EMIR

European Markets Infrastructure Regulation (EMIR) is Europese regelgeving om veiligheid en transparantie bij de handel in Over The Counter (OTC) derivaten te bevorderen.

Regelgeving derivatencontracten

EMIR is sinds 16 augustus 2012 van kracht. Deze Europese regelgeving heeft betrekking op alle derivatencontracten en op alle contractspartijen in een derivatencontract. Zij is ingevoerd naar aanleiding van de kredietcrisis en het faillissement van de Amerikaanse zakenbank Lehman Brothers in 2008. EMIR zorgt ervoor dat handelen in Over The Counter (OTC) derivaten transparanter en veiliger wordt.

Gevolgen van EMIR

Alle (rechts)personen met een zakelijke activiteit, die gevestigd zijn in de EU en die voor het afdekken van een rente-, valuta- of grondstofrisico een derivaat ingezet hebben of van plan zijn in te zetten, krijgen te maken met EMIR. Dit betreft zowel financiële als niet-financiële contractpartijen. Mogelijk ben je ook contractpartij in een derivatencontract.

In de onderstaande toelichting vind je meer informatie over EMIR. Ook lees je wat het voor jou betekent als je een of meerdere derivatencontracten hebt. De informatie op deze pagina richt zich op partijen die vallen onder de EMIR-classificatie 'niet-financiële tegenpartij handelend onder de drempelwaarden'. Onder ‘Veelgestelde vragen’ lees je meer over deze classificatie.

We raden je aan om jezelf vertrouwd te maken met EMIR en/of om regelmatig advies in te winnen bij een derde partij over de (mogelijke) verplichtingen onder EMIR.

Portefeuilleafstemming

EMIR verplicht partijen minimaal één keer per jaar met elkaar de gegevens af te stemmen rondom een derivaat of derivatenportefeuille. De uitkomst van deze afstemming moet zijn dat beide partijen akkoord zijn met de inhoud van het portefeuilleoverzicht. Voor deze afstemming ontvang je via Rabo Corporate Connect – het online transactieportaal voor onder andere derivaten – een overzicht met de belangrijkste kenmerken van je lopende transacties. Je vergelijkt dit overzicht met de gegevens in je eigen administratie. Als je hierin een verschil ontdekt, dan kun je het overzicht afkeuren en daarbij een toelichting geven. Informeer ons daarover binnen zeven dagen. Dan nemen wij contact met je op. Anders mogen wij ervan uitgaan dat de gegevens in ons overzicht juist zijn.

Inloggen in Rabo Corporate Connect

Maak je al gebruik van Rabo Corporate Connect? Dan kun je op de gebruikelijke wijze inloggen met je pas. Ben je geen gebruiker van Rabo Corporate Connect en ben je ook niet van plan dat te worden? Dan krijg je een eenmalig wachtwoord om te kunnen inloggen. Nadat je met deze inlogcode bent ingelogd, kun je het portefeuilleoverzicht inzien.

Lees meer over Rabo Corporate Connect op Rabobank.com

Verschil marktwaardeoverzicht en portefeuilleoverzicht

Via Rabo Corporate Connect kun je zowel een portefeuilleoverzicht als een marktwaardeoverzicht inzien. Beide overzichten bevatten dezelfde informatie:

  • Het portefeuilleoverzicht ontvang je vanwege EMIR. Hierbij moet sprake zijn van portefeuilleafstemming.
  • Het marktwaardeoverzicht ontvang je op grond van de Wet Financieel Toezicht. Je kunt dit overzicht op dezelfde wijze benaderen als het portefeuilleoverzicht. Een verschil is dat wij voor dit marktwaardeoverzicht niet je akkoord nodig hebben.

Veelgestelde vragen

Hieronder lees je een aantal veelgestelde vragen over de EMIR-verordening. Staat je vraag er niet bij? Neem dan contact op met je Rabobank.

Waarom moet ik de EMIR-voorwaarden tekenen?

Deze Europese verordening is direct in alle lidstaten van de EU ingetreden, en is dus ook onderdeel van het Nederlandse recht. Zij schrijft voor dat alle partijen in een derivatencontract met elkaar de EMIR-verplichtingen moeten afstemmen. Toezichthouders verwachten dat banken het voortouw nemen, zowel om zelf te voldoen aan de EMIR-verplichtingen, als om hun klanten daartoe in staat te stellen.

De banken in Nederland hebben samengewerkt om EMIR-documentatie op te stellen voor hun klanten met derivaten. Individuele afstemming tussen jou en de bank is onmogelijk vanwege de korte periode waarbinnen partijen moeten voldoen aan de EMIR-verplichtingen. Daarnaast is EMIR dwingende regelgeving waarbij geen ruimte is voor afwijkingen. Het is mogelijk dat na de onderlinge afstemming tussen de verschillende banken in de definitieve uitwerking per bank toch (beperkt) afgeweken is van de oorspronkelijk afgestemde teksten.

Zijn er andere mogelijkheden om de EMIR verplichtingen af te stemmen?

Ja, partijen mogen ook toetreden tot de ISDA-protocollen:

  • ISDA 2013 EMIR Port Rec, Dispute Res and Disclosure Protocol
  • ISDA 2013 EMIR NFC Representation Protocol 

Het toetreden kost 500 USD per protocol. Zowel partijen die op basis van de raamwerkovereenkomst (Overeenkomst Financiële Derivaten) van hun bank handelen, als partijen die onder de ISDA handelen kunnen toetreden. Neemt contact op met je accountmanager als je dit overweegt.

Meer lezen over de ISDA-protocollen op de website van ISDA

Wat zijn de gevolgen als ik geen EMIR-voorwaarden afstem en teken?

Als je niet tekent of toetreedt tot de ISDA- protocollen, voldoen jij en de bank niet aan de EMIR-verplichtingen, waaronder het afstemmen van deze verplichtingen met elkaar. Deze situatie houdt pas op te bestaan als het derivaat beëindigd wordt of afloopt. Het betekent ook dat de bank niet meer voor je kan handelen, geen nieuwe transacties kan sluiten en in principe ook bestaande transacties niet kan aanpassen.

De Autoriteit Financiële Markten (AFM) ziet erop toe dat banken zich maximaal inspannen om te voldoen aan de EMIR-verplichtingen.

Hoe bepaal ik mijn EMIR-classificatie?

De EMIR-verplichtingen en in welke mate ze van toepassing zijn, zijn afhankelijk van de EMIR-classificatie. EMIR kent drie classificaties:

  • Niet-financiële tegenpartijen die onder de vastgestelde drempelwaarden handelen
  • Niet-financiële tegenpartijen die boven de vastgestelde drempelwaarden handelen
  • Financiële tegenpartijen, zoals banken.

Ook in de EMIR-toelichting vind je meer informatie over de EMIR-classificaties. In de meeste situaties worden derivaten gebruikt om een risico af te dekken (hedging) en zal sprake zijn van één of een klein aantal derivaten. Hoewel iedere organisatie voor zichzelf haar classificatie dient vast te stellen, is het meest waarschijnlijk dat je jezelf classificeert als niet-financiële partij, handelend onder de EMIR-drempelwaarden.

Drempelwaarden

Iedere organisatie dient voor zichzelf haar classificatie vast te stellen. Bij het vaststellen of een drempelwaarde wordt overschreden, tellen de derivatencontracten van de totale groep mee waarvan objectief vastgesteld kan worden dat ze niet als hedge-instrument aangewend worden.

Ben je zakelijke klant bij een lokale Rabobank? Dan worden derivatencontracten uitsluitend ingezet als hedge-instrument, dus voor het afdekken van een risico. Het is het meest waarschijnlijk dat je wordt geclassificeerd als niet-financiële partij, handelend onder de EMIR-drempelwaarden. Daarom richt de informatie op deze pagina zich op NFC – klanten en de verplichtingen die zij hebben onder EMIR.

Wanneer een drempelwaarde wordt overschreden gaan automatisch meer EMIR-onderdelen voor je gelden. Indien je het vermoeden hebt dat je wordt geclassificeerd als financiële tegenpartij of als niet-financiële tegenpartij boven een drempelwaarde, verzoeken we je contact op te nemen met je accountmanager voor nadere informatie en afstemming.

Soort derivaatDrempelwaarde (nominaal)
Kredietderivaten€ 1 miljard
Equityderivaten€ 1 miljard
Rentederivaten€ 3 miljard
Valutaderivaten€ 3 miljard
Grondstofderivaten€ 3 miljard

Meer lezen over classificatie 2 en 3 op rabobank.com/emir

Waarom moet ik een Legal Entity Identifier (LEI) aanvragen?

Alle derivaten moeten gerapporteerd worden aan een Transactieregister. De toezichthouders, zowel landelijk als mondiaal, krijgen zo inzicht in alle derivatenposities die partijen tegen elkaar hebben uitstaan. Eventuele problemen, zoals concentratie van derivatenrisico, kunnen op deze manier in een vroeg stadium door de toezichthouder gesignaleerd worden. Een transactie moet aan beide zijden gerapporteerd worden, dus zowel door jou als door de bank.

Bij de rapportage is elke partij verplicht een Legal Entity Identifier (LEI) in te vullen. Hiermee is voor de toezichthouders te herleiden welke posities partijen tegen elkaar uit hebben staan, maar ook hoeveel derivaten een organisatie van grote omvang heeft uitstaan, ongeacht met welke bank of andere partij als tegenpartij. Omdat banken altijd hun eigen transacties rapporteren, kan de Rabobank dit voor klanten met de classificatie 'niet-financiële tegenpartij handelend onder de drempelwaarden' overnemen.

Meer lezen op de website van de Autoriteit Financiële Markten

Waar kan ik een LEI aanvragen?

In Nederland kan een LEI aangevraagd worden bij de Kamer van Koophandel (KvK). Deze kan alleen aangevraagd worden door partijen die ingeschreven staan bij de KvK. Je kunt ook in een ander land een LEI aanvragen, bij een partij die is aangewezen door de Europese Toezichthouder ESMA. Lang niet alle EU-lidstaten beschikken over een eigen partij die een LEI mag uitgeven. Je vindt een lijst van instanties die een LEI mogen uitgeven op de website van de Legal Entity Identifier Regulatory Oversight Committee (LEIROC).

Ga naar de website van LEIROC

Waarom moet ik het portefeuilleoverzicht goedkeuren?

Vanwege de EMIR-verplichting 'portefeuilleafstemming' moeten partijen met elkaar afstemmen of de eigen administratie klopt met de administratie van de tegenpartij. Nu houden veel klanten geen aparte administratie bij van hun derivaten, zeker als het gaat om slechts één derivaat. EMIR maakt voor deze verplichting geen onderscheid ten aanzien van het aantal transacties. Wel maakt zij onderscheid hoe vaak informatie tussen partijen uitgewisseld moet worden.

De Rabobank heeft ervoor gekozen om alle klanten gelijk te behandelen en ze jaarlijks te voorzien van een portefeuilleoverzicht. Voor de meeste klanten is dit herkenbaar, omdat zij het marktwaardeoverzicht al minimaal een keer per jaar ontvangen.

Toezichthouders willen graag dat onjuistheden snel ontdekt worden. Een van de manieren om dat te doen is om partijen informatie te laten uitwisselen. Is er sprake van een verschil van inzicht, dan dient dat conform afgestemde afspraken afgewikkeld te worden.

Wat houdt stilzwijgende instemming in?

Stilzwijgende instemming houdt in dat we ervan uitgaan dat je akkoord bent als je niet op tijd reageert.

Stilzwijgende instemming bij transactiebevestiging (confirmaties)

Partijen zijn verplicht een transactie binnen twee werkdagen na het afsluiten afgestemd (geconfirmeerd) te hebben. Als beide partijen actief zouden moeten bevestigen, is die termijn meestal niet haalbaar. We hebben gekozen voor stilzwijgende instemming om wel aan die termijn te kunnen voldoen. Confirmaties worden aangeboden via Rabo Corporate Connect, op dezelfde locatie als bij de portefeuille-overzichten. Op deze manier krijg je online de mogelijkheid om je confirmatie in te zien en eventueel af te keuren, met ruimte voor je opmerkingen. Als je een confirmatie binnen twee werkdagen afkeurt, dan nemen wij contact met je op.

Stilzwijgende instemming bij portefeuilleafstemming

EMIR stelt geen eisen aan de termijn waarop een portefeuilleoverzicht afgestemd moet zijn. Om dit toch binnen afzienbare tijd te kunnen afwikkelen heeft de Rabobank gekozen voor een termijn van zeven dagen. Als je niet binnen die zeven dagen reageert, gaan we ervan uit dat je akkoord bent. Ben je niet akkoord? Keur het overzicht dan binnen zeven dagen af. Wij nemen in dat geval contact met je op.

Is de Serviceovereenkomst Klantrapportage verplicht?

Op grond van EMIR zijn tegenpartijen bij een OTC derivatentransactie verplicht om de transactie te rapporteren bij een transactieregister. De Serviceovereenkomst Klantrapportage betreft de contractuele voorwaarden waaronder de Rabobank bereid is die rapportage voor de ondernemer te doen als hij een OTC derivatentransactie met de Rabobank is aangegaan.

De rapportagedienst van de Rabobank is een service van de bank aan de klant en is niet verplicht. Het staat de ondernemer uiteraard vrij de rapportagedienst niet af te nemen en in plaats daarvan zelfstandig zijn verplichting tot rapportage in te vullen.

Wat houdt artikel 7.3 van de serviceovereenkomst klantrapportage in?

Rapportagedienstverlening is een dienstverlening van de Rabobank. Op dit moment is niet met zekerheid te zeggen welke redelijke onkosten, verliezen, en schades de Rabobank kan oplopen of lijden als gevolg van het verrichten van de rapportagediensten uit hoofde van deze overeenkomst. Vandaar dat artikel 7.3 in zijn algemeenheid redelijke onkosten, verliezen en schades dekt die de Rabobank zou kunnen oplopen of lijden in verband daarmee.

Het artikel geeft de Rabobank echter niet een vrijbrief om willekeurig welke onkosten, verliezen of schade dan ook bij de ondernemer in rekening te brengen.

  • Ten eerste omdat het moet gaan om redelijke onkosten, verliezen en schades. Dit zijn kosten die redelijkerwijs in rekening mogen worden gebracht als de rechter ze toetst aan de maatstaven van redelijkheid en billijkheid. Kosten die buitenproportioneel zijn en in geen enkele verhouding staan tot de vergoedingen die de ondernemer voor de diensten onder de Serviceovereenkomst Klantrapportage moet betalen, vallen daar in beginsel niet onder.

  • Ten tweede omdat het moet gaan om onkosten, verliezen en schades die de Rabobank kan oplopen of lijden als gevolg van het verrichten van de rapportagediensten uit hoofde van deze overeenkomst. Dit betekent dat de eventuele onkosten, verliezen en schades dus het gevolg moeten zijn van het verrichten van de rapportagedienst voor de ondernemer. Oftewel, alle onkosten, verliezen en schades die niet door het verlenen van de rapportagediensten aan de ondernemer worden geleden of opgelopen door de Rabobank, vallen daar niet onder. Ook kosten die wel door het verrichten van de rapportagediensten worden opgelopen of geleden, maar geen verband houden met het verlenen van die diensten aan de ondernemer uit hoofde van de Serviceovereenkomst Klantrapportage, vallen daar in beginsel niet onder. Het gaat dan bijvoorbeeld om algemene kosten die de Rabobank moet maken voor het optuigen van de infrastructuur om de rapportagedienstverlening voor al haar klanten mogelijk te maken.

  • Ten derde omdat naast de algemene bevoegdheid die de Rabobank onder artikel 7.3 toekomt, de Rabobank aansprakelijk is voor toerekenbare schade die het gevolg is van grove nalatigheid, opzet of fraude door de Rabobank bij de uitvoering van haar taken onder de overeenkomst. Zie hiervoor artikel 10 van de Serviceovereenkomst Klantrapportage. Onkosten, verliezen en schades die worden veroorzaakt door de Rabobank en op basis van artikel 10 van de Serviceovereenkomst Klantrapportage aan de Rabobank zijn toe te rekenen, komen dus voor haar rekening.