Stand van de traditionele obligatieportefeuille

Publicatiedatum: 10 november 2020
Auteur: Peter Vonk

De ongeëvenaarde verruiming van de centrale bankbalansen, regelgeving en de huidige economische crisis veroorzaakt door de pandemie hebben ervoor gezorgd dat het verwachte bruto rendement op een obligatieportefeuille naar een dieptepunt is gezonken. Momenteel hebben 25% van alle uitstaande obligaties een negatieve rente. Het rendement op de benchmark van alle investment grade obligaties in euro is momenteel slechts -0,09%. De Europese belegger ontkomt er daarom bijna niet aan om over de Europese landsgrenzen te kijken om nog iets van rendement te kunnen behalen zonder noemenswaardige concessies te hoeven doen aan de liquiditeit of de kwaliteit van de belegging. Met beleggingen in de wereldwijde benchmark kon in de afgelopen jaren meer dan een procent aan rendement worden bijgeschreven na kosten voor valuta afdekking. Maar sinds de coronacrisis heeft ook de meest liquide markt (de Verenigde Staten) het belangrijkste rentetarief verlaagd, waardoor de rente op de wereldwijde obligatiebenchmark ook verder gedaald is. Wel biedt de wereldwijde obligatiebenchmark nog een beter rendement dan de Europese tegenhanger, zij het in mindere mate dan voorheen. Na het afdekken van valutarisico levert deze wereldwijde obligatiebenchmark nog 0,5% rendement op jaarbasis op. Het is daarom geen wonder dat de vastrentende belegger op zoek gaat naar beleggingen die een hoger rendement bieden.

Rol van veilige obligaties in de portefeuille uitgespeeld?

Dat de rol van veilige obligaties in een portefeuille door de lage rendementsverwachtingen is uitgespeeld is echter niet het geval. Binnen een portefeuille context bieden veilige obligaties nog altijd een stabiliserende rol. De veilige staatsobligaties bieden een dempend effect in de portefeuille in onzekere economische tijden. Want hoewel de correlatie tussen aandelen en obligaties schommelt, per saldo blijft die beperkt, juist in tijden van crises. Dit bleek ook afgelopen maart tijdens de massale uitverkoop op de financiële markten. Kortstondig werden ook de meest veilige obligaties van de hand gedaan door beleggers om met de vrijgekomen kas aan hun verplichtingen te kunnen doen. Maar al zeer snel herstelden de koersen van dit type obligaties, zeker nadat de centrale banken steunaankopen deden om de markten te stabiliseren. Met de negatieve of zeer lage rente kennen veilige (staats)obligaties nu wel een “asymmetrische payoff”, oftewel de rente zou wel sterk kunnen stijgen, maar een verdere daling van de rente is beperkt. De kans van een stijging op de korte termijn is niet groot, gegeven het beleid van alle centrale banken. Maar het is wel iets wat beleggers op hun netvlies moeten hebben.

Alternatieve mogelijkheden

Om een hoger rendement na te streven moeten beleggers wel een concessie doen door meer risico te nemen.

Investment grade bedrijfsobligaties
Een eerste startpunt is om wereldwijde investment grade bedrijfsobligaties toe te voegen aan de portefeuille. Hiermee kan, gegeven de huidige kredietopslag van zo’n 1-1,25%, de rendementsverwachting van de obligatieportefeuille verhoogd worden met een beperkte toename in kredietrisico. De portefeuille blijft hierbij wel investment grade en valt in belangrijke mate onder de paraplu van het opkoopbeleid van de centrale banken. Voor tal van beleggers is 1% echter niet voldoende om hun doelstellingen te halen en daarom richten veel beleggers hun vizier op meer risicovolle beleggingen binnen het vastrentende spectrum.

Liquide markten: hoogrentende obligaties
Binnen het liquide spectrum kan de vastrentende portefeuille aangevuld worden met beleggingen in hoogrentende bedrijfsobligaties, opkomende marktobligaties in harde en lokale valuta en achtergesteld bankpapier of andere hybride vormen. De kredietopslagen van deze beleggingen bevinden zich nu rond de 300-500 basispunten en kunnen daarmee het rendement van de obligatieportefeuille verhogen. Dit heeft wel de nodige gevolgen: zij hebben een minder dempend effect dan de veilige obligaties. De sell-off in maart heeft dit nog maar eens onderstreept. Zowel hoogrentende obligaties, opkomende marktobligaties als het achtergesteld papier van financiële instellingen daalden in procenten met dubbele cijfers. Een te hoge allocatie naar dit type obligaties maakt de portefeuille kwetsbaar voor kredietverliezen. Het is daarom een balanceer-act om genoeg, maar niet teveel kredietrisico toe te voegen aan de portefeuille om het rendement op het vastrentende deel van de portefeuille te verhogen zonder daarbij de stabiliserende rol daarbij uit het oog te verliezen.

Private markten
Naast de keuze voor liquide obligaties met meer risico slaan beleggers de kant op naar private credit. Private credit zijn beleggingen die niet via de publieke markt lopen. Dit type beleggingen kan een hoog rendement opleveren voor beleggers vanwege de liquiditeitspremie, maar het brengt ook risico’s mee in de vorm van illiquiditeit, intransparantie en hoge kosten. Daarnaast is het selecteren van de juiste fondsen belangrijk. De dispersie in de rendementen tussen private debt fondsen is immers groot. Vanwege de populariteit van private debt beleggingen staat er veel geld aan de zijlijn om geïnvesteerd te worden. Door de enorme vraag naar dit type beleggingen is de verwachting dat de rendementen ook hier zullen dalen.

Een niche product binnen het verstrekken van private leningen is het crowdfunding platform, waarbij het zogenaamde Peer-2-Peer lending centraal staat. Tegen een hoge rente is het mogelijk om een lening te verstrekken aan een bedrijf, zonder tussenkomst van de bank. Het risico van dit soort beleggingen is dat er weinig spreiding in kan worden aangebracht, waardoor kredietverliezen onevenredig hard kunnen aankomen. Vooral omdat er vaak weinig zekerheden zijn om op terug te vallen als de debiteur in betalingsmoeilijkheden raakt.

Conclusie

Beleggers passen hun portefeuilles aan om het verwachte rendement van de vastrentende portefeuille te verbeteren in de lage rente omgeving. Gevolgen hiervan zijn toenemende kosten van valuta afdekking, complexiteit in de portefeuille, toenemend (krediet)risico, transparantie en illiquiditeit. De kans dat het beleggingsprofiel significant verandert met een substantiële toevoeging van (illiquide) beleggingen is aanwezig. Het blijft daarom een balanceer-act om het potentieel rendement verhogen, maar tegelijkertijd de rol van stabiliteit als vastrentende portefeuille te waarborgen. Daarbij moet de belegger zich ook bewust zijn dat deze meer risicovolle beleggingen niet de oplossing zijn voor het probleem van de lage rentes. Beleggers moeten zich realiseren dat het perspectief voor reële vermogensgroei is verslechterd.

Beleggen brengt risico’s met zich mee. Je kunt (een deel van) je inleg verliezen. De waarde van je belegging kan fluctueren. In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst. De genoemde fondsen zijn ter illustratie van het thema en op geen enkele wijze een aanbeveling.

Terug naar artikelen BeterBeleggen