Onderzoek

Coalitieakkoord: hoge ambities, maar aarzelend begin

17 december 2021 10:55

De nieuwe coalitie zet stappen op belangrijke dossiers zoals klimaat, economisch verdienvermogen, arbeidsmarkt en woningmarkt, maar het tempo had hoger gekund.

Meteen de diepte in?
Lees de volledige studie
binnenhof den haag

Met het gepresenteerde coalitieakkoord zetten VVD, D66, CDA en ChristenUnie de lange mars naar een klimaatneutrale samenleving eindelijk serieus in. Ook wil de nieuwe coalitie investeren in het toekomstige verdienvermogen van onze economie. Haar inzet voor meer nieuwbouwwoningen is verder ambitieus, maar de haalbaarheid ervan onzeker. Broodnodige belastinghervormingen blijven vooralsnog uit en ook is er te weinig aandacht voor de samenhang tussen de verschillende beleidsterreinen en de impact op brede welvaart.

Tegemoetkomen aan opgaven

De coalitie pakt sommige uitdagingen voortvarend aan, terwijl zij op andere thema's de hete aardappel doorschuift naar een volgend kabinet, of concrete plannen in het geheel achterwege laat. Ook is het maar de vraag of al het beoogde beleid voldoende tegemoetkomt aan de opgaven waar Nederland op korte termijn voor staat. Zo ontbreekt een plan om te komen tot een breed gedragen visie op hoe Nederland kan leren 'leven’ met het coronavirus.

Meer visie op klimaat en stikstofproblematiek

Het coalitieakkoord geeft blijk van meer visie op de klimaatproblematiek. Zo staat erin dat Nederland de broeikasgasreductiedoelstelling voor 2030 opschroeft naar 55 procent, ook de Europese doelstelling. Daarnaast wil de overheid in de beleidsontwikkeling voor de zekerheid inzetten op 60 procent reductie. Op deze manier is de kans groter dat het gestelde doel daadwerkelijk wordt behaald.

De stikstofuitstoot moet in 2030 landelijk met 50 procent zijn verlaagd. De voorgestelde gebiedsgerichte aanpak is de enige manier om de economie (inclusief land- en tuinbouw) maximaal te faciliteren binnen de krimpende kaders met betrekking tot stikstof, klimaat, water en biodiversiteit. Voor de veehouderij betekent dit dat meer ondernemers versneld hun bedrijf zullen beëindigen ten gunste van het toekomstperspectief van de blijvers.

Woningmarktmaatregelen: vraagkant blijft onderbelicht

Het regeerakkoord bevat een flink aantal maatregelen voor de woningmarkt om de groep die nu tussen wal en schip valt te helpen. Het nieuwe kabinet zet serieus in op het vergroten van de woningvoorraad en dat is ook hard nodig. Door capaciteitsproblemen is het echter de vraag of – en hoe snel – het deze ambities kan realiseren. Tegelijkertijd blijft de gunstige fiscale behandeling van de eigen woning in stand en beperkt het kabinet de rol van private verhuurders en vergroot het die van corporaties. De ontwikkeling van de vrije huursector tot een volwaardig alternatief voor een koopwoning raakt daarmee uit beeld.

Nog te laag tempo op dossier arbeidsmarkt

De ambitie en het tempo om de arbeidsmarkt te hervormen lijkt niet hoog te liggen. De zelfstandigenaftrek blijft bestaan, maar wordt sneller afgebouwd dan nu het geval is. Verder bevestigt de coalitie de al eerder aangekondigde maatregelen voor zzp’ers: zo komt er voor hen onder meer een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering.

Zoals we op basis van de verkiezingsprogramma’s van de coalitiepartners hadden verwacht, verhoogt het nieuwe kabinet stapsgewijs het wettelijk minimumloon. Het coalitieakkoord belooft een stapsgewijze verhoging van 7,5 procent, maar pas vanaf 2024. De vergoeding van de kosten van kinderopvang gaat ‘in stappen’ omhoog naar 95 procent. Positief is dat de kinderopvangtoeslag in zijn huidige vorm verdwijnt en rechtstreeks wordt betaald aan kinderopvanginstellingen. Voor wat betreft de arbeidsmarkt en sociale regelingen kiest de coalitie dus de juiste richting, maar ligt het tempo te laag.

Broodnodige belastingherziening blijft uit

De coalitie zet voorzichtig stappen naar een toekomstbestendig belastingstelsel. Zo is er een duidelijke verschuiving van belasting op arbeid (3 miljard euro lastenverlichting) naar vermogen en kapitaal, milieuvervuiling en ongezond gedrag. De omvang van deze verschuiving is echter beperkt. Een gemiste kans in het coalitieakkoord is dat een grondige herziening van het belasting- en toeslagenstelsel ontbreekt.

Daarmee treedt het kabinet onvoldoende op tegen de relatief hoge vermogensongelijkheid in Nederland. Ook blijft de belastingdruk op arbeid voor (lage) middeninkomens te hoog, waardoor het voor parttimers financieel onaantrekkelijk blijft om de werkweek uit te breiden. Dit terwijl dat juist broodnodig is gezien de huidige en toekomstige arbeidsschaarste in bijvoorbeeld zorg en onderwijs.

Serieuze investeringen in verdienvermogen economie

Om de kenniseconomie te stimuleren, zet de coalitie ambitieuze stappen. Zo richt zij het door Rutte III opgerichte Groeifonds van 20 miljard euro volledig op onderzoek & ontwikkeling (o&o), kennisontwikkeling en innovatie. Ook richt het kabinet een wetenschapsfonds op waarmee 5 miljard over tien jaar is gemoeid. Dit fonds richt zich op het stimuleren van achtergebleven investeringen in publiek onderzoek en het versterken van de onderzoeksinfrastructuur. Ook deze keuzes van het kabinet juichen we toe: publieke en private investeringen zijn beide nodig en complementair om te zorgen voor positieve economische effecten. Bovendien kan dit beleid helpen om andere maatschappelijke ambities op het gebied van bijvoorbeeld de energietransitie en klimaat te versnellen.

Onderwijs en zorg krijgen prioriteit, maar zorg krijgt geen extra geld

De coalitie stelt zich ten doel de kwaliteit van de gezondheidszorg en het onderwijs te verbeteren. Dit is verstandig, omdat dit zowel de brede welvaart verhoogt als het toekomstige verdienvermogen van de Nederlandse economie versterkt. Per saldo trekt het kabinet voor onderwijs fors meer geld uit. In het hoger onderwijs schaft het kabinet het sociale leenstelsel af en voert het opnieuw de studiebeurs in. Deze maatregel werkt per saldo denivellerend, omdat studenten met draagkrachtige ouders deze beurs ook krijgen, terwijl in het sociale leenstelsel ouders met minder draagkracht werden gecompenseerd.

Het nieuwe kabinet gaat investeren in het pandemiebestendig maken van de gezondheidszorg. De vraag is of de opgenomen bedragen voldoende zijn. Verder valt op dat de coalitie forse besparingen denkt te kunnen behalen van 4 miljard euro. Het risico is dat dergelijke besparingen onhaalbaar blijken, doordat toch niet de gewenste kwaliteit kan worden geleverd. Dat slaat een groot gat in toekomstige begrotingen. Overigens blijven de zorguitgaven ook na deze maatregelen oplopen.

Integrale visie op brede welvaart ontbreekt

De coalitie streeft naar “een duurzaam welvarend land voor de huidige en toekomstige generaties, waarin alle inwoners naar vermogen mee kunnen doen”. Een veelbelovend perspectief, maar de uitwerking bevat vooral een aaneenschakeling van losse ideeën: van het tegengaan van klimaatverandering en de aanpak van de stikstofcrisis tot het veiliger maken van wijken en het investeren in een goed vestigingsklimaat voor bedrijven. Weliswaar raken veel van deze ideeën aan de belangrijke uitdagingen van deze tijd en aan brede welvaart in het algemeen, maar het is onduidelijk hoe de ideeën in samenhang bijdragen aan het verwezenlijken van het eerdergenoemde doel. Hoe haken de ideeën op elkaar in? Welke ideeën zijn complementair en waar schuren ze juist? Waar leidt meer van het één tot juist minder van iets anders? En wat zijn de consequenties voor mensen en bedrijven? Een samenhangende richting met scherpe en duidelijke keuzes ontbreekt.