Op naar een duurzaam digitaal netwerk

Publicatiedatum: 9 april 2020
Auteur: Rishma Moennasing

Het coronavirus houdt in de eerste drie maanden van dit jaar de wereld in haar greep. Om de verdere verspreiding van het virus te voorkomen, voeren overheden maatregelen in om fysiek contact te beperken. Bedrijven, fabrieken en productieprocessen liggen hierdoor stil. Het vliegverkeer neemt af en ook het fileverkeer vermindert doordat mensen zoveel mogelijk thuiswerken. De overheidsmaatregelen hebben ook effect op de luchtkwaliteit. Op satellietfoto’s is zichtbaar dat in gebieden die hard zijn geraakt door het coronavirus, zoals China en Italië, de luchtvervuiling is verminderd. De CO2-uitstoot lijkt dan wel te zijn verminderd, maar schijn kan bedriegen. De drukte op de fysieke snelwegen verplaatst zich naar de digitale wegen. En dit betekent niet per se minder CO2-uitstoot.

Streamingdiensten draaien overuren

De overheidsmaatregelen hebben in veel landen, waaronder China, India, West- en Zuid-Europa, geleid tot het tijdelijk sluiten van bedrijven, retailers, sportscholen, scholen en universiteiten. Ook bioscopen, cafés en restaurants gingen op slot. Hierdoor zoekt iedereen massaal hun toevlucht in de digitale wegen. Zo gebruiken we het internet voor de dagelijkse boodschappen, thuiswerken (met videoconferenties), online studeren, maar ook voor vermaak en ontspanning.

Diensten waarmee mensen online hun favoriete films en series kunnen kijken, muziek luisteren of videospelletjes spelen, worden ook wel steamingdiensten genoemd. En ze zijn populairder dan ooit. Hier profiteren onder andere Netflix, Disney+, Spotify en Amazon Prime van. Ook apps met video’s, zoals Instagram, YouTube en TikTok, plukken de vruchten van de (intelligente) lock down die in veel landen geldt. Het aantal klanten van streamingdiensten groeit de laatste jaren enorm. Zo nam het aantal betaalde abonnementen bij Netflix toe van 21,6 miljoen in het vierde kwartaal van 2011 naar 167 miljoen in het vierde kwartaal van 2019. Dit is het aantal abonnees wereldwijd, waarvan maar liefst 67 miljoen in de Verenigde Staten.

Digitale technologiesector gebruikt veel energie

Het opslaan van alle data gebeurt steeds meer in de ‘cloud’, oftewel op externe opslagsystemen (servers). Technologiebedrijven bieden dit aan als dienst of gebruiken het voor hun eigen bedrijfsvoering. Denk hierbij aan Apple, Facebook, Google, Alibaba en Amazon Web Services (AWS), waar onder andere Netflix gebruik van maakt. Deze bedrijven hebben datacenters, die uit talrijke servers bestaan. Op deze servers wordt alle streamingdata opgeslagen. Dit kost veel energie. Door de toegenomen drukte op de digitale snelwegen draaien clouddiensten en hun datacenters op volle toeren. Zo gaf internetaanbieder Vodafone recentelijk aan dat het internetverbruik in sommige Europese landen met meer dan 50% is toegenomen door het thuiswerken en het streamen in de coronaperiode.

We staan er niet direct bij stil, maar iedere klik op het internet – laat staan het streamen – kost veel energie en kan leiden tot meer CO2-uitstoot. Uit eerder onderzoek is gebleken dat de wereldwijde CO2-uitstoot van de digitale technologiesector is toegenomen van 2,5% naar 3,7% in de periode 2013-2018. Dit betekent dat het gebruik van digitale technologie nu meer CO2-uitstoot veroorzaakt dan de luchtvaartsector, waarvan de uitstoot op circa 2,5% ligt. Daarmee is ook de impact van de digitale technologiesector op het klimaat groter.

Negatieve gevolgen voor het milieu

Het toegenomen gebruik van streamingdiensten zorgt voor meer druk op het digitale netwerk en de datacenters. Deze datacenters hebben op verschillende manieren een negatief effect op het milieu. Allereerst verbruiken datacenters energie voor het verplaatsen en opslaan van de data op de servers. Bij deze processen komt veel warmte vrij, waardoor de datacenters moeten worden gekoeld. Het koelen van de servers kost gemiddeld 25% van de totale energiebehoefte van een datacenter. De afgevoerde warmte verdwijnt vervolgens in de atmosfeer. De cloudbedrijven kunnen het CO2-probleem oplossen door meer zonne- en windenergie te gebruiken voor het operationeel houden van hun datacenters. Ook het verplaatsen of vestigen van de datacenters naar relatief koele gebieden, zoals Scandinavië, maakt dat ze minder energie nodig hebben om de datacenters te koelen. Bovendien is deze regio omringd met zeewater, dat ze kunnen gebruiken voor het koelen. Daarnaast kunnen cloudbedrijven hun afval beter recyclen door de vrijgekomen warmte op te slaan en te gebruiken voor andere activiteiten.

Samen naar een duurzaam digitaal netwerk

Een aantal grote technologiebedrijven toont al leiderschap op het gebied van duurzaamheid. Zo investeert Alphabet in een groot zonnepanelenpark in Nevada om duurzame energie voor haar datacenters op te wekken. Ook Microsoft is hard op weg om haar datacenters van duurzame energie te voorzien. Apple en ook Facebook, moederbedrijf van het populaire Instagram en WhatsApp, streven ernaar om hun datacenters geheel duurzaam te laten opereren.

Deze initiatieven zijn echter onvoldoende om de CO2-uitstoot te verminderen. Veel bedrijven, waaronder de grootgebruikers van deze datacenters (zoals Netflix), tonen nog weinig ambitieuze plannen op dit gebied, terwijl hun verbruik hard groeit. Door de dialoog aan te gaan met bedrijven die streaming- of dataopslagdiensten aanbieden, kunnen we deze bedrijven bewegen om duurzamer te opereren. Maar ook de energieleveranciers van deze bedrijven vragen we om meer te investeren in duurzame energie. Dit doen we door de dialoog aan te gaan met deze bedrijven, maar ook vragen we aan de beheerders van de beleggingsfondsen op ons schap om het gesprek aan te gaan met deze bedrijven en hun energieleveranciers.

Tenslotte kan ook de consument bijdragen aan een duurzaam digitaal netwerk door bewuster te streamen. Zo is het energiezuiniger om te streamen via een smartphone dan via een computer. Ook kost het minder energie om muziek via een muziekdienst te beluisteren dan via YouTube. Dit omdat bij YouTube bij de muziek altijd een video toont, wat vaak een onnodige verspilling van data – en dus energie – is. En nog beter zou het zijn om af en toe een digitale detox te nemen door de hele online wereld even uit te zetten.

Beleggen brengt risico’s met zich mee. Je kunt (een deel van) je inleg verliezen. De waarde van je belegging kan fluctueren. In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst.