Nabeschouwing Prinsjesdag: Urgentie energietransitie niet omgezet in daden

23 september 2021 10:38

Het kabinet erkent de urgentie van de energietransitie, maar komt met weinig concrete plannen en schuift de meeste uitgaven naar de toekomst.

Windmolens in het donker

In onze voorbeschouwing op Prinsjesdag met betrekking tot de energietransitie benadrukten we dat de effecten van klimaatverandering op onze samenleving steeds duidelijker zichtbaar worden. We hadden dan ook hoge verwachtingen, omdat uit Den Haag steeds meer urgentie rond effectief en ambitieus energie- en klimaatbeleid doorklinkt. Reikhalzend keken we uit naar wat er in de klimaatparagraaf van de Miljoenennota zou staan. Helaas bleken onze hooggespannen verwachtingen niet te worden ingelost. Concrete acties om klimaatverandering tegen te gaan worden namelijk vooral doorgeschoven naar de toekomst.

Urgentie wordt gevoeld, doelen worden doorgeschoven

Uit de Miljoenennota blijkt dat de Nederlandse overheid de urgentie voor effectief energie- en klimaatbeleid weliswaar erkent, maar tegelijkertijd vasthoudt aan het behalen van oude - deels achterhaalde - doelen. Zo geeft de regering aan dat extra maatregelen nodig zijn om structureel aan het uit 2015 daterende Urgenda-doel te kunnen voldoen. Ook moeten er nog veel stappen gezet worden om in 2030 tot 49 procent broeikasgasemissiereductie te komen. Europa heeft de doelstelling voor 2030 ondertussen bijgesteld tot 55 procent, maar uit de meest recente Miljoenennota blijkt niet dat de Nederlandse regering plannen heeft om dit doel over te nemen.

De plannen

Wat gaat Nederland dan doen? Al voor Prinsjesdag lekte uit dat het kabinet 6,8 miljard euro extra uittrekt voor energie- en klimaatbeleid. Dat beloofde heel wat. Uit de begroting van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat blijkt echter dat bijna het volledige bedrag in eerste instantie wordt gereserveerd en pas later zal worden toegewezen aan specifieke plannen. De hoeveelheid extra geld die volgend jaar daadwerkelijk beschikbaar komt, is dus maar een fractie van die 6,8 miljard euro. Wel geeft de Miljoenennota richtlijnen over hoe dit totale bedrag besteed moet gaan worden, namelijk aan de volgende zaken:

· Het helpen van mensen bij het verduurzamen van hun woning en auto

· De opwekking van meer duurzame energie en de opslag van meer koolstofdioxide onder de grond

· Het vergroenen van de industrie

· Het uitvoeren van bestaande afspraken uit het Klimaatakkoord


De meest opvallende plannen lichten we hieronder toe.

Waterstofeconomie krijgt langzaam gestalte

Er zal worden gezocht naar geschikte locaties zodat er 10 GW extra Wind-op-zee beschikbaar is in 2030. Daarmee komt er ook meer windcapaciteit beschikbaar voor de waterstofambitie. Deze vergt namelijk 5 tot 6 GW capaciteit aan windenergie.

De waterstofeconomie van de toekomst vergt ook een ondergronds pijpleidingenstelsel om de schone waterstof op de locaties te krijgen waar deze nodig is. Daarom is er 750 miljoen euro uitgetrokken om een waterstofbackbone te realiseren die de grote industriële clusters verbindt.

Voordat het zover is, zal eerst de waterstofproductie opgeschaald moeten worden. Tot nu toe, maken waterstofplannen vrijwel geen kans op subsidie uit de SDE++-regeling. Dit komt door de manier waarop de subsidie wordt toegekend. Dit zal in de komende maanden gaan veranderen. De grote subsidiepot zal dan worden opgedeeld in meerdere kleine subsidiepotjes. Hoe dit nader wordt uitgewerkt, is nog niet bekend, maar het zou kunnen dat waterstofprojecten straks makkelijker in aanmerking komen voor SDE++-subsidie. Bovendien zal een gedeelte van de SDE++-subsidiepot gevuld gaan worden uit de algemene middelen.

De gebouwde omgeving

Om de gebouwde omgeving te verduurzamen heeft de overheid de afgelopen jaren vooral ingezet op de zogenaamde ‘wijkaanpak’. Hiermee moeten hele wijken aardgasvrij(ready) gemaakt worden. Dit traject verloopt tot op heden echter stroef. Nu komt er ook meer aandacht voor de individuele aanpak. Via een Nationaal Isolatieprogramma moeten de 20 procent slechtst geïsoleerde huur- en koopwoningen geïsoleerd worden. Daarnaast komt er een extra subsidie voor de aanschaf van hybride warmtepompen. Op deze manier kan de uitstoot van broeikasgassen in de gebouwde omgeving sneller naar beneden en worden zowel bewoners als Nederland minder afhankelijk van aardgas.

Congestieproblematiek elektriciteitsnet

Alhoewel het kabinet ongeveer 1,3 miljard euro uittrekt voor investeringen in de energie-infrastructuur, is dit geld enkel bedoeld voor investeringen in warmte- en waterstofnetten. Opvallend is, dat er niet wordt gesproken over het verhelpen van de alsmaar toenemende congestieproblematiek op het elektriciteitsnet. Doordat het elektriciteitsnet op steeds meer plaatsen ‘vol’ zit, komt de ontwikkeling van meer hernieuwbare energie, de vergroening van de industrie en zelfs de woningbouw in de problemen. Ook kan deze problematiek van invloed zijn op de overschakeling naar elektrisch rijden. Dat laatste stimuleert de overheid in de nieuwe Miljoenennota met 600 miljoen euro extra, maar dan moeten deze voertuigen wel opgeladen kunnen worden.

Conclusie

Wellicht komt het door de demissionaire status van dit kabinet, maar de concreetheid van de plannen op het gebied van energie- en klimaatbeleid lijken niet overeen te komen met de uitgesproken urgentie van het kabinet over dit onderwerp. Op een aantal dossiers wordt vooruitgang geboekt, maar het is de vraag of Nederland met deze plannen wel op koers komt om te voldoen aan de door de rechter opgelegde bindende Urgenda-doelstelling en de internationale klimaatdoelen voor 2030.