Opinie

Waar je opgroeit bepaalt je latere inkomen, ook in Nederland

7 december 2020 10:21

De regio waar je opgroeit bepaalt in sterke mate de kans op een succesvol leven later. Ook in Nederland. Landelijk beleid gericht op kansengelijkheid is dus niet voldoende. Een nieuw kabinet zal regionaal en lokaal beleid moeten voeren.

Meisjes op de fiets op het platteland

Je zal maar in Charlotte (North Carolina, VS) geboren zijn

We kennen allemaal de American Dream. Als je maar hard werkt, je kansen verzilvert, dan kun je je opwerken van krantenjongen tot directeur. Een metafoor voor kansengelijkheid. De werkelijkheid is vele malen weerbarstiger. Er is sprake van kansenongelijkheid, zodat niet iedereen zijn of haar potentie kan verzilveren.

Veel factoren bepalen hoe iemand zich kan ontwikkelen. Maar recent komt vooral het inzicht naar voren dat de Amerikaanse droom sterk ongelijk is verdeeld: de plek waar je wieg staat bepaalt namelijk in belangrijke mate hoe je je kunt ontwikkelen. De Opportunity Atlas laat dat beeldend zien. In sommige regio’s hebben opgroeiende kinderen nauwelijks de mogelijkheid om zich later in welvaart gunstig te ontwikkelen. Ter illustratie: een kind uit een arm gezin in Charlotte heeft een drie keer kleinere kans om later bij de bovenste 20 procent van de inkomensverdeling te geraken, vergeleken met bijvoorbeeld Salt Lake City of Pittsburgh.

Je zal maar in Zuid-Nederland of Oost-Groningen geboren zijn

Maar dat is Amerika. In Nederland zou het toch niet moeten uitmaken waar je opgroeit? Wel dus! De recent door de Erasmus Universiteit gemaakte Nederlandse kansenkaart laat ook hier grote regionale verschillen zien. Grofweg zie je dat als je opgroeit in de periferie van het land, het Noorden, Zeeland, Limburg, je in inkomensontwikkeling de rest van je leven op achterstand staat. Een voorbeeld: groei je op in een arm gezin in Brabant of de Randstad dan heb je op latere leeftijd een inkomen dat gemiddeld de helft hoger ligt dan iemand uit een arm gezin in Zuid-Limburg of de noordelijke provincies.

Recent onderzoek van Onderzoeksbureau SEO laat met soortgelijke data zien dat de geografische verschillen in Nederland fors zijn. Kinderen die op jonge leeftijd verhuizen naar een betere regio maken elke jaar dat ze in deze nieuwe regio wonen een kleine 3 procent van het verschil in inkomen met de oude regio goed. Concreet: als kinderen verhuizen als ze zeven jaar oud zijn dan hebben ze ruim 45 procent van hun achterstand goedgemaakt als ze 28 jaar zijn.

Regio waarin je opgroeit bepaalt je latere inkomen

De regio waarin je opgroeit kan dus een aanzienlijk effect hebben op de kansen die een kind krijgt en daarmee op het latere inkomen. De genoemde studies tonen de verbanden aan door Nederlandse steden en regio’s te vergelijken. Veel onderzoek is nog nodig, maar factoren die in de literatuur naar voren komen, geven aan dat gebieden met een zogenoemde hoge opwaartse mobiliteit te maken hebben met minder segregatie en inkomensongelijkheid, betere scholen, meer sociaal kapitaal en meer gezinsstabiliteit. Ook vallen regio’s die zich de afgelopen decennia economisch gunstig hebben ontwikkeld, vaak samen met gunstigere kansen en andersom.

Mensen betalen om te verhuizen? Liever overal investeren in kansen

In Amerika worden mobility vouchers als een oplossing voor kansongelijkheid aangedragen; verhuissubsidies dus. Dit kan helpen, ook in Nederland. Maar Nederlanders zijn behoorlijk honkvast zijn en onze inflexibele woningmark beperkt mensen. Daarom pleit ik liever voor gebiedsgericht kansenbeleid. Denk aan regiospecifiek onderwijsbeleid, of werkgelegenheids- en ondernemerschapsbeleid. Ook kan het huidige regio-deal-beleid nadrukkelijker rond kansengelijkheid worden ingericht, om uiteindelijk de brede welvaart in de regio’s te verbeteren. Nu kansengelijkheid een van dé thema’s van de aanstaande verkiezingen lijkt te worden, kunnen we niet meer om de geografie van kansengelijkheid heen.

Eerder verschenen bij RTL Nieuws - Opinie.