Als iedereen elkaar vasthoudt...

22 maart 2023 10:13

Op het eerste gezicht is restaurant Sarban ‘gewoon’ een culinaire ode aan Afghanistan, zoals restaurant Silk Road dat is aan Centraal-Azië. Maar wie verder kijkt, ziet vooral een verhaal van hoop, toekomst en verbondenheid.

07-09-2022, Tilburg, Rabobank en Omstreken, Rabo en Co, magazine, Silk Road,

Indringend kijkt Rabia Alizadah me aan. Ze zwijgt. Even lijkt ze wat te willen zeggen. Maar dan zwijgt ze opnieuw. Ik schuif nerveus wat met mijn theeglas en probeer mijn onzekerheid weg te slikken. Is mijn vraag echt zo vreemd? Een typisch voorbeeld van verwend westers denken misschien? Het allerlaatste wat ik wil is haar werk – en dat van haar familie en collega’s – langs de meetlat van geld, groei en succes leggen.

In de feeërieke sfeer van restaurant Silk Road Tilburg heeft Rabia me zojuist haar verhaal verteld. Hoe ze als klein meisje met haar gezin uit Afghanistan moest vluchten. Hoe ze in Moskou op de markt werkte. En hoe ze uiteindelijk als ‘asielzoeker’ in Nederland aankwam, acht jaar oud. Jaren later studeerde ze af aan de Universiteit van Tilburg en ging ze als jurist aan de slag. Maar al snel maakte ze een carrièreswitch: ze sloot zich aan bij haar broers, die restaurant Sarban waren begonnen om de Tilburgers kennis te laten maken met Afghanistan: het eten, de mensen en de cultuur.

Het restaurant groeide in enkele jaren uit tot een plek waar jongeren – veelal met een verhaal zoals het hare – geborgenheid vonden. En: een plek om te leren, te groeien, zich te ontwikkelen. Inmiddels telt Sarban drie vestigingen (in Tilburg, ’s-Hertogenbosch en Utrecht), en zusterbedrijf Silk Road twee (in Tilburg en Utrecht). Stuk voor stuk scoren ze de bijna maximale vijf sterren op platforms als Tripadvisor. Als ze deze indrukwekkende cijfers met me deelt, stel ik Rabia die vraag: ‘Waar ben je het trotst op?’. Ze kijkt me indringend aan en zwijgt. Ik slik en wacht. Maar uiteindelijk gaat ze met een grote lach verder...

Isa en Ehsan

‘Het allertrotst? Dat is een moeilijke vraag. Niet op het aantal restaurants. Of die goede recensies. Of het feit dat we een kerngezond bedrijf zijn. De verhalen van de mensen die hier werken, díe maken me trots. Zo kan ik vertellen over Isa, die als zestienjarige zonder ouders vanuit Afghanistan in Nederland aankwam, en het vervolgens heel zwaar had in het AZC. Toen ik hoorde hoe slecht het met hem ging, heb ik Hanneke Majoor gebeld, de directeur van De Rooi Pannen Tilburg. Binnen een kwartier waren we eruit: hoewel het ‘technisch’ gesproken niet kon, besloten we hem onder onze hoede te nemen. Inmiddels is hij – op zijn 23ste – mede-eigenaar van de Sarban-vestiging in Tilburg.’

‘Maar net zo bijzonder is het verhaal van Ehsan’, vervolgt ze, ‘die ook uit Afghanistan vluchtte. Hij leed in het AZC enorm onder wat hij allemaal had meegemaakt. Hem hebben we twee weken geleden een baan gegeven in de afwas: keihard werken, maar wel in een beschermde omgeving. Gisteren kwam hij lachend naar me toe. Wat bleek? Door de stress viel zijn haar al een tijdje uit. Hij was naar de huisarts geweest, naar de apotheek… niets hielp. Maar sinds enkele dagen had hij er geen last meer van! Dat lijkt een kleiner verhaal dan dat van Isa, maar je kunt je nauwelijks voorstellen hoeveel zoiets betekent voor zo’n jongen. Dat we dát met z’n allen voor elkaar krijgen, daar ben ik trots op. Al vind ik ook: als je voor een ander kunt zorgen, moet je dat doen.’

Nieuwe kansen

Voor de gasten zijn Sarban en Silk Road ‘gewoon’ sfeervolle restaurants waar het heerlijk eten is. Maar ongewoon is dat het gros van de medewerkers een migratieachtergrond heeft, op straat hing of op een andere manier buiten de boot dreigde te vallen. Via Stichting Sarban de Toekomst hebben Rabia, haar familie en tal van partners een netwerk opgebouwd dat de jongeren opvangt en nieuwe kansen biedt. ‘Vergis je niet, ze moeten keihard werken’, vertelt Rabia. ‘En dus gewoon in de afwas beginnen. Maar dat is belangrijk: even geen tijd en energie om je zorgen te maken. ’s Avonds moe je bed in en de volgende dag hetzelfde.’ Veelal met partners als De Rooi Pannen en Stichting Samen Doen zorgt de stichting voor een opleiding, een baan en daarmee toekomstperspectief. Ook worden de jongeren gekoppeld aan hun studerende Nederlandse collega’s, die ze huiswerkbegeleiding geven, zodat ze elkaar leren kennen en begrijpen. ‘We proberen aan beide ‘zijden’ vooroordelen weg te nemen. Hoezo denken sommige mensen dat asielzoekers lui zijn? Heb je enig idee hoeveel moed en kracht het kost om alles achter te laten? En hoezo denken sommige asielzoekers dat ze geen kansen krijgen? Je kunt hier meteen aan de slag! En als het goed gaat, kun je zelfs mede-eigenaar worden. Samen komen we er wel.’

Niemand valt

“Als iedereen elkaar vasthoudt, valt er niemand.” Het is de slogan op de websites van de restaurants en de stichting, maar ook de rode draad Rabia’s verhaal. Haar ouders, broers en zussen hielden elkaar vast, en bouwden samen een goed bestaan op. Hun medewerkers houden elkaar vast, en bieden elkaar perspectief. En de betrokkenen rond de stichting houden elkaar vast, om samen steeds meer impact te maken. ‘Maar het hoeft echt niet altijd zo groots hoor’, besluit Rabia lachend. ‘Begin eens met een glimlach naar iemand op straat. Wellicht maak je daarmee al een enorm verschil.’

Sarban en Rabo Foundation

De onafhankelijke stichting Rabo Foundation werkt wereldwijd – dus ook in Nederland – aan blijvende positieve verandering: economisch, sociaal én ecologisch. Met als ideaal een eerlijke en duurzame maatschappij waarin iedereen echt kan meedoen. Rabo Foundation verstrekte een lening aan stichting Sarban de Toekomst omdat die wil bijdragen aan een inclusieve maatschappij. Dankzij het werk van de stichting hebben mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt meer kans op werk, waardoor zij mee kunnen doen in de samenleving.