Publicatiedatum: 15 juni 2020

Voor een antwoord op de vraag of factorbeleggen nog wel werkt, moeten we terug naar de onderliggende bron waarom aandelen met bepaalde karakteristieken een premie op de lange termijn geven. De bron voor de factorpremies wordt hoofdzakelijk ingedeeld in drie categorieën: risicogebaseerde verklaring (compensatie voor faillisementsrisico voor value en liquiditeitsrisico voor small caps), gedragsverklaring (bv. angst voor carrièrerisico) en institutionele beperkingen (bv. beperkingen ten aanzien van vreemd vermogen).



Zolang we bijvoorbeeld zien dat het carrièrerisico (met te veel focus op de korte termijn) in de assetmanagementindustrie niet structureel getackeld isl beleggers de voorkeur geven aan grote en liquide aandelen in tijden van stress en in bepaalde gevallen doorschieten in het inprijzen van faillisementsrisico’s, zullen factorpremies te realiseren zijn. Ook kunnen we ervan uitgaan dat in de toekomst aandelen met potentiële hoge uitschieters naar boven, en helaas ook naar beneden, de voorkeur krijgen.



Dit heeft als gevolg dat groeiaandelen soms voor een lange periodebeter presteren dan waardeaandelen. Sinds 2011 zien we een behoorlijke outperformance van groeiaandelen. Dit is de langste reeks van jaren, waardoor steeds meer beleggers twijfelen aan de factor waarde. De voornaamste redenen voor deze periode van outperformance zijn de zorgen over de economische groei sinds 2011 en de periode van alsmaar dalende rentes. In een dergelijke omgeving geven beleggers de voorkeur aan bedrijven met een veelbelovende groei. Op dit moment vindt je dit soort bedrijven in de techsector, de hofleverancier voor groeiaandelen.



Maar groeiaandelen bestaan uit meer dan alleen techbedrijven. Zo bestaat de MSCI World Growth Index naast 30% IT uit de sectoren consument cyclisch (15%), gezondheidszorg (15%) en industrie en dienstverlening (10%). De IT-sector is ook het grootst in de MSCI World Enhanced Value index met een gewicht van 20%, 10 procentpunt minder dan in de groei-index. Op plek drie in de waarde index staat de sector financieel met een gewicht van 13%, overduidelijk meer dan de 5% voor de groei-index. De belangrijkste karakteristiek van groeiaandelen is de hoge prijs in relatie tot de winsten, vanwege de impliciete hoge verwachtingen van beleggers voor de groei op lange termijn.



Het is vaak de overschatting door beleggers van groeibedrijven als groep en de onderschatting van waarde-aandelen als groep die ertoe leidt dat waarderingsverschillen doorschieten en uiteindelijk corrigeren, waardoor waarde-aandelen op de lange termijn een rendementspremie weten te realiseren. De keerzijde hiervan is dat het lang kan duren. Een multifactorstrategie heeft daarom de voorkeur boven één factor, vanwege het dempende effect van de combinatie van de verschillende factoren.



Maar de factor waarde kan alsnog een bovengemiddelde stempel drukken op een multifactor-strategie van een manager. Om dit risico af te zwakken, hebben wij recent twee differentiërende multifactorstrategieën geselecteerd, waardoor value minder overheersend is dan voorheen.

Factorbeleggen: werkt het wel of niet?

Terug naar Beleggingsnieuws