Als een studentenhuis voor ouderen
Zo lang mogelijk zelfstandig wonen, maar ook verbonden blijven met anderen. Voor veel ouderen is dat een ideaalbeeld. Woonvormen die dit combineren worden steeds wenselijker door de vergrijzing en schaarste aan zorgpersoneel. Stichting Thuis in Welzijn realiseert in het hele land Thuishuizen: kleinschalige wooncomplexen waar je wel op jezelf woont, maar toch ook samen. Dat helpt eenzaamheid onder ouderen voorkomen.
Het initiatief is uit eigen ervaring ontstaan. De vader van Jan Ruyten bleef op latere leeftijd zelfstandig wonen. Dat klinkt mooi, maar zoals veel ouderen had hij niet veel netwerk meer om zich heen. Eenzaamheid ligt dan op de loer. Ruyten zag dit bij zijn vader gebeuren. Dat inzicht inspireerde hem tot de oprichting van stichting Thuis in Welzijn en tot het concept van het Thuishuis. Hier wonen ouderen zelfstandig, maar zijn ze wel onderdeel van een kleine gemeenschap. Sinds 2011 zijn er zes gerealiseerd en er zijn er meerdere in ontwikkeling op verschillende plaatsen in Nederland.
,,De komende jaren zijn er tot en met 2030 zo’n 290 duizend woningen nodig voor ouderen nodig. Daarvan moeten er tachtigduizend woningen geclusterd zijn, met een belangrijke rol voor ontmoeting en omkijken naar elkaar’’, vertelt directeur Ingrid Aaldijk van Thuis in Welzijn. ,,Er bestaan gelukkig veel mooie wooninitiatieven voor ouderen. Wel zien we dat bij nieuwe ontwikkelingen de schaal soms groter wordt, terwijl juist voor alleenstaande ouderen kleinschaligheid, een sociale omgeving, ontmoeting en een gevoel van geborgenheid heel kunnen waardevol zijn.’’ Eenzaamheid onder ouderen is een groeiend maatschappelijk vraagstuk: bijna de helft van de 65-plussers voelt zich eenzaam en bij 85-plusser ligt dat percentage veel hoger.
Die gezelligheid vinden zij in een Thuishuis. ,,Thuishuizen zijn kleinschalig, voor vijf tot zeven bewoners’’, zegt Aaldijk. ,,Je hebt je eigen appartement, maar deelt je voorzieningen. Zie het als een studentenhuis voor ouderen. Je hebt een gezamenlijke ontmoetingsruimte, keuken en wasruimte waar bewoners elkaar tegenkomen. Het Thuishuis is geen zorgplek’’, benadrukt ze, ,,maar bewoners kennen elkaar en kijken naar elkaar om.’’
Een praatje maken
Met haar 62 jaar is Hermine Verburg de jongste bewoner van het Thuishuis in Noordwijk en ze woont er al vijf jaar. ,,Ik woonde hiervoor in een appartement, maar had het aan mijn knie en kwam tijdelijk in een rolstoel terecht. Ik had wel vrienden, maar die werkten gewoon en ik kon er nauwelijks uit. Daardoor werd ik wat eenzaam. Tót ik een aankondiging zag van een informatiebijeenkomst over het Thuishuis. Ik heb altijd gezegd dat ik als ik wat ouder werd best weer in een studentenhuis zou willen wonen, net als vroeger, en ik merk dat ik het heel prettig vind. Je hoeft elkaar niet doorlopend te zien, maar er is altijd iemand in de buurt om te groeten en om een praatje mee te maken.’’
Er staat een grote ovalen tafel in de keuken van ieder Thuishuis, die het concept symboliseert. ,,Aan één grote tafel zit iedereen bij elkaar’’, verklaart Aaldijk. ,,Zo ontstaan er geen groepjes, maar vormt zich vanzelf een band. Als je elkaar helpt en gelukkig bent samen, dan blijft de zorg verder weg. Dat is de gedachte achter deze vorm van wonen. Bewoners vullen dat in zoals ze zelf willen.’’
Soepie
Ieder Thuishuis heeft een lokaal bestuur en een coördinator die dicht bij de bewoners staat. Deze regelt de werving van bewoners en ondersteunt bewoners bij mutaties of andere zaken. Soms wordt er een vrijwilligersorganisatie vanuit het Thuishuis opgezet of wordt er nauw samengewerkt met de lokale welzijnsorganisaties. ,,Rondom de Thuishuizen in Woerden en Noordwijk zijn actieve vrijwilligersorganisaties opgezet, die van alles organiseren en eenzame ouderen in de omgeving opzoeken om eenzaamheid te voorkomen’’, weet Ingrid Aaldijk.
,,Wij eten in Noordwijk twee keer in de week samen, hebben vier vaste koffiemomenten en iedere week zitten we met z’n allen aan tafel om bij te praten: hoe gaat het met iedereen en zijn er aandachtspunten?’’, schetst Hermine Verburg. ,,De stichting organiseert diverse activiteiten. Twee keer per jaar is er bijvoorbeeld ‘Soepie’ bij ons in huis, voor andere ouderen in de buurt. En we hebben een jaarlijkse open dag voor mensen die op de wachtlijst staan, zodat ze een kijkje kunnen nemen en zien of deze manier van wonen echt is wat ze willen.’’
Partnership
De doelstelling van de stichting Thuis in Welzijn is ambitieus: vijftig Thuishuisprojecten moeten in 2030 op z’n minst in ontwikkeling zijn. Er wordt nieuw gebouwd, bestaande panden worden herontwikkeld; alle opties liggen open, mits de uitgangspunten van kleinschaligheid en ontmoeting overeind blijven. Het gaat uiteraard niet vanzelf. Nieuwbouwtrajecten duren lang en ander geschikt vastgoed ligt niet voor het oprapen. En de ontwikkeling is kostbaar. De stichting is Rabobank dan ook dankbaar voor het partnership waarmee de bank uitspreekt een bijdrage te willen leveren aan de ontwikkeling van nieuwe Thuishuizen en de inrichting ervan.
Een Thuishuis laat bij uitstek zien wat een coöperatie vermag, zo bekrachtigt Business Development Manager Eric Sandman van Rabobank de samenwerking. ,,Wij geloven sterk in woonvormen als deze, die de sociale cohesie versterken in de samenleving en de eenzaamheid tegengaan. Ik heb zelf een Thuishuis bezocht en heb gezien dat het werkt. Ik kom uit Twente en daar zouden we dit noaberschap noemen: elkaar ontmoeten, op elkaar letten. Mensen leven er helemaal van op, waardoor een eventuele zorgvraag mogelijk wordt uitgesteld.’’
,,We steunen de stichting financieel en we dragen vanuit de bank daarnaast het gedachtengoed van het Thuishuis uit’’, besluit Eric Sandman. ,,Onder andere door het onder de aandacht te brengen bij de ontwikkelaars, woningcorporaties en gemeenten waarmee we om tafel zitten. Een investering in brede welvaart is een investering in de hele community. In mensen.’’