken, terwijl ze napraten met een kop soep en een broodje. “Het is goed om er zo eens met elkaar over te praten“, vindt Truus. Ze maken zich niet veel zorgen over de toekomst. “Een akkerbouwbedrijf ligt wat beter in de markt dan intensieve veehouderij of melkveehouderij“, zegt Jan. “We kunnen de grond eventueel in delen verkopen. Op tijd stoppen is ook goed ondernemen.“

Dit artikel verscheen in de Samenspraak van juni 2017.

Jan en Truus Saaltink

Ook interesse in een 'Geen opvolging, wat nu?' bijeenkomst voor agrarische ondernemers? Neem dan contact op met uw accountmanager.

5 tips van Goossens Tweewielers voor volop fietsplezier

Hoe haalt u nou het meeste uit uw fietstocht? Henk Beumer – eigenaar van Goossens Tweewielers en zelf fervent fietser – zet vijf tips op een rij om een ontspannen en mooie rit te maken.

1. Zonder zadelpijn

Om maar gelijk met de deur in huis te vallen: zadelpijn kan het fietsplezier behoorlijk in de weg zitten. Een goed passend zadel doet echter wonderen. Zadels zijn er in ontelbare soorten en maten, voor dames en heren, voor de sportieve en recreatieve fietser. Ook is er ondergoed met zeem te verkrijgen. Dit helpt huidklachten te verminderen.

2. Fiets gesmeerd

Een zachte band, krakende ketting, remmen die niet werken. Daar wordt fietsen niet leuker van. Zorg dat uw fiets technisch in orde is: breng de banden op spanning, smeer de ketting en controleer de versnellingen. Bij Goossens kunt u overigens terecht voor een gratis fietscheck, zodat u goed voorbereid de weg op gaat.

3. Weet de weg

Hoewel het avontuurlijk is om onbekende wegen in te slaan, is het toch handig om te weten waar u fietst. Naast de oude vertrouwde kaarthouders, kiezen steeds meer fietsers voor een GPS computer. Klein, overzichtelijk en oneindig veel (knooppunt)routes.

4. Duwtje in de rug

Een elektrische fiets geeft u net dat extra zetje bij tegenwind of als u de heuvels in gaat. De techniek van e-bikes is de afgelopen jaren sterk ontwikkeld en ook de looks zijn positief veranderd. Dat maakt deze fietsen steeds populairder. Onder alle leeftijden.

5. Geniet van de Achterhoek

En dan de laatste, maar belangrijkste tip: geniet van de omgeving. De Achterhoek is hét fietsgebied van Nederland, dus veel fietsplezier gewenst!

Dit artikel verscheen in de Samenspraak van juni 2017.

Henk Beumer

Bezoek de website van Goossens Tweewielers

Annelieke en Rik kochten hun eerste woning in Zutphen. Spannend!

Een huis kopen is altijd een grote stap. Maar als je jong bent en nog helemaal aan het begin van je carrière staat, dan is het vaak ook nog eens bijzonder spannend. Dat ervoeren Annelieke Smeenge (23) en Rik Buurmeijer (27) vorig jaar zomer toen ze na twee jaar huren in Warnsveld hun droomhuis vonden aan de Griete Wolfsstraat in Zutphen.

Maximale hypotheek

“Wij wilden heel graag weten wat wij op basis van ons inkomen aan hypotheek konden krijgen. En omdat we allebei al betaalrekeningen hadden bij de Rabobank, wilden we de hypotheek daar ook graag hebben”, begint Rik. “Ik durfde eerst nog nergens aan te denken”, vult Annelieke aan. Ik weet nog goed dat ik tegen Rik in de auto zei: “We kunnen vast niet meer dan een schuur kopen, let maar op. Maar toen kwamen we bij Kees Bilman terecht.”

Dat klinkt als een opluchting?

Rik: “Ja, dat was gelijk ontzettend leuk. Kees voelde onze situatie heel goed aan en dacht meteen met ons mee. We wilden namelijk ook graag een bouwdepot, omdat er nog het nodige aan het huis moest gebeuren.” “Tijdens het gesprek bleek dat Annelieke en Rik onvoldoende inkomen hadden om het volledige hypotheekbedrag bij de bank te lenen”, legt Kees uit. “Met een aanvullende starterslening van het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse gemeenten (SVn) kon het wel. Dat is op zich een fantastische koopoplossing voor jonge mensen, maar het proces is vrij bureaucratisch. Dat maakte de hele hypotheekaanvraag voor Rik en Annelieke super spannend.”

Waar zaten de drempels?

“Het duurde lang voordat er duidelijkheid kwam. Het SVn wilde eerst alle informatie van de bank hebben en de bank wachtte op de stukken van het SVn. Maar als er in de documenten ook maar één punt verkeerd stond, kregen we alles weer terug en lag onze aanvraag weer onderop de stapel. Ik werd daar echt heel zenuwachtig van”, herinnert Annelieke zich. “Ik was bang dat ons droomhuis alsnog aan onze neus voorbij zou gaan. Op dat moment zei Kees: ‘ik ga het allemaal voor jullie regelen’. Hij gaf ons zijn rechtstreekse e-mailadres en belde meteen terug als we vragen hadden. Zelfs in het weekend. Dat gaf een enorm goed gevoel. Op een gegeven moment kregen we van Kees het verlossende telefoontje: ‘Breng maar een bod uit.’ Hij heeft echt een hoop spanning bij ons weggenomen.”

Wanneer hebben jullie de sleutel gekregen?

“Vorig jaar oktober! We hebben eerst nog een maandje geklust, maar inmiddels zitten we hier al weer meer dan een half jaar in ons eigen huis. Het voelt zo goed! Met dank aan de Rabobank. Kees krijgt van ons een dikke 10!

Dit artikel verscheen in de Samenspraak van juni 2017.

Annelieke Smeenge, Rik Buurmeijer en Kees Bilman (Rabobank)

Lees meer over hypotheekadvies bij de Rabobank

De kracht van netwerken volgens Peter Rikken (VNO-NCW) en Chanti Janssen (Ondernemers in Bedrijf)

Dat we in de Achterhoek een gezond ondernemersklimaat hebben, blijkt onder meer uit het grote aantal ondernemersnetwerken dat in ons werkgebied actief is. Op alle denkbare niveaus weten ondernemers elkaar via deze netwerken te vinden. Om te lobbyen. Om kennis te delen. Maar vooral om samen te werken én samen beter te worden. Wij gingen hierover in gesprek met Peter Rikken, voorzitter van VNO-NCW Achterhoek en Chanti Janssen, eigenaar van Ondernemers in Bedrijf.

Maakindustrie is leidend

Ondernemingsorganisatie VNO-NCW maakt zich op nationaal en internationaal niveau sterk voor een goed ondernemers- en vestigingsklimaat. Peter Rikken, algemeen directeur van Meilink, is anderhalf jaar voorzitter van de afdeling VNO-NCW Achterhoek. “VNO-NCW is verreweg de grootste en meest invloedrijke werkgeversorganisatie van Nederland. Wij komen op voor de belangen van ondernemers. In de Achterhoek zijn we de laatste 10 jaar uitgegroeid tot het grootste zakelijke lobbynetwerk.” VNO-NCW Achterhoek telt circa 400 leden, die elkaar tijdens bedrijfsbezoeken en themabijeenkomsten kunnen ontmoeten. Rikken: “Op een reguliere VNO-NCW avond komen er gemiddeld 150 tot 200 ondernemers uit verschillende sectoren. De maakindustrie is bij ons echter behoorlijk leidend. Dat bewaak ik ook. We zijn nu bijvoorbeeld weer met de industrietafel begonnen. Bijeenkomsten waarbij alleen “Je persoonlijke ontwikkeling moet gelijke tred houden met de ontwikkeling van je bedrijf” leden aanwezig zijn die een productiebedrijf hebben. Daar is echt behoefte aan. Je kunt je dan met gelijkgestemden focussen op een bepaald thema dat speelt binnen de maakindustrie. Dat levert altijd waardevolle informatie op.”

Ondernemers in Bedrijf

In tegenstelling tot VNO-NCW is Ondernemers in Bedrijf allesbehalve een lobbyclub. “Bewust, want die zijn er al en op veel van hetzelfde zitten ondernemers niet te wachten. Wij doen dus niet aan belangenbehartiging bij overheden of andere stakeholders”, stelt Janssen beslist. “Bij ons staat maar één ding centraal en dat is ondernemers met elkaar verbinden zodat zij er zakelijk gezien beter van worden. Ze kennen heel vaak andere bedrijven in de regio niet. En daardoor zoeken ze elkaar ook onvoldoende op. Dat vind ik zonde. Daarom ben ik in 2010 met Ondernemers in Bedrijf begonnen. Inmiddels zijn we actief in 21 regio’s en hebben we 2200 leden; van eenpitters tot directeuren van grote bedrijven. En we blijven de dynamiek uitbreiden.”

Beter worden

Zowel Rikken als Janssen beschouwen netwerken als essentieel onderdeel van het ondernemerschap. “Je wordt er simpelweg beter van”, reageert Rikken. “In elk opzicht. Bij welk netwerk je ook zit, je leert van elkaar en krijgt dankzij het netwerk unieke kansen om bij andere bedrijven binnen te kijken. Ik heb dat zelf mogen ervaren toen wij bij Meilink met QRM (Quick Response Manufacturing) aan de slag gingen. Ik heb bij andere leden van VNO-NCW kunnen zien en horen hoe zij dat hebben ingevoerd en toegepast. Zo weten wij nu waar de valkuilen zitten. Dat is goud waard. Daarbij is het volgens mij cruciaal dat je persoonlijke ontwikkeling gelijke tred houdt met de ontwikkeling van je bedrijf. Ook dat is een belangrijke drijfveer om lid te worden. Dat je er uiteindelijk hele leuke persoonlijke contacten aan overhoudt is natuurlijk een mooie bijvangst.” “Netwerken is natuurlijk ook gewoon goed voor de handel”, vult Janssen aan. “Wij zien tijdens elke bijeenkomst van Ondernemers in Bedrijf nieuwe samenwerkingen ontstaan doordat mensen elkaar via ons hebben leren kennen. Bijvoorbeeld tijdens speeddates of thematafels. Wij vragen onze leden ook heel nadrukkelijk om aan te geven aan welke expertise ze behoefte hebben, of met welke ondernemers ze graag in contact willen komen. Dankzij ons grote netwerk kunnen wij heel wat deuren openen. Die toegevoegde waarde, dát verbindingselement, willen wij de komende tijd nog bekender maken onder onze leden.”

Bundelen van krachten

In dit kader pleit Janssen ook voor het bundelen van krachten van netwerkclubs. “Als ondernemersverenigingen cq. netwerkclubs zouden we zelf ook nog wel wat meer kunnen netwerken. Samen kunnen we volgens mij nog veel meer bereiken voor onze leden. De drempels mogen wel wat lager.”

De Rabobank ondersteunt

De Rabobank heeft zich op verschillende manieren verbonden aan ondernemersnetwerken in de Achterhoek. Rikken: “De Rabobanken Graafschap en Noord- en Oost-Achterhoek ondersteunen de activiteiten van VNO-NCW Achterhoek. Naast een jaarlijkse financiële bijdrage stellen beide Rabobanken hun kennis ter beschikking aan projecten die wij uitvoeren om de Achterhoekse economie te versterken.” Janssen: “Ook bij Ondernemers in Bedrijf is de Rabobank een trouw en actief lid. We hebben afgesproken dat we dit jaar samen optrekken in het organiseren van een evenement voor ondernemers in het najaar. Ook hier is dus sprake van win-win.”

Dit artikel verscheen in de Samenspraak van juni 2017.

Peter Rikken  Chanti Janssen

Bezoek de website van ondernemers in bedrijf

Bezoek de website van VNO-NCW Achterhoek

Iris Hulsteijn (23) nu al eigenaresse van een modezaak

Een eigen modezaak. Voor veel mensen een droom, voor de nog jonge Iris Hulsteijn (23) nu al de mooie werkelijkheid. Sinds 1 februari 2017 past de kersverse onderneemster met veel passie op háár winkel: Visser Mode in Vorden. “Ik voel me bevoorrecht dat ik deze succesvolle zaak verder mag uitbouwen. Deze uitdaging is mij op het lijf geschreven.”

Prima leerschool

De Achterhoekse nam het stokje over van Henco en Tineke Elbrink. “Het voelt geweldig. Inmiddels werk ik al twee jaar met veel plezier bij Visser Mode. Het was bij de start al de bedoeling om de zaak op termijn over te nemen. Ik stapte daardoor in een gespreid bedje en kreeg een prima leerschool.” Ondanks haar jonge leeftijd beschikt Iris Hulsteijn al over ervaring in de modewereld. Ze doorliep de hbo-opleiding aan de TMO Fashion Business School in Doorn, werkte al eerder in een kledingwinkel en was actief voor het bekende merk G-Star. “Een eigen zaak kwam eerder op mijn pad dan verwacht. Gelukkig kan ik rekenen op fijne collega’s. We doen het hier echt als team.”

Steeds blijven verrassen

De detailhandel heeft het nog altijd moeilijk; de crisis ging veel modezaken niet in de koude kleren zitten. De overgebleven grotere kledingwinkels in dorpen doen wel goede zaken, zo is de tendens. Ze hebben een regiofunctie en, als extra troef, vaak gratis parkeergelegenheid. Hulsteijn herkent dat beeld. “Visser Mode is een stabiel bedrijf met een trouwe klantenkring. Onze kracht zit in kwaliteit, service en persoonlijk contact. We nemen echt de tijd voor de klant en geven eerlijk en goed advies. Maar daarmee is de kous nog niet af. Een kopje koffie of thee, soms met een gebakje erbij, leuke events en een wisselend aanbod van de betere merkartikelen. Je moet in de huidige tijd iets extra’s bieden en mensen blijven verrassen. Dan zijn er genoeg kansen.” Hulsteijn wil in grote lijnen niets veranderen aan het concept van Visser Mode, maar geeft het wel een eigen ‘touch’. Hiermee hoopt ze ook de jongere generatie aan te spreken. “Het interieur heeft met enkele nieuwe kleuren een andere uitstraling gekregen en de toonbank wordt vernieuwd.”

Passend advies van de Rabobank

De overname van de zaak verliep soepel. “Het was een spannende periode waarin veel zaken geregeld moesten worden. De financiering was snel rond en Rabobank adviseurs Wouter Creutzberg en Guus Schäperclaus hebben mij veel werk uit handen genomen. Natuurlijk moet ik het nu zelf doen, maar hun betrokkenheid geeft mij veel vertrouwen voor de toekomst.”

Bekijk de website van Visser Mode

Straatman BV brengt balustrades op een steeds hoger niveau

Als specialist in balustrades, is Straatman BV uit Lichtenvoorde gezichtsbepalend voor veel gestapelde woningbouw in de grote steden van Nederland. Toch overweegt directeur Albert ten Wolde geen moment om zijn bedrijf te verplaatsen richting Randstad. “De mensen met kennis wonen hier en de werkethos is goed. Mooie dingen maken zit Achterhoekers in het bloed.“

Alles behalve een simpel product

Een balustrade lijkt in eerste instantie een simpel product, maar volgens Ten Wolde is niets minder waar. “Als je ziet wat er komt kijken bij het maken van balustrades dan ben je echt verbaasd. Architecten bedenken tegenwoordig steeds mooiere gevelplaatjes en vragen om slimme oplossingen om esthetisch en verantwoord te kunnen bouwen. Dankzij onze jarenlange ervaring kunnen wij daaraan voldoen. Wij zijn in staat om mee te denken met aannemers en architecten over constructies en materialen en weten slimme ontwerpen te maken die architectonisch gezien bijdragen aan de uitstraling van appartementencomplexen en vaak ook nog kostenverlagend zijn. Dat lukt je echt niet als je af en toe een balustrade maakt.”

Is balustradebouw inmiddels een niche?

“Absoluut, dit is een aparte markt. Bij Straatman BV maken wij balustrades voor zowel nieuwbouw- als renovatieprojecten. Meestal voor gestapelde woningbouw, maar steeds vaker ook voor transformatieprojecten waarbij kantoren worden omgebouwd naar appartementen. Dat vraagt om gespecialiseerde kennis. De grote aannemers die een beroep op ons doen kunnen zelf op dit gebied steeds minder. De mogelijkheden worden daarentegen steeds groter. Bij balustrades moet je denken aan (verdiepte) spijlen, hekwerken, lamellen, trappen, leuningen, glas- en geperforeerde panelen. Plus natuurlijk alle aanverwante producten. Om succesvol te zijn in deze branche moet je slim en snel kunnen inspelen op trends en zelf ook voortdurend innoveren.”

De bouw wordt smart?

“Dat mag je zo stellen ja. Onze productie is de afgelopen jaren compleet veranderd. Ook in de afbouw komt de toegevoegde waarde steeds meer aan de voorkant te liggen. Wij hebben veel geïnvesteerd in automatisering, met name in 3D engineering. Dat hebben wij als geen ander op de rit. Onze eigen engineers ontwerpen tegenwoordig prefab bouwstenen, met gaatjes, sleufjes, ditjes en datjes, en die onderdelen worden als halffabricaten door toeleveranciers hier binnengebracht. Hierdoor hebben wij onze productietijden enorm kunnen verkorten en tegelijkertijd onze kwaliteit in de volle breedte kunnen verbeteren.”

Op welke manier blijf je jezelf ontwikkelen?

Glimlacht: “Ik heb de ‘fout’ gemaakt dat ik de afgelopen jaren door tijdsdruk weinig cursussen heb gevolgd. Totdat ik door René Domhof van de Rabobank gewezen werd op de miniMasters van de bank. Op een gegeven moment dacht ik, ‘Ok ik doe er één’. En daar heb ik geen spijt van. Rabo miniMasters zijn cursussen van zeer hoog niveau, gegeven door mensen die hun sporen in de praktijk ruimschoots hebben verdiend. Intussen heb ik al zes miniMasters gevolgd. Van marketing tot alternatieve financiering en van innoveren tot persoonlijk leiderschap; alles is voorbij gekomen. In vijf of acht avondbijeenkomsten van vier uur krijg je veel kennis aangeboden. En omdat je de miniMasters volgt met andere ondernemers bouw je meteen een waardevol netwerk op. Ik kan het iedereen aanraden!“

Kun je iets zeggen over de toekomst?

“De focus komt nog meer dan voorheen te liggen op engineering en prefab constructie. Daarnaast willen we proberen om ook in Duitsland voet aan de grond te krijgen. Ik zie ook daar volop uitdagingen om de balustradebouw op een hoger niveau te krijgen.”

Dit artikel verscheen in maart 2017 in de Samenspraak, het ledenmagazine van Rabobank Noord- en Oost-Achterhoek.

Albert ten Wolde

Bekijk de website van Straatman BV

Stooff Interior Projects loopt voorop met vernieuwing

Hij begon in 1998 als zzp’er. Met veel gevoel voor design, een ongekende werklust en met het grenzeloze optimisme waaraan je de ware ondernemer herkent. Nu, bijna 20 jaar later, behoort Peter Stoverink met zijn bedrijf Stooff Interior Projects tot de crème de la crème van de Nederlandse interieurbouw in Nederland. Maar niet alleen vanwege zijn prachtige interieurs en projectinrichtingen…

Intelligente 3D-tekeningen

Stooff Interior Projects in Eibergen opereert in de volle breedte van de markt. “Wij doen alles, van een klein schapje van een tientje tot een compleet project van een paar miljoen euro. Van het inrichten van apotheken en hotels tot het maken van een interieur voor een particulier in Washington. We hebben zelfs complete Rabobanken ingericht, waaronder het kantoor in Aalten. Allemaal maatwerk.” Peter Stoverink is trots op de interieurs die hij maakt, maar hij is mogelijk nog trotser op de manier waarop hij ze maakt. “Wij maken gebruik van intelligente 3D-tekeningen en ‘slimme’, geavanceerde automatiseringssystemen om onze productieprocessen aan te sturen. Houten platen worden hier volledig automatisch op de machines gelegd en vervolgens met uiterste precisie machinaal bewerkt. Hierdoor kunnen wij ongelooflijk snel produceren.”

Niet de beste, wel de goeiste

Volgens Stoverink is snelheid vandaag de dag allesbepalend in de interieurbouw. “Het komt steeds vaker voor dat een architect een ontwerp maakt en vervolgens verlangt dat het gehele project twee maanden later klaar is. Wil je meedingen naar zo’n project dan moet je dat wel kunnen waarmaken. Wie het snelste kwaliteit kan leveren wint. Zo simpel is het. Zelf wil ik niet alleen de snelste zijn, maar ook de ‘goeiste’. Ja je hoort het goed: de goeiste, niet de beste. Dat mogen anderen roepen. Die bescheidenheid past bij ons als Achterhoeks bedrijf.”

Vertrouwen van de Rabobank

De beslissing om ‘smart’ te gaan produceren nam Stoverink - bijnaam Stooff - al ten tijde van de economische crisis. “Wij hebben in deze branche zeven zeer magere jaren achter de rug. De interieurbouw is in die periode meer dan gehalveerd. Wij zijn blijven groeien. Ik stelde mezelf steeds de vraag: ‘Wat moet ik doen om sterker uit de crisis te komen?’ Het antwoord was sneller, eenvoudiger en goedkoper produceren: Smart Industry. Dat betekende in ons geval fors investeren. Gelukkig geloofde de Rabobank vanaf het begin in mijn visie. Ard Somsen, onze accountmanager, heeft zijn vertrouwen in ons nooit onder stoelen of banken gestoken. Ik vind dat belangrijk; het gevoel dat je het met elkaar doet. Zowel in goede als in minder goede tijden. Rabobank Noord- en Oost-Achterhoek begrijpt dat.” Lachend: “Voor mij is er dus maar één bank.”

Bezoek de website van Stooff Interior Projects

Peter Stoverink

Het Cleantech Startersfonds helpt start-ups door de eerste fase

Op initiatief van Rabobank Noord- en Oost-Achterhoek, de gemeente Zutphen en een aantal betrokken partners uit de regio, wordt op vrijdag 31 maart het Cleantech Startersfonds Zutphen opgericht. Dit fonds is in het leven geroepen om ideeën en start-ups op het gebied van cleantech meer kans van slagen te geven. 

Stevig duwtje in de rug

Volgens directeur Bedrijven Ronald van Wetering van Rabobank Noorden Oost-Achterhoek, wordt met het Cleantech Startersfonds Zutphen weer een belangrijke stap gezet in het streven naar een duurzame samenleving. “Er worden in ons werkgebied waanzinnig goede ideeën ontwikkeld die bijdragen aan een schoner milieu of het besparen van energie. Toch is het voor banken vaak moeilijk om start-ups in cleantech op weg te helpen. Bijvoorbeeld omdat starters nog niets kunnen laten zien, of omdat de concepten nog heel prematuur zijn. Zolang er onduidelijkheid is omtrent de haalbaarheid van ideeën zijn ze regulier moeilijk te financieren.” Desondanks heeft Rabobank Noord- en Oost- Achterhoek net als de gemeente Zutphen van cleantech een speerpunt gemaakt. “Wij geloven in de kracht van deze innovatieve sector en het belang ervan voor de economie in deze regio. Dankzij dit nieuwe fonds kunnen starters in cleantech een stevig duwtje in de rug krijgen.”

Een volledig onafhankelijk fonds

Van Wetering benadrukt dat het Cleantech Startersfonds Zutphen géén Rabobank fonds is. “Wij zijn initiatiefnemer en doneren € 240.000,- coöperatief dividend in het fonds. Een onafhankelijke stichting gaat het geld beheren. Het Cleantech Startersfonds Zutphen staat open voor álle starters in cleantech, ongeacht bij welke bank ze bankieren.”

€ 490.000,- beschikbaar voor leningen

Het Cleantech Startersfonds Zutphen gaat van start met € 490.000,-. De gemeente Zutphen draagt € 250.000,- bij. Wethouder René Sueters: “Het is fantastisch dat er nu een groep ondernemers met expertise is die kredietaanvragen in cleantech op zijn merites kan beoordelen. Dat vergroot de kans dat goede ideeën verder worden uitgerold, nieuwe

cleantech bedrijven zich gaan vestigen in Zutphen en de werkgelegenheid toeneemt.” Een van die regionale ondernemers met kennis van zaken is Nico Groen. Als voorzitter van het stichtingsbestuur wordt hij mede verantwoordelijk voor het al dan niet toekennen van krediet. “We hebben het dan over achtergestelde leningen; het geld moet wel

worden terugbetaald. We verstrekken starters daarnaast advies. Iemand kan heel goed zijn in techniek, maar cruciale competenties op andere terreinen missen. Onderdeel van de financieringsafspraak kan dan zijn dat die ondernemer zich op die minder sterke gebieden laat ondersteunen. Er is gelukkig alleen al op de Mars in Zutphen veel expertise beschikbaar.”

Cleantech Center

Groen doelt daarbij onder meer op het Cleantech Center, waar rasondernemer Henk Jansen de aanjager van is. “Dit is een broedplaats van innovatieve ideeën. Behalve inspiratie bieden wij start-ups een krachtig netwerk aan van organisaties die thuis zijn in de wereld van cleantech. De bedrijven die hier komen, dagen elkaar voortdurend uit en helpen nieuwkomers maar al te graag om die oh zo moeilijke opstartfase, de ‘valley of death’ door te komen. Met het Cleantech Startersfonds Zutphen wordt dat weer een stukje makkelijker”, vertelt Jansen enthousiast. Het Cleantech Startersfonds Zutphen wil het komende jaar circa vijf serieuze start-ups ondersteunen met een lening. “Als dat lukt doen we het goed. Zoals we het nu inschatten zal er per keer een financiering tussen de € 5.000,- en € 50.000,- beschikbaar worden gesteld. Het is durfkapitaal dus er zal ook een redelijke rente worden berekend”, aldus Groen. “Alle bestuurders en betrokkenen bij het fonds verrichten hun werkzaamheden om niet”, vult Van Wetering aan. “Zo zijn de opstartkosten beperkt gebleven door deskundige adviezen van onder andere Bax advocaten belastingkundigen en DWR Notarissen. De website wordt kosteloos gebouwd door het Zutphense internetbedrijf Portablegear en BDO levert een grote bijdrage in het financiële beheer van het fonds.”

Opschaling is gewenst

Hoewel het fonds een Zutphens initiatief is, kijkt wethouder Sueters al wat verder. “Het zou mooi zijn als dit idee wordt opgeschaald en ook door andere partijen wordt omarmd. Ik denk dan bijvoorbeeld aan de provincie Gelderland of de Cleantech Regio. Hoe meer geld er voor innovaties beschikbaar komt, hoe meer ideeën er van de grond komen. Daar profiteert uiteindelijk de hele samenleving van.” 

Dit artikel verscheen in maart 2017 in de Samenspraak, het ledenmagazine van Rabobank Noord- en Oost-Achterhoek.

Cleantech Startersfonds

Meer informatie en aanmelden voor het Cleantech Startersfonds

Venhorst Fourage investeert in innovatieve ‘hooifabriek’

In het Achterhoekse Megchelen runt Louis Venhorst samen met zijn kinderen Angélique en Michel een florerend familiebedrijf in fourage producten (voer voor paarden).

Onlangs ging een lang gekoesterde wens in vervulling en werd een zelf ontwikkelde productielijn in gebruik genomen voor een unieke innovatie: stofarm gebundeld Duits kruidenhooi. Een product dat zijn weg vindt in de top en subtop van de internationale paardensport.

Stofarm hooi

Al jaren liep Louis rond met het idee een ‘hooifabriek’ te ontwikkelen. Samen met zijn zoon Michel en werknemer Dennis bouwde hij helemaal naar eigen idee een productielijn waarmee grote balen Duits kruidenhooi worden omgepakt naar kleine baaltjes, waarvan er vervolgens 21 worden gebundeld tot één grote baal. In dit proces worden kleine, losse deeltjes afgevoerd en de afzuiginstallatie zorgt bovendien voor stofarm hooi. Dankzij het ompakken in bundels is lossen met een hooivork verleden tijd.

Duits kwaliteitshooi

Het bedrijf levert aan de top en subtop van de Nederlandse paardensport en aan particulieren via een landelijke bezorgdienst voor kleinere hoeveelheden. Maar ook in Duitsland, België, Spanje, Bahrein en Koeweit eten toppaarden het kwaliteitshooi van Venhorst. Louis: “Paarden hebben kwalitatief hoogwaardig hooi nodig met de juiste vezels om de speekselopbouw en daarmee de darmflora te bevorderen. Ons hooi is afkomstig van Duitse bergweiden uit zogenaamde ‘Naturschutzgebiete’ en is heel zuiver en niet bewerkt met (kunst)mest.”

Makkelijk hanteerbare baaltjes

“Iedereen die op stal werkt, wil graag met kleine baaltjes hooi werken omdat het eenvoudiger te hanteren is. Bovendien kun je beter doseren, waardoor het paard precies de juiste hoeveelheid krijgt, wat ook leidt tot besparing in de ruwvoerkosten.” Louis zag dan ook de vraag naar kleine baaltjes hooi toenemen, terwijl het aanbod van zijn Duitse leveranciers steeds kleiner werd gezien de arbeidsintensiviteit. Lange tijd maakte het bedrijf daarom zelf kleine baaltjes hooi door grote balen hooi uit te rollen rondom de opslagloods. Maar dat is nu verleden tijd. De ‘hooifabriek’ had wel wat voeten in de aarde. Louis: “We hebben heel wat gesleuteld en uitgeprobeerd voordat het liep. Soms hadden we één probleem opgelost, kregen we er drie voor terug! Maar samen is het ons gelukt.” “Dat is ook de kracht van ons bedrijf”, vult dochter Angélique aan. “We zijn een echt familiebedrijf en maken er samen iets moois van.”

Kansen in de markt

Rabobank Noord- en Oost Achterhoek heeft een belangrijke rol gespeeld in het verwezenlijken van de droom. “We kregen het volledige vertrouwen. Het accountteam Michel Grootholt en Jos Jansen begreep wat we wilden en stond helemaal achter ons plan, mede door de kennis en feeling met onze sector. Dankzij hen konden we onze ideeën daadwerkelijk uitvoeren.”

Een grote zandbak

Louis Venhorst Fourage wil nog verder doorgroeien in de Verenigde Arabische Emiraten. Jaren geleden was Louis al meerdere malen in Dubai, waar hij grote stallen met toppaarden aantrof midden in de woestijn. “Eén grote zandbak, waar niets groeit, met heel veel paarden. Ze hebben ons product geprobeerd en waren heel enthousiast. Vanaf dit punt gaan we verder bouwen aan de toekomst van ons bedrijf. Door deze investering ligt ook de weg naar ‘de grote zandbak’ verder open, omdat we veel gemakkelijker containers kunnen laden. De verwezenlijking van de ‘hooifabriek’ maakt dat we met ons bedrijf een mooie stap vooruit maken.”

Dit artikel verscheen in maart 2017 in de Samenspraak, het ledenmagazine van Rabobank Noord- en Oost-Achterhoek.

Ga naar de website van Venhorst Fourage

Brandstof betalen met je mobiel bij Brand Oil

Contactloos betalen of betalen via de mobiele telefoon wordt steeds gewoner. Reden voor Brand Oil om te starten met een proef, waarbij klanten voortaan de brandstof kunnen afrekenen met hun mobieltje. Op twee tankstations, aan de Oostzeestraat in Zutphen en de Anklaarseweg in Apeldoorn, is alles gereed gemaakt voor mobiel tanken met de MyOrder-app.

Groeimodel

“Feit is dat mensen in het algemeen meer haast hebben. Ze willen brandstof tanken en weer op pad. De MyOrder-app maakt dat mogelijk en het werkt echt heel eenvoudig,” vertelt commercieel manager van Brand Oil, Arjen Sietsma. “De klant selecteert vanuit de auto op de mobiele telefoon het tankstation, het pompnummer, het bedrag en betaalt vervolgens direct in de app.” Brand Oil introduceert MyOrder op twee tankstations. “Waarom niet op alle 70? Omdat we eerst willen kijken of onze klanten er gebruik van maken. We hebben gekozen voor een proef op een bemand en een onbemand station. Mobiel tanken is een interessante ontwikkeling, maar moet nog groeien. Zien mensen het voordeel ervan in? Voegt het iets toe? Hoeveel mensen gaan er gebruik van maken? Dat gaan we de komende tijd ervaren.”

Verse broodjes

In het moderne station aan de Oostzeestraat in Zutphen is het een komen en gaan van klanten. De shop is ruim opgezet en het ruikt er heerlijk naar vers brood. Klanten die de mobiele app gebruiken komen echter niet meer naar binnen. Sietsma zegt hierover: “Natuurlijk willen we graag dat onze klanten de shop binnen komen en zich laten verleiden tot een aankoop. We willen echter onze ogen niet sluiten voor nieuwe ontwikkelingen als mobiel tanken.” Via MyOrder kan er bij bemande stations cross selling worden ingezet. Wanneer een tanksessie is voltooid krijgt de klant die mobiel betaald heeft bijvoorbeeld een bon voor een gratis kop koffie of korting op een product in de shop.

Goed geregeld

Brand Oil heeft de MyOrder-app zelf uitgebreid getest. “Wat we onder andere uitvoerig getest hebben, is hoe snel mensen hun geld terugkrijgen als ze minder tanken dan het gekozen bedrag. In de MyOrder-app moet je namelijk een bedrag aangeven voordat je gaat tanken. Als je minder tankt, staat het restant in no time weer op je rekening. Het is gewoon goed geregeld.”

Trendsetter

Het is niet vreemd dat Brand Oil start met mobiel tanken. Trends in de markt worden door Brand Oil altijd al op de voet gevolgd. Zo was het bedrijf 15 jaar geleden één van de voorlopers met onbemande stations. “Ook met de nieuwe shop aan de Oostzeestraat zijn we vrij trendsettend,” zegt Sietsma niet zonder trots. “De indeling wijkt af van gebruikelijk. Aan de ronde balie in het midden kunnen klanten zowel hun brandstof afrekenen als een broodje bestellen. We zien nu dat meer stations voor zo’n opzet kiezen.” Op dit moment kan in Nederland op meer dan 250 tankstations getankt worden met de MyOrder app.

Bezoek de website van Brand Oil

Hoe werkt mobiel tanken met MyOrder

Download de MyOrder-app in de App Store of Play Store. De app bepaalt automatisch de locatie, het dichtstbijzijnde tankstation komt bovenaan de lijst. Selecteer in de app het pompnummer, het gewenste tankbedrag en betaal vervolgens direct in de app. Mobiel betalen kan met iDEAL, PayPal, creditcard of met de MyOrder SmartWallet.

Dit Artikel verscheen in maart 2017 in de Samenspraak, het ledenmagazine van Rabobank Noord- en Oost-Achterhoek.

Lees meer over mobiel tanken met MyOrder

Golfclub ‘t Zelle draagt al 25 jaar bij aan de vitaliteit van deze regio

25 jaar geleden werd, mede op initiatief van de baron Van Dordth tot Medler, een 9-holes golfbaan aangelegd op het schitterende landgoed 't Zelle. Inmiddels is Golfclub ’t Zelle uitgegroeid tot een van de mooiste golfbanen van Nederland. “In 2005 hebben wij er een prachtige 18-holes baan en een volwaardige 9-holes Shortgolf/Par3 baan bijgekregen.”

Gezonde vereniging

Paul Baumann is vereerd dat hij op 10 april 2017 het 25-jarig jubileum van de golfclub als voorzitter mag meemaken. “Wij zijn een gezonde vereniging en zien ons ledenaantal de laatste jaren - tegen de landelijke trend in - nog altijd groeien. Golfclub ’t Zelle telt momenteel ruim 900 betrokken leden. 95% daarvan is particulier lid. De swing zit er hier dus goed in.”

Hoe krijgen jullie dat voor elkaar?

“Mensen moeten tegenwoordig langer werken dan een jaar of tien geleden; zij vragen zich terecht af of ze het qua tijd wel redden om twee of drie keer per week vier uur de baan op te gaan. Om daarop in te spelen hebben wij het Par3 lidmaatschap geïntroduceerd. Dat is ideaal voor de beginnende golfer en voor liefhebbers van shortgolf. Daarnaast kennen wij het 9-holes lidmaatschap voor de grote baan. Ook dat is voor veel mensen aantrekkelijk. Met name dames en oudere leden vinden zo’n kortere golfronde vaak prettiger. Ik verwacht dat die ‘9-holes’ op termijn zelfs onze grootste ledengroep wordt.”

Een mooie manier om de club vitaal te houden…

“Ja en tegelijkertijd onze leden. Onderzoek toont aan dat golfers vijf jaar langer gezond leven. Wist je dat 25 tot 30% van onze leden 70 jaar of ouder is? Het oudste lid dat nog actief golft bij ons is 88. Dat is toch fantastisch! Het is een maatschappelijk belang om mensen vitaal en in beweging te houden.“

Dat sluit natuurlijk perfect aan bij de visie van de Rabobank?

“Daarom zijn wij ook blij dat de bank zich weer als hoofdsponsor aan ons heeft verbonden”, aldus Baumann. “Met de uitstraling en de financiële steun van de Rabobank kunnen wij onze rol in de regio goed blijven spelen.” Hans Horstink, teamleider Grootzakelijk van Rabobank Noord- en Oost-Achterhoek beaamt dat: “Een golfbaan zoals ’t Zelle verhoogt het aanzien en de leefbaarheid in deze regio. Daarom zijn wij samen met Rabobank Graafschap ook de komende twee jaar weer met veel plezier hoofdsponsor van golfclub ’t Zelle.”

Bekijk hier de ledenaanbieding van Golfclub ‘t Zelle

Golfclub 't Zelle

Geef kleur aan je leven met tekentaal

“Een boeiende manier om met jezelf in gesprek te gaan.” Zo omschrijft Josée van der Staak in één zin de kracht van tekentaal. De docent/ therapeut uit Vorden helpt mensen om zichzelf beter te leren kennen en eventuele knelpunten op te lossen. “Het is mooi om te zien wat je met tekenen bij mensen los kunt maken.”

Creatieve bewustwording

Van der Staak werkt vanuit haar eigen atelier Amare in Vorden. “Tekentaal is een vorm van therapie waarbij je op kunstzinnige wijze uitdrukking geeft aan emoties en gedachten. Therapie klinkt zwaar, daarom noem ik het liever creatieve bewustwording”, aldus Van der Staak. “Tekentaal is ideaal voor mensen die bewuster in het leven willen staan. Of die bepaalde levensstijlen willen veranderen waardoor ze zich prettiger voelen. Door mensen situaties te laten tekenen, kun je op papier heel snel zien waar eventuele problemen en oplossingen zitten.”

Interessant. Hoe werkt dat?

“Laat ik een voorbeeld schetsen. Ik vraag: ‘Hoe ziet jouw boom er in het voorjaar uit?’ Iemand tekent vervolgens een boom vol vruchten zonder wortels. Dan liggen de vragen voor mij voor het oprapen; hoe krijgt deze boom voedsel? De boom staat voor de mens zelf. Het voorjaar staat voor nieuwe knoppen. Als tekentaal docenten lezen wij de tekening o.a. vanuit KIEST. Dit staat voor Kleur, Interactie, Energie, Symboliek en Tijd-ruimte. De antwoorden komen uit de tekenaar en op basis daarvan ga ik vervolgens coachen.”

Maar niet iedereen kan tekenen…

“Je hoeft ook geen Rembrandt te zijn om bij mij te tekenen. Iedereen kan een potlood of penseel vasthouden. Het gaat erom dat je spelenderwijs met mooie materialen uitdrukking durft te geven aan wat er – vaak onbewust – bij je leeft. Aan de tekening kun je vervolgens zien waar ‘het’ zit. Voor alle duidelijkheid: dat hoeft geen probleem te zijn. Het kan ook de ontdekking van iets moois zijn. Ik kijk naar hóe iemand tekent; naar de beweging. Naar de interactie tussen de lijnen en vormen. Naar kleurgebruik. Ja, zelfs de plek op het papier waar iemand tekent is veelzeggend. De oplossing zit altijd in de tekening. Met tekentaal houd je jezelf dus altijd een spiegel voor.”

Wat zou je de leden van de Rabobank voor willen houden?

“Ik vind het fantastisch dat de bank met dit artikel ruimte creëert voor tekentaal. Want tekentaal helpt om knopen te identificeren en te ontwarren en zo mensen verder te helpen. Kortgezegd hoop ik met deze taalvorm dus ook voor de leden van de bank iets te kunnen betekenen!

Tekentaal

Bezoek de website van Josée van der Staak

Contact

24 uur per dag bereikbaar via telefoon en chat.


Particulieren


Bedrijven