Hoe Maurice Loo van De Smockelaer zijn groei financierde

De loopbaan van Maurice Loo had een ‘mooie carrièrestart’ bij Philips, toch koos hij er in 2000 voor om een oude boerderijruïne te kopen. Meer dan twintig jaar later zijn de groepsaccommodaties van De Smockelaer in het heuvellandschap van Zuid-Limburg, een trekpleister voor organisaties en gezelschappen. ‘Ik zie mezelf niet alleen als ondernemer, maar ook als schatbewaarder’, vertelt Loo.

De drang naar het zuiden

Maurice Loo groeide op in Epen, één van de zuidelijkste dorpen van Nederland. Op een boerderij, waar zijn ouders een groente- en fruitbedrijfje aan huis hadden. ‘Ik weet niet anders dan dat ik thuiskwam van school en direct thuis weer aan de slag ging’, vertelt Loo. Na een studie in Tilburg en een mooie carrièrestart bij Philips, met een plek in het management development-traject, ontbrak er toch iets in het plaatje.

‘Toen mijn eerste zoon werd geboren, begon het te kriebelen’, vertelt hij. ‘Ik zat in een grote stad, werkte voor een groot bedrijf, maar had een soort heimwee naar mijn jeugd in Limburg. Het is een bekende drang die meer mensen hebben. Je gaat ergens studeren, werken en wonen, maar na een bepaalde tijd besef je: ik kom toch ergens vandaan en zou willen dat mijn kinderen dat ook meemaken.'

Van ruïne naar luxe groepsaccommodatie

Zo verruilde Loo de Tilburgse binnenstad voor een boerderijruïne in de buurt van zijn geboortedorp. ‘Als kind fietste ik onderweg naar school iedere dag langs de locatie. Het was prachtig, maar er moest van alles aan gedaan worden. We zijn de ruïne vervolgens gaan ombouwen én verbouwen. Het idee was de boerderij omtoveren tot een groepsaccommodatie. Maar het mocht geen alledaagse locatie worden.’

Zo keek Loo goed om zich heen. ‘Wat doet de rest? Dan ga ik dat niét doen’, lacht hij. ‘Ik zag veel ondernemers in de buurt kiezen voor accommodaties met grote slaapzalen en enkele douches. Als ik zelf op reis ga, vind ik het fijn om een eigen badkamer te hebben. Een weekend spenderen met je vrienden of familieleden brengt soms al genoeg uitdagingen met zich mee, dan is een accommodatie waar niets ontbreekt een fijne basis'.

Dat concept is ook gericht op andere bedrijven, die De Smockelaer regelmatig ontvangt op het terrein. ‘Ik zat voor mijn werk bij Philips geregeld in talloze vergaderzalen. Als je dat een aantal jaren doet, weet je wel wat je in een trainingslocatie zoekt. De temperatuur moet goed zijn, je wil comfortabel zitten en de juiste technische middelen om je heen hebben’.

Serieuze schulden maken

Inmiddels zijn de vergaderlocaties prijswinnend. Maar het was allemaal wel een gok, zegt Loo. ‘Wij begonnen in een tijd dat de Limburgse dorpen eigenlijk leegliepen en diverse scholen dichtgingen. Dan hoop je dat je de steun krijgt die je verlangt bij de aanvraag van een vergunning. Maar dat was echt een aantal jaren vechten en serieuze schulden maken, voordat er ook maar iets gebouwd óf verbouwd was.’

Toch geloofde Loo heilig in zijn stap. ‘In mijn werk adviseerde ik de managementteams van fabrieken met allerlei vraagstukken over de optimalisatie van hun bedrijfsprocessen. Met die kennis ging ik vervolgens zelf aan de slag met calculaties en rendementsberekeningen, maar dan voor mijn eigen plan.’

Je zegt als ondernemer niet graag nee

In 2003 opende hij samen met zijn vrouw, Monique, Auberge de Smockelaer, in de gerestaureerde 18e-eeuwse boerderij op het platteland van Zuid-Limburg. ‘Vanaf dag één was het meteen lekker druk, waardoor we toch heel vaak verzoeken moesten afwijzen. Maar ik ben een ondernemer die niet graag ‘nee’ zegt. Dus zijn we gaan zoeken naar manieren om te groeien en uit te breiden.’

Zo zat Loo regelmatig aan tafel bij Anne de Jong, accountmanager grootzakelijk Handel & Horeca bij Rabobank, voor financieringen van additionele locaties. ‘De Smockelaer is een uniek concept’, zegt De Jong. ‘Het bleek vooral voor bedrijven een uitgelezen plek te zijn voor bedrijfsuitjes en vergaderingen. Tegelijkertijd zagen we de passie waarmee Maurice en Monique hun bedrijf aanvlogen. Ze geloven in hun plannen en hebben ondertussen een bewezen bedrijfsconcept. Met zulke gedreven ondernemers werken we met plezier samen.’

Ondernemer én schatbewaarder

Het werd toch regelmatig avondwerk, lachen Loo en De Jong. ‘Wanneer er dan een geschikt pand vrijkomt, moet je slagvaardig en snel kunnen schakelen: je wilt namelijk de eerste aan tafel zijn. Het is voor mij belangrijk dat ik een partnerschap heb, waarmee ik samen door de Excel-bestanden en prognoses kan lopen, zodat er snel gehandeld kan worden. Dat is altijd gelukt. Bij een complexe financiering zijn altijd risico’s te bedenken, maar het is aan de ondernemer om een positieve draai te vinden.’

Met als resultaat: de redding van de enkele monumentale gebouwen in Zuid-Limburg. ‘We hebben alleen accommodaties aangeschaft die bij ons concept passen: gebouwen van zo’n 600 jaar oud, die gerestaureerd kunnen worden met historische bouwmaterialen. Ik zie mezelf namelijk niet alleen als ondernemer, maar ook als een soort schatbewaarder. Dat heeft te maken met mijn voorliefde voor monumentale gebouwen. Ik vind dat ik goed moet zorgen voor die gebouwen, zodat ze bewaard blijven voor de volgende generatie.’

Gezond boerenverstand

Daarnaast zoekt Loo regelmatig de samenwerking op met collega-ondernemers in de regio. ‘In ons restaurant proberen we zoveel mogelijk lokaal eten te serveren. Het vlees komt van de boerderij van mijn buurvrouw en groente- en fruit proberen we, net zoals mijn ouders, uit onze eigen tuinen te halen. Tegenwoordig noemen ze dat duurzaamheid, ik noem het gezond boerenverstand.’

Dat verstand vertaalde zich verder door naar ongeveer 250 zonnepanelen, verspreid over de locaties. ‘We willen helemaal klaar zijn voor de toekomst, dus we hebben een aantal locaties al helemaal van het gas af. We hebben warmtepompen geïnstalleerd en zoeken naar mogelijkheden om met zoveel mogelijk andere lokale bedrijven samen te werken. Ik vind dat het als ondernemer ook je morele verantwoordelijkheid is.’

Groei komt vanzelf

Een opvolger voor de inmiddels vier locaties van De Smockelaer is er nog niet, maar Loo is al druk bezig met het opleiden van een aantal kandidaten. ‘Ik vind het vooral erg leuk om te vertellen waar we als bedrijf voor staan. We hebben dit bedrijf samen opgebouwd, maar ik vind het nu belangrijk dat het behapbaar wordt voor de volgende generatie. Ik wil niet over tien jaar de sleutel overdragen en zeggen: succes.’

Daarin is de doelstelling dus niet om nóg verder te groeien, zegt Loo. ‘Continuïteit is het allerbelangrijkste doel. We hoeven niet de grootste te worden, als we maar kwaliteit blijven leveren. Als wij met plezier en passie alles blijven doen, dan komt die groei vanzelf wel.’

Benieuwd hoe wij je bedrijf kunnen helpen groeien?

phone

Hulp nodig?