Economie Internationaal - Column Allard Bruinshoofd

Allard Bruinshoofd

Te mooi om waar te zijn

Een belangrijke les van de mondiale financiële crisis van 2008 is dat de kapitaalbuffers van banken zowel kwalitatief als kwantitatief fors moeten worden verstevigd. De strengere eisen aan de risico-gewogen kapitaalratio van het Bazels Comité –Bazel III– voorzien hierin. Bovendien voert Bazel III een ongewogen kapitaalratio in van 3% van de totale balanslengte.
Dit laatste om te voorkomen dat banken aan de hand van zeer lage gemiddelde risicogewichten evengoed flinterdun gekapitaliseerd kunnen zijn.

De noodzaak van stevigere kapitaalbuffers staat voor mij niet ter discussie; het bankensysteem moet simpelweg weerbaarder worden tegen economische schokken. Ook de noodzakelijke doorlichting van het Europese bankensysteem –in de Asset Quality Review– als opmaat naar de bankenunie is hierop gericht. Over de kosten van de strengere kapitaaleisen wordt nog altijd stevig gediscussieerd. Cruciaal in deze discussie is het tempo waarin de buffers kunnen worden verhoogd en verstevigd, evenals de uiteindelijke hoogte ervan. Wij bestempelden de nieuwe kapitaaleisen eerder al als stevig, maar realistisch. Een al te forse verdere verscherping van de eisen zien we als mogelijk zeer schadelijk voor de economische activiteit op korte termijn, vooral omdat banken elkaar zullen dwingen zo snel mogelijk aan de scherpere eisen te voldoen. De beoogde gefaseerde doorvoering van nieuwe kapitaaleisen bestaat daarmee vooral op papier. In die context werd ik de afgelopen weken een aantal keren geconfronteerd met hooggeleerde mensen die enorm lichtzinnig denken over een verdere ophoging van de kapitaalbuffers en hier in mijn ogen extreme voorstellen voor neerleggen.

"De nieuwe kleren van de bankiers"

Verwijzend naar het bekende sprookje over de nieuwe kleren van de keizer van Hans Christian Andersen presenteren Anat Admati en Thomas Hellwig in dit boek hun visie op wat er mis is met het bankensysteem en hoe dat recht te zetten. Hun hoofdboodschap is heel eenvoudig, namelijk dat banken veel en veel hogere kapitaalbuffers moeten aanhouden dan momenteel het geval is en dan wordt vereist door Bazel III. Concreet stellen ze voor dat banken ten minste 20% van het balanstotaal aanhouden in risicodragend kapitaal. Dat is niet alleen goed voor de weerbaarheid van de sector, maar hoeft bovendien in hun ogen in economische zin nauwelijks iets te kosten. Dat klinkt te mooi om waar te zijn, hoor ik u denken. En dat is het ook, vooral het aspect dat een dergelijke verhoging van de buffers vrijwel gratis zou kunnen geschieden.

De onderbouwing van Admati en Hellwig is als volgt. Als er veel meer kapitaal wordt aangehouden, worden de risico’s door veel meer beleggers gedragen en neemt het risico per aandeel dus af. Daarmee zal dan ook het door beleggers vereiste rendement afnemen, waardoor de bankensector niet duurder uit hoeft te zijn als het zich in veel sterkere mate met aandelenkapitaal financiert. Mooi argument lijkt mij, maar hoe komen we dan in die gewenste situatie? Je zult toch ergens moeten beginnen en de kopers van de eerste emissies dragen nog vrijwel net zoveel risico’s als de huidige aandeelhouders. Het antwoord van Admati en Hellwig is verrassend eenvoudig: elke gezonde bank moet de nieuwe buffers via aandelenemissies uit de markt op kunnen halen. Bedankt, maar daar hebben we natuurlijk niet zoveel aan.

De 4000-miljard-euro-vraag

Het klinkt allemaal al minder mooi om waar te zijn, maar laten we de moed niet te snel opgeven. Hoeveel kapitaal moeten Europese banken gezamenlijk eigenlijk ophalen om op de door Admati en Hellwig voorgestelde 20% van het balanstotaal te komen? Robin Fransman van Holland Financial Centre schreef er een blog over en kwam op een bedrag van € 4000 miljard euro. Wie er zo’n astronomisch bedrag bijeen gaat brengen? Dat bent u onder anderen, als beleggende private banking klant. Orders kunt u te zijner tijd uiteraard doorgeven met de nieuwe Rabo Beleggen App. Als u –en met u alle beleggers in bedrijven uit de eurozone– al uw bedrijfsaandelen inwisselt voor de nieuw uit te geven bankaandelen, dan zou dat ongeveer genoeg zijn. Of als u –en met u alle spaarders bij banken in de eurozone– een derde van uw spaargeld zou investeren in de nieuw uit te geven bankaandelen, dan zou dat ongeveer genoeg zijn. Laten we eerlijk zijn, dit vereist een aardverschuiving in de samenstelling van de financiële portefeuilles van beleggers, spaarders en huishoudens. En laten we maar weer eens vaststellen dat als iets te mooi klinkt om waar te zijn, dat het meestal ook is.

Publicatiedatum 06-12-2013