Boer melkt koeien

Bovengemiddelde melkprijs is lening

Verder op deze pagina:

    Naar verwachting nemen de prijsschommelingen verder toe. Wat betekent dit voor jou als veehouder?

    Sinds 2007 zijn de melkprijsschommelingen sterk toegenomen. In 2007 en tussen 2011 en 2014 was er sprake van gemiddelde melkprijzen boven de prognoseprijs van € 34,50 per 100 kilogram (zie Figuur 3). Ook dit jaar zal de gemiddelde melkprijs ruim boven de prognoseprijs uitkomen. 

    Alleen in 2009 en 2016 werden écht slechte jaren genoteerd, met melkprijzen rond de € 30. Door deze volatiele markt moeten melkveehouders periodes met goede melkprijzen beschouwen als lening van de markt. Door financiële reserves aan te leggen als buffer voor slechte jaren.

    Figuur 3 Schommelingen melkprijs

    Succesvol buffers opbouwen

    Bij een teruglopende melkprijs is het naïef om te denken dat bijsturen op de variabele kosten voor een langere periode voldoende is. Een buffer die is opgebouwd in betere tijden is noodzakelijk. De mate waarin bedrijven tijdens periodes met goede melkprijzen financiële reserves op kunnen bouwen, wordt bepaald door de reserveringscapaciteit. Succesvol reserves opbouwen kan bijvoorbeeld door een scherpe afstemming tussen de productiemiddelen, inzicht in de kostprijs en verantwoorde privé-uitgaven.

    Ga voor een hoge reserveringscapaciteit

    Binnen Nederland bestaan er aanzienlijke verschillen in de reserveringscapaciteit van melkveebedrijven. Dat blijkt uit onze analyses van de beschikbare jaarcijfers. Bedrijven met een hoge reserveringscapaciteit behaalden gemiddeld € 6 per 100 kilogram meer reserveringscapaciteit dan bedrijven met een gemiddelde reserveringscapaciteit. Deze bedrijven presteren over de gehele linie beter (zie Figuur 4).-Verschillen ten opzichte van een gemiddeld bedrijf

    Prestaties hoge reserveringscapaciteit

    Verschillen uitgedrukt in € per 100 kilogram melk

    Ontvangen een hogere melkprijs (+ € 0,60 per 100 kilogram melk).In de toekomst zullen weidepremies en duurzaamheidstoeslagen naar verwachting een grotere rol spelen in de opbouw van de uitbetaalde melkprijzen.Omzet en aanwas is 8% hoger (+ € 0,25).Sturen nadrukkelijk aan op een balans tussen grondpositie en ruwvoervoorziening. Deze bedrijven zijn niet per definitie als ‘intensief’ of ‘extensief’ te bestempelen.10% minder voerkosten (- € 1,10) en 30% minder mestafzetkosten (- € 0,20)Reserveringscapaciteit per grootvee eenheid (GVE) ligt ruim € 375 per GVE hoger.Optimaliseren het rendement van hun veestapel. Centraal in hun bedrijfsvoering staat de koe en de kwaliteit van ruwvoerwinning.Beperken de kosten voor vee (- € 0,35) en krachtvoer door veel aandacht te besteden aan de gezondheid van de veestapel en optimale benutting van eigen ruwvoer.Lagere kosten voor ingehuurde arbeid en loonwerker (- € 0,45).Privé-uitgaves worden op een verantwoorde manier uit het bedrijf onttrokken (- € 1,00).Behalen hoger bedrijfssaldo en bruto overschot.Nauwelijks verschil in vet- en eiwitgehalte.Nauwelijks verschil in gemiddelde jongbezetting.

    Misverstanden over opbouw reserveringscapacitiet

    De mate waarin bedrijven in staat zijn reserveringscapaciteit op te bouwen, wordt niet bepaalde door; de grootte van het bedrijf: de reserveringscapaciteit van een bedrijf wordt niet bepaald door de grootte van het bedrijf. Zowel bedrijven met een melkproductie van nog geen 800.000 kilogram als bedrijven met een productie van meer dan 3.000.000 kilogram per jaar zijn in staat om tot de best presterende groep te behoren.de intensieve of extensieve bedrijfsvoering: bedrijven met een hoge reserveringscapaciteit zijn niet per definitie als ‘intensief’ of ‘extensief’ te bestempelen. De grondpositie wordt voornamelijk afgestemd met de benodigde (ruw)voervoorziening, waardoor een voordeel behaald wordt in de voer- en mestafzetkosten.het financieringsniveau: in het financieringsniveau (per kilogram melk), inclusief gekapitaliseerde pacht, zijn geen significante verschillen in reserveringscapaciteit waar te nemen.
    Melkveevisie zuivelmarkt

    De zuivelmarkt, van nu tot 2022

    De mondiale zuivelmarkt groeit nog steeds, vooral door opkomende economieën. Dit biedt kansen voor exportlanden. De Nederlandse melkproductie wordt geremd door de beperkte beschikbaarheid van land en het fosfaatrechtensysteem.

    Lees meer...

    Fosfaat header

    Fosfaat: boerenverstand gevraagd

    Pas op met risicovolle investeringen in fosfaatrechten. Dit kan een bedreiging vormen voor de financiële weerbaarheid van je bedrijf. In dit artikel geven we een uitgebreid rekenvoorbeeld van de financiering van investeringen in fosfaatrechten.

    Lees meer...

    Klimaat- en emissiedoelstellingen

    Klimaat- en emissiedoelstellingen

    Door de klimaatdoelstellingen in het nieuwe regeerakkoord moet de zuivelsector in 2030 aan scherpere emissiedoelstellingen voldoen. De zuivelketen kan kiezen: nu al zelf initiatieven opzetten of wachten op de dwingende hand van de overheid.

    Lees meer...

    Nederlands zuivellandschap in 2030

    Nederlands zuivellandschap in 2030

    De strategie van je melkveebedrijf bepaal je niet alleen aan de hand de trends en ontwikkelingen. Je wilt ook het landschap kennen waarin je bedrijf zich in 2030 zal bevinden. In dit artikel lichten we ontwikkelingen toe die steeds belangrijker worden.

    Lees meer...

    Marijn Dekkers

    Marijn Dekkers

    • Sectorspecialist
    • Melkveehouderij
    030 21 63203 LinkedIn
    Richard Schepers

    Richard Scheper

    • Zuivelanalist RaboResearch
    • Food & Agriculture
    +31 30 71 23788 LinkedIn