Het opvallendste aan 2019 was niet dat het een van de beste jaren voor aandelenmarkten was sinds 2009. Over twee jaar gemeten was de stijging namelijk allesbehalve exceptioneel: 19% voor de AEX en 15% voor de MSCI All Countries World Index (MSCI ACWI) in dollars. Dit past goed in de lange termijn trend. Veel opmerkelijker was de winst op de obligatiemarkten, waar ondanks het verkrappende beleid van de centrale banken de lange rente bleef dalen. En dat terwijl rente juist steeg toen de centrale banken hun beleid versoepelden.

De draai in de markt aan het eind van de zomer van 2019 oogt nog steeds als een veelbetekenende omslag. Toen kenterde het sentiment op de aandelenmarkten met het vooruitzicht van enige rust aan het geopolitieke front. Sindsdien is de trend van een dalende rente gekeerd. De tienjaarsrente in Duitsland steeg van -0,7% eind augustus tot -0,3% nu, wat een koersverlies betekent van 5% voor de Duitse Bund. De Bloomberg Barclays Euro Aggregate Bond Index, waarin alle investment grade obligaties in euro zijn opgenomen, sloot het jaar met een op zich goede winst van 6,0%. Vier maanden daarvoor stond de index echter nog op een winst van 9,6%. Dat zijn grote uitslagen voor de index, die een stabiele basis van een portefeuille moet vormen.

Een groot risico waar beleggers al geruime tijd tegenaan hikken, is dat de economische cyclus in de Verenigde Staten (VS) en de stijgende trend in Amerikaanse aandelen al tien jaar voortduurt. Daardoor bereiden beleggers zich voor op het einde van de cyclus, inclusief een recessie in de VS en een dalende trend in aandelen. Dat gevaar is nog aanwezig, maar het is minder groot dan een jaar geleden. Centrale banken waren een jaar geleden aan het verkrappen en hebben inmiddels de rente verlaagd en hun bereidheid getoond om meer maatregelen te nemen. De VS en China sluiten binnenkort een eerste fase overeenkomst en hoewel er weinig reden is om aan te nemen dat het protectionisme afneemt, lijkt verdere escalatie te worden vermeden. Het begrotingsbeleid van overheden in de Europese Unie (EU), Japan en het Verenigd Koninkrijk (VK) is ook meer gericht op groei te stimuleren. Ook zijn de economische data sinds november aan de beterende hand. Een terugslag naar het niveau van eind 2018 is dan ook niet langer de grootste angst voor beleggers.

De grote vraag voor beleggers is nu in hoeverre de rentestijging doorzet. De Duitse tienjaarsrente is immers pas sinds mei negatief en stond in februari van 2018 nog op 0,75%. Betere economische data en afnemende politieke angst kunnen voor aanhoudende rentestijging zorgen. Voorlopig lijkt de basis daarvoor nog niet sterk genoeg, onder andere doordat de inflatie nog laag is en de centrale banken nog lang niet bereid zijn om aan renteverhoging te denken. Mocht de rentestijging desondanks momentum houden, dan kan het een zichzelf versterkend effect hebben. Obligaties zijn namelijk fors overgewaardeerd en een rentestijging neemt de noodzaak voor nieuwe rentehedging bij bijvoorbeeld pensioenfondsen weg.

Het sleutelmoment voor de obligatiemarkten

Terug naar Beleggingsnieuws