Update

Nederland: inflatie drukt consumptie in een afkoelende economie

9 november 2023 15:00 RaboResearch

Hoewel nog altijd oververhit, koelt de Nederlandse economie langzaam af. Dat blijkt uit toenemende faillissementen en werkloosheid. Daarnaast remt de hoge gevoelsinflatie de consumptie.

Young Caucasian woman walking in Leiden under the rain

De oorlog tussen Israël en Hamas domineert momenteel het nieuws. Voor Nederland verwachten we dat de economische impact klein is en beperkt blijft tot bedrijven die rechtstreeks met de regio te maken hebben zoals reisbureaus. Bij een verdere escalatie kan de impact groter worden, doordat energieprijzen dan mogelijk stijgen. In onze studie over deze oorlog en de impact hiervan op de Nederlandse economie onderzoeken we verschillende scenario’s.

Te midden van deze geopolitieke ontwikkelingen gaat Nederland op 22 november naar de stembus. Het hoofdthema van deze verkiezingen is bestaanszekerheid. Dit brede onderwerp varieert van een verhoging van het minimumloon tot het oplossen van de problemen op de woningmarkt. Hoewel bestaanszekerheid geen nieuw onderwerp is, krijgt het nu een nieuwe focus vanwege de recordhoogte van de inflatie vorig jaar (figuur 1a).

Figuur 1a: Hoge inflatie hernieuwde de aandacht voor bestaanszekerheid

Bron: CBS, bewerking RaboResearch

Figuur 1b: Alternatieve inflatiecijfers drukken gevoelsinflatie beter uit

Bron: CBS, bewerking RaboResearch

Consumptie huishoudens

Hoewel de officiële inflatie (HICP) in oktober slechts -1 procent jaar-op-jaar was (figuur 1a), komt deze statistiek niet overeen met hoe consumenten de inflatie beleven (figuur 1b). Dat komt door een methodewijziging van het CBS die om verschillende redenen niet is teruggelegd. Omdat we de inflatiecijfers op jaarbasis bekijken, werd de inflatie in 2022 overschat, maar wordt deze momenteel juist onderschat. Dit probleem verdwijnt volgend jaar geleidelijk uit de cijfers. Als we bijvoorbeeld de nieuwe methodologie wel toepassen op de historische cijfers, dan komen we voor oktober uit op een inflatie van 6,4 procent jaar-op-jaar (figuur 1b). Meer informatie hierover staat in onze inflatiemonitor.

Dit verschil verklaart ook meteen waarom bij de huidige lage officiële inflatie de consumptie van huishoudens in het tweede kwartaal toch met 1,6 procent kromp ten opzichte van het kwartaal ervoor. Het is ook de reden dat consumenten nog steeds erg negatief zijn, ondanks dat de cao-lonen in oktober met 6,4 procent toenamen ten opzichte van oktober 2022 (figuur 2). Hoewel het consumentenvertrouwen in oktober licht steeg van -39 naar -38, blijft het daarmee nog ver onder het langjarig gemiddelde. Toch verwachten we dat de consumptie van huishoudens de komende kwartalen stabiel blijft, omdat de nog altijd krappe arbeidsmarkt voor baanzekerheid zorgt.

Figuur 2: Consumenten blijven negatief

Bron: CBS

Meer consumptie

Hoewel we verwachten dat de krapte op de arbeidsmarkt aanhoudt en de werkloosheid nog altijd op een laag niveau ligt, steeg de werkloosheid licht naar 3,7 procent in september (figuur 3). We verwachten dat ze de komende tijd dan ook licht zal oplopen.

Wat bijdraagt aan de toename in de werkloosheid is het groeiend aantal faillissementen (figuur 4). Dat was de afgelopen jaren erg laag, mede door de overheidssteun die bedrijven kregen tijdens de coronaperiode. Maar de hogere inkoopprijzen en rentestijgingen zorgen voor toenemende kosten bij bedrijven, een groeiend aantal faillissement aanvroeg. Daar komt bij dat de Belastingdienst in de tweede helft van dit jaar openstaande belastingschulden uit de coronaperiode in één keer terug vorderde bij bedrijven die nog niet gestart waren met terugbetalen of die nog geen betalingsregeling hadden afgesproken. Hoewel hierdoor mogelijk meer bedrijven failliet gaan, verwachten we dat het effect hiervan beperkt is. Het niveau ligt namelijk nog steeds onder dat van de periode pre-corona.

Figuur 3: Werkslooheid loopt licht op

Bron: CBS

Figuur 4: Aantal faillissementen bijna terug op pre-coronaniveau

Bron: CBS

Zowel de toenemende werkloosheid als het stijgende aantal faillissementen zijn tekenen dat de economie afkoelt. Ook op sectorniveau voorzien we dat de groei vertraagt, al zijn er onderling verschillen. Zo verwachten we dat de industrie de grootste daling in productie al heeft gehad. De industriële productie nam in 2021 flink toe en bereikte een piek in april 2022. De productie lag toen circa 16 procent hoger dan het gemiddelde niveau van 2019. Daarna daalde de productie en lag deze in september nog ongeveer 1 procent boven het gemiddelde niveau van 2019. Hoewel het producentenvertrouwen sinds augustus negatief was, steeg het van -2,2 in augustus en september tot -1,8 in oktober.