Onderzoek

Schijnt de kerstster nog steeds helder aan het firmament?

13 december 2023 8:30 RaboResearch

Van veel potplanten is Nederland verreweg de belangrijkste Europese producent. Dat is bij de Euphorbia Pulcherrima – de officiële naam voor de kerstster of Poinsettia, veel minder het geval. Jaarlijks worden in Nederland zo’n 19 miljoen kerststerren geteeld, ongeveer 20 procent van de Europese productie. Toch past de kerstster goed in het teeltschema van veel bedrijven. Daarom probeert de sector de afzet van de plant op peil te houden door nieuwe rassen te introduceren en de teelt te verduurzamen.

Kerststerren in verschillende kleuren.

Kerstster: in veel landen een belangrijk seizoenproduct

Elk jaar zien we de kerstster (ook wel Euphorbia pulcherrima of Poinsettia) in de weken voor Kerstmis weer verschijnen bij de bloemist, de supermarkt of het tuincentrum. De Nederlandse productie en afzet van kerstster maken maar een klein deel uit van de wereldproductie en -afzet. De plant is inheems in Mexico en Guatemala, en wordt in Mexico de Flores de Noche Buena (de bloem van de kerstavond) genoemd.

Wereldwijd worden - naar schatting – bijna 200 miljoen poinsettia’s verkocht met een winkelwaarde die vermoedelijk iets boven de 1 miljard euro ligt.

De markt voor kerstster in Nederland ligt naar schatting op zo’n 5 à 7 miljoen stuks. De belangrijkste markten voor de kerstster zijn de Verenigde Staten (circa 70 miljoen stuks), Duitsland (20 à 25 miljoen), Mexico (15 à 20 miljoen), Italië (15 miljoen), Spanje (10 miljoen). Ter vergelijking: In Nederland worden volgens de Vereniging Nederlandse Kerstbomenkwekers (VNK) jaarlijks zo’n 2,2 tot 2,5 miljoen kerstbomen verkocht (Verkoop van kerstbomen stabiel en steeds duurzamer - Rabobank).

Van het eindproduct vindt vrijwel uitsluitend handel plaats binnen Europa of binnen de Verenigde Staten. Vanwege plantgezondheidsregels of hoge transportkosten is het lastig om kerststerren die al zijn opgepot te verhandelen van bijvoorbeeld Mexico of Europa naar de Verenigde Staten. Teeltbedrijven richten zich dus vooral op afzet in eigen land of in buurland(en). Van de productie In Nederland wordt circa 80 procent geëxporteerd.

Nederlandse teelt van kerstster moet passen in een jaarrond-teeltschema van de teler.

Veruit het grootste deel van de afzet van de kerstster vindt plaats in november en december. In de overige maanden is de afzet beperkt. De teeltduur van de kerstster bij de teler bedraagt zo’n 15 à 20 weken in de maanden juli – december. En dit is uiteraard afhankelijk van het uitgangsmateriaal, het ras, de af te leveren potmaat en plantgrootte. In de overige maanden wordt de kas voor andere teelten gebruikt. Meestal zijn het bedrijven met andere bloeiende potplanten of met perkplanten die een kerstster kunnen opnemen in het teeltplan. Ook opkweekbedrijven voor groenteplanten nemen de kerstster soms op in hun teeltplan. In totaal nemen in ons land circa 25 tuinbouwbedrijven meer dan 80 procent van de productie van kerstster voor hun rekening.

Nieuwe innovaties nodig om de markt in stand te houden

Om de afzet van kerststerren op peil te houden is het belangrijk de consument te blijven verrassen met nieuwe variëteiten en innovaties door te voeren voor een duurzamere teelt.

Wereldwijd zijn zeven veredelingsbedrijven de belangrijkste ontwikkelaars van nieuwe rassen. Vrijwel elk jaar zetten deze bedrijven demonstratie op om telers, handelspartijen en detailhandel te informeren over nieuwe rassen. Denk hierbij aan de kleur en vorm van de (schut)bladeren, resistenties en in het verlengde hiervan duurzamere teeltmethoden.

“Vier veredelingsbedrijven voeren samen een marketingcampagne voor de poinsettia”

Nadat de teler een keuze heeft gemaakt voor het te telen ras, produceert een vermeerderingsbedrijf onbewortelde stekken. De vermeerderingsbedrijven zijn eigendom van de veredelingsbedrijven of werken er nauw mee samen via licentie-overeenkomsten.

De productie van deze onbewortelde stekken vindt vaak plaats onder klimatologisch gunstige omstandigheden zoals in Costa Rica, Guatemala of Kenia. Na transport naar het land van bestemming worden de onbewortelde stekken meestal beworteld in het land van de uiteindelijke teler. De bewortelde stekken gaan in juli of augustus naar de teeltbedrijven.

Wat zijn de innovaties in de kerstster-keten?

    Veredeling: De veredeling focust zich naast sierwaarde ook op resistenties en lage temperatuur efficiëntie. Voorbeelden zijn het vinden van nieuwe resistenties tegen de schade die de witte vlieg kan aanrichten en het testen van nieuwe rassen op de uitgangspunten van Het Nieuwe Telen (HNT) waardoor de energiebehoefte (onder glas) in de teelt afneemt. Teelt: Teeltbedrijven experimenteren met kokos, houtvezel, compost of bast om de gebruikte hoeveelheid veen te verminderen. Daarnaast is biologische gewasbescherming inmiddels een breed geaccepteerde methode. Ook wordt er geëxperimenteerd met duurzamere potten en etiketten. Veel teeltbedrijven hebben hun bedrijfsvoering gecertificeerd volgens een van de bekende standaarden (MPS, Global-Gap, Fairtrade) en proberen stapsgewijs duurzamer te produceren. Afzet: Vier veredelingsbedrijven hebben net na de eeuwwisseling een gezamenlijke campagne opgezet om de kerstster te promoten. De nadruk ligt in de marketing vooral op nieuwe kleurencombinaties (zoals zalm, oranje en geel), verschillende plantgroottes en het aantal gekleurde (schut)bladeren.