Update

Een gedachte-experiment: wat als Italië besluit om de eurozone te verlaten?

10 juli 2020 05:45

Door de coronacrisis gaan er weer stemmen op dat Italië de eurozone maar beter kan verlaten. De euro opgeven is echter gemakkelijker gezegd dan gedaan. Dit brengt namelijk hoge kosten en risico’s met zich mee. In de eerste plaats voor het vertrekkende land zelf, maar ook voor de achterblijvers. Bijvoorbeeld voor Nederland met zijn open economie, grote handelsbelangen en veel financiële bezittingen in het eurogebied. Om te laten zien wat er in zo’n geval kan gebeuren, schetsen we een scenario waarin Italië de euro verruilt voor een eigen munt, de Nieuwe Italiaanse Lire.

Meteen de diepte in?Lees de volledige studie
Italy Tuscany landscape

We willen benadrukken dat we niet denken dat Italië onder de huidige of volgende regering daadwerkelijk uit de eurozone zal stappen. Italië wordt hier alleen gebruikt als een mogelijk voorbeeld om de gevolgen van een vertrek uit de monetaire unie in kaart te brengen. De keuze voor Italië is met name gemaakt omdat deze zeer geschikt is om het ingewikkelde van dit onderwerp te illustreren en omdat ‘het risico’ recent weer de aandacht krijgt.

Het scenario: anti-euro-facties zetten exit in gang

In dit scenario gaan wij uit van een overwinning van partijen met een sterke anti-Europa-houding. Men wijt, overigens ten onrechte , de Italiaanse problemen aan ‘Europa’ en in de verkiezingscampagne belooft men de euro af te schaffen en weer een eigen munt in te voeren, de nieuwe Italiaanse lire of NIL. Het is uiterst lastig en tijdrovend omdat de grondwet ervoor moet worden aangepast. Maar we gaan er hier vanuit dat al de nodige stappen voor de Italexit worden gezet.

De eerste effecten zouden al in de opmaat naar de verkiezingen kunnen plaatsvinden, als het er op lijkt dat anti-euro-partijen met de winst aan de haal gaan. Zodra mensen in de gaten krijgen dat uittreden uit de eurozone waarschijnlijk wordt, zullen zij hun geld in veiligheid willen brengen. We mogen verwachten dat de NIL een zwakkere munt zal worden dan de euro. Als mensen zich bewust worden van het gevaar dat hun bankrekeningen in euro kunnen worden omgezet in NIL, hebben zij een krachtige prikkel om hun geld te pinnen of weg te boeken naar een bankrekening in het buitenland. De kans op een run op het Italiaanse bankwezen is dus groot, nog voordat de politiek het exit-proces in gang heeft kunnen zetten.

Nieuwe Italiaanse Lire minder waard dan de euro

De NIL zal dus minder waard zijn dan de euro. Hierdoor is het voor Italiaanse debiteuren een stuk lastiger om hun huidige schuldverplichtingen in euro’s te betalen wanneer de NIL de euro heeft vervangen als wettig betaalmiddel. Als de NIL in waarde daalt tegenover de euro dan betekent dit dat als Italië zijn verplichtingen aan het buitenland in euro moet voldoen, deze verplichtingen een veel grotere molensteen om de nek van de Italianen zijn dan nu het geval is.

Een zwakke nieuwe munt is wel goed voor de export. Italië heeft nog altijd een stevige industriële basis met een overschot op de lopende rekening. Daarom zou een waardedaling van de NIL goed kunnen uitpakken. Het probleem is echter dat als de Italexit een feit is er uiteindelijk meer handelsbarrières zullen zijn dan nu het geval is. En dit maakt de export dan weer duurder. Verder zullen buitenlandse exporteurs zeker in eerste instantie waarschijnlijk niet bereid zijn om in NIL te worden betaald en ook vooraf hun geld willen krijgen. Dus Italië heeft zogeheten harde valuta, zoals de euro of de dollar nodig, om zijn internationale handel op peil te houden. Bovendien is het hoogst onwaarschijnlijk dat de uiteindelijke voordelen van een goedkopere munt voor de export en dus voor de economie als geheel opwegen tegen de (acute) nadelen van onder meer duurdere import, hogere inflatie, hogere rentes, hogere schuldverplichtingen, de te verwachte knauw in het vertrouwen van consumenten en bedrijven en een koersval op de Italiaanse beurs.

Gevolgen voor de rest van de EU

Met het vertrek van Italië uit de eurozone en de EU wordt het valutagebied 15 procent en de Interne Markt (EU-27) 13 procent kleiner. Dat is slecht nieuws voor de achterblijvende landen, want hoe groter het vrijhandelsgebied, des te groter zijn de economische voordelen. Verder schuilt in dit scenario ook een geopolitiek gevaar: Italië kan, als de nood aan de man komt, elders steun proberen te zoeken. Rusland en China zullen zich waarschijnlijk verdringen om steun te leveren, door te investeren in de Italiaanse economie, bijvoorbeeld in strategische infrastructuur. Dit doen zij niet uit liefdadigheid, maar om politieke invloed te krijgen. Een vertrek van Italië betekent voor de EU niet alleen een economisch verlies, maar nog meer een verlies aan politiek prestige.

“Italië is een belangrijke afzetmarkt voor Nederland”

Nederland en Italië

Italië is een belangrijke afzetmarkt voor Nederland. Het staat in de top 10 van handelspartners. In 2019 exporteerde Nederland 20,5 miljard euro aan goederen naar Italië en 5,8 miljard euro aan diensten. De Nederlandse goederen- en diensteninvoer uit Italië bedroegen respectievelijk 11,9 en 5,4 miljard euro. In totaal gaat zo’n 3,5 procent van de totale Nederlandse export naar Italië en komt ongeveer 2,5 procent van de totale import uit Italië. Verder heeft Nederland in totaal 210 miljard euro aan vorderingen uitstaan op Italië. Eind 2019 hadden Nederlandse ingezetenen grofweg 33 miljard euro in Italië belegd, waarvan 18,5 in schuldpapier van de Italiaanse overheid, en bezaten ze 149 miljard euro aan directe investeringen en 17 miljard euro aan andere investeringen, zoals spaarrekeningen en leningen. Hoeveel dat in totaal andersom is, is niet bekend.

Voor de goede orde: wij verwachten niet dat Italië uit de euro zal willen stappen. Wel kan een reeks ondoordachte maatregelen er ‘per ongeluk’ toe leiden dat een land serieus in de gevarenzone terechtkomt. Daarnaast kunnen we niet het risico negeren dat de emotie het uiteindelijk wint van de ratio. De stem voor Brexit heeft recent nog onderstreept dat de economische ratio het niet altijd wint van de emotie.