Laatste loodjes voor Ierland

Slechte leningen moeten lager, maar groot vertrouwen in goede afloop

Beleggingsnieuws

Bijna tien jaar na de kredietcrisis moeten veel banken nog altijd hun balansposities versterken. Zo ook de Ierse banken, die in 2010 bijna failliet gingen door de onevenwichtigheden in de economie (vastgoed) en de financiering met kortlopende buitenlandse gelden. Omdat staatssteun volgens de Europese regels niet geoorloofd was, koos Ierland voor een constructie met een ‘bad bank’. Deze deels private instelling, NAMA, kocht activa op bij banken tegen een forse korting. Ierland heeft veel moeten bezuinigen maar kreeg meer clementie dan Griekenland door de grote omvang van de bankleningen, die vooral bij niet-Ierse banken uitstonden, het economische belang van het land en de gezondere overheidspositie bij aanvang van de crisis. Ierland zette snel in op andere sectoren, innovatie en export en daardoor kon de groei snel aantrekken. Ondanks de succesvolle geleidelijke verkoop door NAMA en de hoge economische groei, heeft Ierland nog stappen te zetten. De slechte leningen komen uit op bijna 14% van alle uitstaande leningen. Eind volgend jaar moeten de banken op maximaal 5% uitkomen en wordt de NAMA ontbonden. De gevolgen van de Brexit en het handelsconflict, de discussie over de lage Ierse belastingtarieven en de nieuwe onroerend goed opleving zijn andere zorgen. Toch is de kans dat Ierland opnieuw tot de periferie zal behoren klein door de betere economische focus, de innovatieve bedrijven en de hoog opgeleide bevolking. De markt heeft vertrouwen in Ierland: de rente op Ierse 10-jaars leningen ligt op 0,85%, net iets boven die van Frankrijk en België. Italië kent een hogere rente en meer slechte leningen.

Utrecht, 27-08-2018

Terug naar Beleggingsnieuws