
Brandveiligheid in de horeca: belangrijke aandachtspunten
Een vlam in de frituurpan, een kaars bij een gordijn of kortsluiting in de keuken. Brand in de horeca begint vaak klein, maar kan zich razendsnel verspreiden. Genoeg reden om brandveiligheid voortdurend scherp in het vizier te houden.
Horecaondernemers nemen brandveiligheid ook serieus, blijkt uit een recente peiling onder 558 leden van Koninklijke Horeca Nederland. Toch vindt 74% dat de sector meer verantwoordelijkheid moet nemen om risico's te beperken (KHN-ledenpeiling, januari 2026).
We spraken met Linda van Peer- de Jongh en Bas den Hartogh, Risk Consultants Verzekeren bij Rabobank, over de risico’s die zij in de praktijk tegenkomen. Dit zijn hun belangrijkste tips.
1. Keuken en afzuiging: waar de meeste branden beginnen
De meeste horecabranden ontstaan in de keuken. Logisch: je werkt er dagelijks met hoge temperaturen, hete oliën en open vuur. Maar juist omdat het zo vertrouwd is, sluipen risico’s erin.
De afzuiginstallatie is een van de grootste boosdoeners. Vet in de kanalen bouwt zich op en is zeer brandbaar. Op een gegeven moment is een vonk genoeg. Laat je afzuigkanalen daarom minimaal een keer per jaar professioneel reinigen. Bij intensief gebruik, zoals in een frituurrestaurant, is twee keer per jaar verstandiger.
Verder geldt: laat keukenapparatuur regelmatig onderhouden en vervang kapotte of versleten onderdelen direct. Frituur nooit zonder toezicht. En zorg dat er altijd een vetbrandblusser of blusdeken binnen handbereik is. Belangrijk: een vetbrand blus je nooit met water.
2. Elektrische installaties: de stille risicofactor
Horecazaken zijn energie-intensief. Koelcellen, ovens, vaatwassers, koffiemachines, tapinstallaties. Alles draait de hele dag. En vaak in panden waar de bedrading daar niet op berekend is.
Overbelasting van het stroomnetwerk is een veelvoorkomende brandoorzaak. Zeker als er met losse stekkerblokken wordt gewerkt om extra apparaten aan te sluiten. Dat lijkt een makkelijke oplossing, maar het is een risico dat je niet wilt nemen.
Laat je elektrische installatie regelmatig controleren door een erkend installateur. Vervang beschadigde snoeren en defecte apparaten direct. En vermijd losse stekkerblokken voor zware apparatuur. Als je merkt dat zekeringen regelmatig eruit springen of dat stopcontacten warm worden, schakel dan een elektricien in. Dat zijn signalen die je serieus moet nemen.
3. Open vuur en decoratie: waar je op kunt letten
Kaarsen op tafel, sfeerverlichting aan het plafond, droogbloemen als decoratie. Het hoort bij de horeca. Maar het zijn ook brandrisico’s waar je misschien niet dagelijks bij stilstaat.
KHN adviseert om voorzichtig om te gaan met brandende en vonkende feestartikelen zoals sterretjes en ijsfonteinen. Ook raadt de brancheorganisatie aan om brandgevoelige versiering en geluidsmaterialen aan wanden en plafonds brandwerend te maken (KHN-ledenpeiling, januari 2026).
Een eenvoudige stap: overweeg LED-kaarsen als alternatief. Die geven dezelfde sfeer, maar een veel kleiner risico. Gebruik je toch echte kaarsen? Plaats ze dan in stevige houders, uit de buurt van gordijnen en ander brandbaar materiaal. En maak er een vast punt van bij het afsluiten: zijn alle kaarsen uit?
4. Opslagruimten: uit het zicht, niet uit het hoofd
De opslag is een plek waar je overdag nauwelijks komt. En precies daar gaat het mis. Dozen, emballage, schoonmaakmiddelen, alcohol. Allemaal brandbare materialen die zich makkelijk ophopen.
Houd je opslagruimte georganiseerd. Zorg dat brandbare materialen niet naast elektrische apparatuur of warmtebronnen staan. Houd vluchtwegen altijd vrij. Een gang die volstaat met kratjes en dozen is bij brand een doodlopende weg.
5. De sluitingsroutine: het meest onderschatte moment
Sommige horecabranden ontstaan ’s nachts, na sluitingstijd. Apparatuur die nog aanstaat. Een afzuiginstallatie die draait terwijl er vetophoping in de kanalen zit. Een kaars die over het hoofd is gezien. Het zijn situaties die je voorkomt met een vaste routine.
Maak een sluitingschecklist en hang die zichtbaar op. Denk aan: alle apparatuur uit, gasleidingen dicht, frituurinstallaties veilig uitzetten, kaarsen gecontroleerd, afzuiging uit, nooduitgangen vrij. Een kleine moeite die een groot verschil kan maken.
6. Branddeuren: open is niet oké
Branddeuren die met een wig openstaan voor de loop. Het is een veelvoorkomend probleem in de horeca. Begrijpelijk: personeel loopt de hele dag heen en weer. Maar een branddeur die openstaat, houdt bij brand niks meer tegen.
Vuur en rook verspreiden zich dan vrij door het gebouw. De deur die je zaak had moeten beschermen, doet niks meer. Houd branddeuren altijd gesloten. Wil je toch dat ze in de dagelijkse loop openstaan? Investeer dan in branddeuren met een magneetcontact die automatisch sluiten bij een brandalarm.
7. Terrasverwarming: warm, maar niet zonder risico
Gasgestookte terrasheaters zijn niet meer weg te denken uit de Nederlandse horeca. Maar ze staan vaak dicht bij parasols, windschermen of houten overkappingen. Zeker in combinatie met wind is dat een risico. Houd voldoende afstand tussen heaters en brandbare materialen. Controleer gasslangen regelmatig op slijtage. En berg heaters binnen op als ze niet in gebruik zijn.
8. Roken en afval: een onderschat risico
Sigarettenpeuken bij afvalcontainers zijn een bekende brandoorzaak. Zeker als die containers dicht bij het pand staan en er droog materiaal in of naast ligt. Richt een duidelijke rookplek in, weg van afval en weg van het gebouw. Zorg voor een goede peukenbak. En plaats afvalcontainers bij voorkeur niet direct tegen de gevel.
9. Weet je team wat te doen bij brand?
Alle technische maatregelen helpen pas als je team weet hoe te handelen bij brand. Zeker in de horeca, waar je werkt met wisselend personeel: seizoenskrachten, uitzendkrachten, parttimers.
Zorg dat er altijd minimaal één BHV'er aanwezig is tijdens openingstijden. Oefen het ontruimingsplan minimaal een keer per jaar. En maak brandveiligheid onderdeel van het inwerkprogramma voor nieuwe medewerkers. Waar hangen de blussers? Waar zijn de nooduitgangen? Wat doe je als de frituur vlamvat? Dat soort basiskennis is onmisbaar.
Wil je weten waar jij staat?
Brandveiligheid draait niet alleen om blussers en vluchtroutes. Het gaat om het totaalplaatje: je pand, je installaties, je dagelijkse routines en de kennis van je team. Kleine aanpassingen kunnen al veel doen.
Onze verzekeringsadviseurs komen regelmatig bij horecaondernemers over de vloer. Daar kijken ze met een scherp oog naar situaties die relevant kunnen zijn voor verzekerbare risico’s. Valt hen iets op dat gevolgen kan hebben voor je dekking of bedrijfscontinuïteit? Dan delen ze dat graag. Ze voeren geen formele risico‑inspectie uit, maar denken wél met je mee over hoe je risico’s het beste kunt afdekken. Wil je eens sparren over de risico’s in jouw situatie? Dan kijken we graag met je mee.
Heb je al een verzekeringsadviseur bij Rabobank? Die helpt je graag verder.
Wil je kennismaken? Plan gerust een gesprek in.