Het gaat goed met de banken, maar niet goed genoeg

Het gaat goed met de banken, maar niet goed genoeg

De beslissing van het Spaanse Santander om een coco die op 98% noteerde niet vervroegd af te lossen, heeft in de media de nodige verbazing gewekt. Hoewel de grootste bank van Spanje ruim in de buffers zit met een fully loaded common equity tier 1 ratio van 11,3%, en recent had aangetoond dat het nieuwe coco’s kon uitgeven, werd ervoor gekozen om de call niet uit te oefenen, zodat de coco nog ten minste vijf jaar doorloopt. Dat is een breuk met het verleden toen banken dergelijke calls wel uitoefenden onder het motto dat de 2% die men dan uitspaarde, in de toekomst tot hogere opslagen op andere uitgiftes zouden leiden. Dat mag dan zo zijn, de toezichthouder zit bovenop deze beslissingen en zal het niet gauw goed vinden dat een bank een cadeautje van 2% uitdeelt aan de houders van dergelijk diep achtergesteld kapitaal.

De consequenties voor de coco-markt zijn niet ernstig. Daags erna kon Svenska een coco uitgeven met een coupon van 6,25% in US$. De andere Spaanse grootbank, BBVA, gaf een achtergestelde lening met een vaste einddatum uit met een coupon van 2,575%. Ook de beleggers in de getroffen coco hoeven niet te treuren. De coupon wordt voor de komende vijf jaar gereset op de 5-jaarsrente met een krediet¬opslag van 5,41%. Over vijf jaar zal er weer zo’n call-moment zijn. Het is goed voorstelbaar dat Santander de coco dan wel zal aflossen. Ofwel omdat de kredietopslagen tegen die tijd zijn gedaald, maar vooral omdat het goed denkbaar is dat de toezichthouders tegen die tijd de grens waarbij coco’s in aandelen worden omgezet, heeft opgeschroefd van de huidige 5,125% naar een hogere eis van bijvoorbeeld 7%. Dan verliest de coco zijn bufferfunctie en wordt die te duur voor de bank.

Het gevaar is dat de focus op de balans het perspectief weg¬neemt op betere rendementen op het geïnvesteerd vermogen voor aandeelhouders. Banken zijn immers ook steeds meer wars van risicovolle uitzettingen en activiteiten. Bovendien blijken banken nog steeds geconfronteerd te worden met grote boetes voor vergrijpen uit het verleden. De cruciale factor voor de performance van de bankaandelen is echter de aanhoudende negatieve rente. Toen het sentiment op de Europese obligatie¬markt omsloeg, kwamen de koersen van banken vorig jaar werkelijk onder druk. De afgelopen jaren hebben de banken de druk op de resultaten van de negatieve rente, die ze moeilijk kunnen doorberekenen aan hun klanten, kunnen compenseren door lagere kredietverliezen. Die periode is nu voor de meeste landen achter de rug. Voor een stevig herstel van de sector is daarom zicht op beëindiging van de periode van negatieve depositotarieven, noodzakelijk. Helaas is het moment van rentenormalisatie steeds verder achter de horizon verdwenen. Daarom lijken beleggers beter af in coco’s dan in de aandelen van Europese banken, hoe goedkoop die ook ogen. De premie van circa 3% die coco-beleggers krijgen boven de vergoeding op reguliere achtergestelde obligaties, is bijzonder fors in vergelijking tot het additionele risico.

Terug naar Beleggingsnieuws

Zelf regelen & Contact

Zelf regelen Contact Chat Bel ons