Onderzoek
Nederlandse bedrijven zijn weerbaarder geworden, maar risico’s blijven groot
Sectoren wereldwijd hebben te maken met risico's op allerlei vlakken, van acute dreigingen als gevolg van geopolitieke ontwikkelingen tot bijvoorbeeld klimaatrisico's op de langere termijn. RaboResearch onderzocht de mate waarin Nederlandse sectoren risisco's ervaren en of ze maatregelen nemen om zich daartegen te verweren.

In het kort
Bij de 56ste jaarlijkse bijeenkomst van het World Economic Forum (WEF) in Davos komen wereldleiders samen om over mondiale uitdagingen te praten en om te bespreken hoe daar gezamenlijk in op te treden. Dat doen ze in een ‘Spirit of Dialogue’, zoals het thema dit jaar is geformuleerd. Dat dialoog als thema is gekozen is niet toevallig; er zijn grote wereldwijde spanningen, onzekerheid en somberheid.
Een van de belangrijke publicaties rond deze bijeenkomst is het jaarlijkse Global Risk Report, waarin een assessment is gemaakt van de ingeschatte risico’s die economieën en bedrijven ervaren. Nog nadrukkelijker dan in andere jaren komen geopolitieke spanningen hierin terug. Het Global Risk Report 2026 laat een wereld zien die verschuift van zorgen over klimaat naar acute dreigingen vanuit geopolitieke ontwikkelingen, technologie en maatschappelijke fragmentatie. Geo-economische confrontatie, desinformatie, AI‑risico’s en polarisatie domineren de korte termijn, terwijl klimaatverandering op de lange termijn de grootste existentiële bedreiging blijft. Het vizier richt zich dus meer op de korte termijn, gericht op risico’s in handelsketens, productiecapaciteiten van bedrijven en de beschikbaarheid van grondstoffen en andere inputs, zeker omdat deze steeds vaker als ‘strategisch wapen’ worden ingezet. Geopolitiek en economie zijn daarbij onlosmakelijk verweven geraakt.
Net als het Global Risk Report meten wij jaarlijks hoe het Nederlandse bedrijfsleven risico’s ervaart. In lijn met het Global Risk Report vragen we welke risico’s een grote negatieve impact zouden hebben op de continuïteit van bedrijven als ze zich voordoen. Vervolgens analyseren we wat bedrijven doen om deze risico’s af te dekken. We splitsen de resultaten ook uit naar grootteklasse en sector. Daarmee krijgen we een beeld hoe weerbaar het bedrijfsleven is en zien we ook of bedrijven werken aan het verminderen van strategische afhankelijkheden.
Bedrijfsleven staat voor vraagstuk van breed risicomanagement
Eerder beschreven we dat het bedrijfsleven te maken heeft met een breed palet aan risico’s. Dat is nu niet anders. Ongeveer de helft van de bedrijven geeft aan dat cybermisdaad, elektriciteitstekorten, nieuwe technologieën, extreme financiële risico’s en geo-economische maatregelen grote negatieve impact zouden hebben op de continuïteit van hun onderneming (zie figuur 1). [1]
Het aantal bedrijven dat extreme weeromstandigheden, milieuvervuiling en watertekorten als negatief voor hun bedrijven beoordeelt is iets kleiner, maar ligt nog steeds rond de 30%.
Ten opzichte van vorig jaar is het percentage bedrijven dat grote negatieve gevolgen verwacht voor alle risico’s gemiddeld wel iets kleiner geworden. Voor meer acute risico’s, rond cybermisdaad en geopolitiek, is die daling minder dan bij risico’s die meer op lange termijn spelen, zoals klimaat en milieu.
Mogelijk speelt hierbij mee dat bedrijven meer risico’s zijn gaan afdekken, wat kan betekenen dat ze de risico’s ook anders zijn gaan inschatten.
[1] De enquête is afgenomen in november van 2025, en neemt daarmee de recente perikelen rond Groenland niet mee.
Figuur 1: Cybermisdaad risico met grootste negatieve impact voor Nederlandse bedrijven

Uit figuur 1 wordt ook duidelijk dat relatief veel bedrijven aangeven dat nieuwe technologieën een groot risico voor de onderneming kunnen zijn. Ondanks dat deze nieuwe technologieën ook kansen kunnen bieden, laat dit zien dat er ook een bepaalde onrust leeft bij ondernemingen over de mogelijke risico’s die deze technologische veranderingen met zich mee kunnen brengen. Een voorbeeld hiervan is de opmars van kunstmatige intelligentie (AI). Die kan een positief productiviteitseffect voor bedrijven hebben. Aan de andere kant zou AI banen kunnen vervangen, waardoor de werkloosheid oploopt.[2] Voor bedrijven die zich lastig kunnen aanpassen, brengt dit ook onzekerheid met zich mee. In het eerder genoemde Global Risk Report wordt benadrukt dat vooral de risico’s rond misinformatie en desinformatie, gerelateerd aan informatiechaos en democratische destabilisatie, en digitale veiligheid hoog worden ingeschat. Hieraan gerelateerd zijn ook de maatschappelijke risico’s sterk gestegen, vooral ten aanzien van aan polarisatie en vertrouwen in instituties.
[2] In een recente studie laten we zien dat de werkloosheid oploopt onder jongeren in beroepen die vatbaar zijn voor vervanging door GenAI.
Verschillende sectoren, verschillende risico’s
Een uitsplitsing naar verschillende sectoren legt grote onderliggende verschillen bloot (zie figuur 2). De landbouw wordt in potentie vooral geraakt door extreme weersomstandigheden, watertekorten en milieuvervuiling. Bedrijven in de industrie geven aan vooral kwetsbaar te zijn voor geo‑economische maatregelen en elektriciteitstekorten. In de dienstensector speelt cybermisdaad een grote rol. Per sector verschillen dus de belangrijkste risico’s, die vooral aan de kernprocessen van de bedrijven in deze sectoren zijn gerelateerd.
Tegelijkertijd geldt dat in iedere sector elk uitgevraagd risico in meer of mindere mate een rol speelt. Bij risico’s die minder sector-gerelateerd zijn, geeft nog steeds minstens een vijfde van de bedrijven aan dat het de continuïteit van de bedrijfsvoering ernstig kan beïnvloeden.
Figuur 2: Landbouw kwetsbaar voor extreem weer, industrie voor geopolitiek

De verandering van risico-inschatting uitgesplitst naar sectoren weerspiegelt recente gebeurtenissen en laat een nog iets verfijnder plaatje zien dan de gemiddelde verandering in risico-inschatting over de sectoren heen. Zo geldt voor de industrie dat het aantal bedrijven dat elektriciteitstekorten inschat als een risico met grote negatieve impact is gestegen. Het volle stroomnet is in 2025 actueler geworden. Hetzelfde geldt voor de impact van geo-economische maatregelen. Het handelsbeleid vanuit de VS heeft dat risico voor meer bedrijven in de industrie concreet gemaakt.
Figuur 3: Toename in geschatte risico-impact voor industrie vanuit geopolitiek

In andere sectoren zien we een diffuus beeld voor wat betreft de verandering van risico-inschatting. Zo zijn in de landbouw de zorgen over elektriciteitstekorten ook toegenomen, maar zijn in de dienstensector de inschattingen over de hele linie wat lager dan vorig jaar. Zie de bijlage voor de gehele sectorale uitsplitsing (zie tabel 1).
Bedrijven zijn weerbaarder geworden
Ten opzichte van vorig jaar zijn bedrijven meer gaan doen om risico’s af te dekken (zie figuur 4). Vooral de maatregelen om samenwerkingsverbanden in andere landen of werelddelen aan te gaan en om grotere voorraden aan te houden zijn toegenomen. Overkoepelend blijven digitale veiligheidsmaatregelen de meest genomen maatregelen van de bedrijven, gevolgd door vermindering van afhankelijkheid van individuele klanten en leveranciers.
Figuur 4: Bedrijven nemen meer maatregelen om risico’s af te dekken

Grotere bedrijven en industriële bedrijven proberen strategische afhankelijkheid te verminderen
Als we inzoomen op de mate waarin bedrijven bezig zijn met het verminderen van de strategische afhankelijkheid van andere landen, blijkt ongeveer 20% van de ondernemingen hieraan te werken (zie figuur 5). Dit kunnen bedrijven bijvoorbeeld doen door de import van goederen en diensten te beperken of door bepaalde activiteiten naar Nederland te verplaatsen (dataopslag, callcenters et cetera).
Van deze bedrijven zijn het voornamelijk grotere ondernemingen die aangeven bezig te zijn met het verminderen van hun strategische afhankelijkheid van zowel landen buiten als binnen de EU; daar is het percentage ongeveer 50%. Mogelijk speelt hier een oververtegenwoordiging mee van grote bedrijven onder exporterende ondernemingen. Dit beeld is ten opzichte van vorig jaar hetzelfde gebleven. Uitgesplitst naar sectoren blijkt dat vooral de industrie bezig is met het verlagen van de strategische afhankelijkheid binnen en buiten de EU (zie figuur 6).
Figuur 5: Ongeveer 50% van de grote ondernemingen werkt aan het verminderen van de strategische afhankelijkheid

Figuur 6: Vooral industriële bedrijven werken aan verminderen strategische afhankelijkheid

Conclusie
Nederlandse bedrijven zijn het afgelopen jaar weerbaarder geworden; ze zijn meer risico’s gaan afdekken en schatten daarmee gemiddeld ook in dat verschillende risico’s minder impact op de continuïteit van hun onderneming zullen hebben ten opzichte van vorig jaar.
Maar de potentiële impact van verschillende risico’s blijft hoog, waarbij de meest impactvolle risico’s verschillen per sector. Tegelijkertijd geven relatief veel bedrijven van meerdere risico’s aan dat deze de continuïteit van hun bedrijf beïnvloeden als ze optreden. Dit onderstreept het belang van breed risicomanagement.
Bijlage
Tabel 1: Procentpunt verschil tussen 2024 en 2025 voor de mate waarin de betreffende risico’s als een groot risico voor de onderneming worden beschouwd, mochten ze zich voordoen.

Onderzoeksverantwoording
Representativiteit
Jaarlijks zet onderzoeksbureau Ipsos I&O in opdracht van RaboResearch een enquête uit onder een representatieve groep bedrijven in Nederland, waarin vragen zijn opgenomen over de transitie naar een duurzame economie en de weerbaarheid van bedrijven voor risico’s. Voor dit onderzoek hebben 1.204 vertegenwoordigers van ondernemingen eind 2025 vragen beantwoord en daarbij hun sector en grootteklasse doorgegeven. We hebbend de data kruislings gewogen naar sector en grootteklasse (wegingsfactor 0,2-5).[3] Alleen ondernemingen met meer dan één werknemer zijn meegenomen in het onderzoek. Onderstaande tabel geeft de representativiteit van de data weer ten opzichte van de CBS-data. In de analyse van de data is per geanalyseerde enquête vraag een filter toegepast om de antwoorden ‘weet ik niet/wil ik niet zeggen’ te verwijderen.
[3] De wegingen voor 2024 zijn in de huidige analyse iets aangepast. Dit heeft geen grote gevolgen voor de resultaten of de daaraan verbonden conclusies.
Tabel 2: Representativiteitstabel

Enquêtevragen
De navolgende enquêtevragen zijn gebruikt in het onderzoek.
1. Onderstaand worden risico’s weergegeven voor ondernemingen. Geef per risico aan in hoeverre u het eens bent met de volgende stelling. “Dit risico heeft, als het zich voordoet, een grote invloed op mijn onderneming.”
- Extreme weersomstandigheden (bijvoorbeeld overstromingen, stormen, droogte, hitte)
- Milieuvervuiling (bijvoorbeeld bodemvervuiling, grondwaterverontreiniging, luchtvervuiling)
- Watertekorten
- Elektriciteitstekorten (netcongestie)
- Nieuwe technologieën (bijvoorbeeld nadelige gevolgen van kunstmatige intelligentie of 3d-printer)
- Cybermisdaad, hackers-aanvallen en andere digitale onveiligheid
- Geo-economische maatregelen (bijvoorbeeld invoerheffingen, economische sancties, protectionistische belastingen en subsidies, en als gevolg hiervan tekorten in grond- en brandstoffen)
- Vermindering van maatschappelijke betrokkenheid van inwoners (bijvoorbeeld stakingen, protesten/maatschappelijke onrust [4], opstanden, plunderingen)
- Extreme financiële risico’s (bijvoorbeeld schommelingen rente centrale bank, instorten financiële markten, economische crisis)
Antwoordopties: a. helemaal mee oneens, b. mee oneens, c. enigszins mee oneens, d. niet mee oneens, niet mee eens, e. enigszins mee eens, f. mee eens, g. helemaal mee eens, h. weet ik niet/wil ik niet zeggen.
2. In hoeverre bent u het eens of oneens met de volgende stellingen over het nemen van additionele maatregelen om risico’s af te dekken? Het gaat hier om ‘additionele’ maatregelen, die in de afgelopen twee jaar zijn genomen bovenop al eerder genomen maatregelen.
- Ons bedrijf heeft additionele fysieke veiligheidsmaatregelen genomen (bijvoorbeeld beveiliging, camera’s, toegangssystemen et cetera).
- Ons bedrijf heeft additionele digitale veiligheidsmaatregelen genomen (bijvoorbeeld firewalls, standalone servers, cyberveiligheidsexperts ingehuurd, extra back-ups et cetera).
- Wij hebben de verzekeringen aangepast om meer risico’s te dekken (denk hierbij ook aan financiële instrumenten om valutarisico’s af te dekken).
- We hebben maatregelen genomen om minder afhankelijk te zijn van individuele klanten of leveranciers (dit kan door bewust met meerdere verschillende klanten of leveranciers te werken of door een deel van de productiemiddelen in-house te produceren).
- Wij zijn samenwerkingsverbanden in andere landen of werelddelen/in andere werelddelen aangegaan (in de vorm van een deelneming, contractuele of financiële afhankelijkheid).
- We hebben een gedeelte van de onderneming verplaatst naar een ander land (hoofdkantoor, productielijnen et cetera).
- Wij houden grotere voorraden aan.
Antwoordopties: a. helemaal mee oneens, b. mee oneens, c. enigszins mee oneens, d. niet mee oneens, niet mee eens, e. enigszins mee eens, f. mee eens, g. helemaal mee eens, h. weet ik niet/wil ik niet zeggen.
3. In hoeverre bent u het eens of oneens met de volgende stellingen over het verminderen van strategische afhankelijkheid (denk bij het verminderen van strategische afhankelijkheid bijvoorbeeld aan het vervangen van geïmporteerde halffabricaten door halffabricaten uit Nederland of het verplaatsen van belangrijke data naar Nederlandse servers)?
Antwoordopties: a. helemaal mee oneens, b. mee oneens, c. enigszins mee oneens, d. niet mee oneens, niet mee eens, e. enigszins mee eens, f. mee eens, g. helemaal mee eens, h. weet ik niet/wil ik niet zeggen.
Deze enquêtevragen zijn deels gebaseerd op de vragen uit het Global Risk Report van het World Economic Forum.
[4] In 2024 stond in deze zin ‘protesten’, dit is voor de enquête van 2025 veranderd naar ‘maatschappelijke onrust’.


