Voor beleggers is productiviteit belangrijk

Productiviteit bepaalt in grote mate het rendement dat beleggers op lange termijn kunnen realiseren. Periodes met lage productiviteit kunnen samengaan met bovengemiddelde rendementen. Maar dat proces is onhoudbaar op de lange termijn. Beleggers dienen dan ook rekening te houden met lagere rendementen als de productiviteitsgroei in de wereld niet verbetert. En die valt al geruime tijd tegen. De arbeidsproductiviteit in de VS is in het derde kwartaal onverwachts gedaald met 0,3% omgerekend naar een jaar. Dit was de grootste daling in vier jaar tijd. Van 2007 tot en met 2018 is de arbeidsproductiviteit in de VS met gemiddeld 1,3% gegroeid. Dit was in de periode 1950 tot en met 2007 nog ruim 2%.

Dat de productiviteitsontwikkeling sinds de Grote Financiële Crisis (GFC) tegenvalt, is een fenomeen waar veel ontwikkelde economieën last van hebben. En niet alleen in de industrie maar ook in de dienstensector. Zo bedroeg de arbeidsproductiviteitsgroei in de periode 1950 tot 2007 in Japan gemiddeld genomen 4,6%, in Duitsland 4%, in Frankrijk 3,5% en in het VK 2,5%. Sinds de crisis is de productiviteitsgroei voor veel landen onder de 1% uitgekomen of zelfs helemaal niet gegroeid. En hoewel de groei vlak voor de financiële crisis hoger was dan in de afgelopen 10 jaar, liep de productiviteitsgroei in de jaren voor de crisis ook al wat terug. Deze ontwikkeling roept veel vragen op, aangezien er in de afgelopen jaren met de opkomst van onder andere het internet, robotica, kunstmatige intelligentie en cloud computing juist een versnelling van de productiviteitsgroei verwacht werd.


Er worden door economen een aantal oorzaken genoemd voor deze zogenaamde productiviteitsparadox. Een veel gehoorde verklaring sinds de GFC is het negatieve effect van extreem lage rentes. Die dragen eraan bij dat het proces van creatieve destructie verstoord wordt. Zo wordt het effect van zeer productieve bedrijven teniet gedaan door bedrijven die juist een zeer lage productiviteit kennen. Deze bedrijven die eigenlijk bij een normale rente niet zouden overleven, worden op deze wijze in leven gehouden. Een andere verklaring die hiermee samenhangt, is dat sinds de GFC de onzekerheid groot is gebleven. Er zijn nog altijd zorgen over de politieke situatie in de wereld en de opgelopen schulden. Bedrijven zijn daarmee huiverig om te investeren en dat gaat ten koste van de arbeidsproductiviteit. Er wordt ook gewezen op de ‘skill gap’; een mismatch tussen de vaardigheden van werknemers en de vaardigheden die nodig zijn om het maximale te halen uit wat technologie te bieden heeft.
Aan de andere kant worden er ook vraagtekens geplaats bij de wijze waarop we productiviteit meten. Diensten waar vroeger voor betaald werd, zijn nu gratis, zoals whatsapp berichten. Die vallen dus buiten de BBP cijfers. Hoe dan ook de productiviteitsontwikkeling valt al geruime tijd tegen, en er zijn weinig signalen die wijzen op verandering. Dit wijst erop dat de periode van bovengemiddelde rendementen onhoudbaar is.

Productiviteitsparadox houdt aan

Terug naar Beleggingsnieuws