Onrustige week door rentebeweging

In de Verenigde Staten stijgt de rente al het hele jaar.

Beleggingsnieuws

In de Verenigde Staten stijgt de rente al het hele jaar. Tot vorige week trokken aandelen zich niets aan van die rentestijging. Een hogere rente is niet automatisch slecht voor aandelenmarkten. Uit het verleden blijkt dat een stijging van de rente aanvankelijk juist gepaard gaat met hogere waarderingen. Rente is een vergoeding voor inflatie en de reële groei. Hogere rentes zijn vaak een afspiegeling van hogere verwachtingen ten aanzien van de lange termijn economische groei.

De recente stijging van de rente komt volledig voor rekening van de reële rente. Inflatieverwachtingen stijgen niet. Sinds juni 2013 bewoog de reële tienjaarsrente in de Verenigde Staten binnen een relatief smalle bandbreedte van 0 tot 0,9%, maar vorig week steeg die tot boven de 1%. Elke uitbraak uit een bandbreedte zorgt voor onzekerheid, vooral nu de uitbraak niet gepaard gaat met hogere inflatieverwachtingen. Een hogere reële rente is goed voor aandelen als dit wordt veroorzaakt door meer optimisme over de productiviteitsontwikkeling (de enige echte manier om de reële economische groei omhoog te krijgen). Dat is goed voor aandelen, maar er zijn ook verklaringen met een negatief effect. Minder vraag naar Amerikaanse obligaties bijvoorbeeld, omdat het afdekken van de Amerikaanse dollar erg duur is geworden. Het aanbod van Amerikaanse staatsobligaties neemt toe doordat het begrotingstekort boven de 4% is uitgekomen. Elke maand verkleint de Fed haar positie in Amerikaanse staatsobligaties met $ 50 miljard. De aandelenwaardering kan omhoog wanneer de reële rente stijgt, maar dan wel in combinatie met hogere inflatieverwachtingen. Die bevestigen immers dat de rente stijgt door meer optimisme ten aanzien van economische groei op lange termijn. Door de recente rentestijging is de rentecurve steiler geworden, waardoor men zou kunnen stellen dat de kans op een recessie is afgenomen. Een sterke daling op aandelenmarkten (bear-market) gaat bijna altijd gepaard met een recessie.

Indien de hogere reële rente gevolgd wordt door hogere inflatieverwachtingen, kan dit betekenen dat de draai van groei naar value, van ontwikkelde markten naar opkomende markten en van de VS naar aandelen buiten de VS is ingezet. Daarmee zou ook het leiderschap van Big Tech eindigen. Puur op basis van waardering lijkt dat wat vroeg. De Nifty Fifty hadden begin jaren zeventig op de top een gemiddelde k/w van 45, TMT-aandelen hadden in 2000 een k/w van 60 en de Topix had op de top in 1989 een k/w van 50. Op de huidige k/w van 29 voor Big Tech is er nog ruimte. De kans op een sterke daling van de aandelenmarkt is evenals een recessie onwaarschijnlijk, maar de vraag ten aanzien van het marktleiderschap kan pas over enkele maanden worden beantwoord.

Utrecht, 15-10-2018

Terug naar Beleggingsnieuws