AI vormt de motor achter de aandelenopmars
Een akkoord over het conflict in het Midden-Oosten en heropening van de Straat van Hormuz laat nog op zich wachten. Toch zetten aandelenbeurzen nieuwe records neer. Hoop op de-escalatie en een brede AI investeringsgolf trekken niet alleen de bekende namen omhoog, maar ook andere bedrijven. Intussen blijft oplopende inflatie een risico op de achtergrond. In deze visie schetsen we wat dat alles betekent voor onze positionering.

Kernpunten
Uitgebreide verslag
Marktbeeld: AI en hoop op de-escalatie voeden beursrally
Hoofdpunten
Aandelenmarkten tonen opvallende veerkracht ondanks de aanhoudende spanningen in het Midden-Oosten. De wereldindex staat, omgerekend in euro’s, op een nieuwe recordstand en is sinds eind maart met meer dan 10% gestegen.
Sinds begin dit jaar zien we een rendement van zo’n 9% voor aandelen tegen een bescheiden plus (+0,3%) voor Europese obligaties.

Twee aanjagers vallen op: de verbreding van de investeringsgolf in kunstmatige intelligentie (AI) en de hoop op geopolitieke de-escalatie.
AI als belangrijkste motor achter winstgroei
De AI-boom blijft de belangrijkste aanjager van winstgroei binnen de technologiesector en daarmee voor de rally op de aandelenmarkten. De grote hyperscalers (Amazon, Microsoft, Alphabet en Meta) hebben hun investeringsplannen opnieuw verhoogd: de totale kapitaaluitgaven voor AI-infrastructuur lopen voor 2026 inmiddels op richting 700 miljard dollar, fors meer dan in 2025 en duidelijk boven eerdere verwachtingen.
De bedrijfscijfers over het eerste kwartaal bevestigen dit beeld. Vrijwel alle hyperscalers rapporteerden sterke resultaten en overtroffen de marktverwachtingen, gedreven door robuuste cloud- en AI-gerelateerde vraag. Binnen de wereldindex blijft technologie de groeimotor: de winstgroei in de techsector ligt rond 70% jaar-op-jaar, tegenover 20% voor de bredere markt.
Meer chipbedrijven profiteren van AI-rally
Belangrijk is dat de AI-rally zich verbreedt over de hele chipketen. Niet alleen makers van grafische chips (GPU’s) profiteren, maar ook producenten van geheugenchips en nu zelfs processors (Central Processing Units, oftewel CPU’s).
Waar GPU’s dominant waren bij het trainen van AI-modellen, verschuift de vraag nu naar het dagelijks gebruik ervan – zogenoemde inference en agentic AI. Daarbij spelen CPU’s een centrale rol. Dit leidt tot een structurele toename in CPU-vraag binnen datacenters, met aanbodkrapte en prijsstijgingen als gevolg. Door dit nieuwe knelpunt in de AI-keten zien we een herwaardering van bedrijven als Intel, AMD en ARM.
Geopolitiek: fragiel staakt-het-vuren, geen doorbraak
Tegelijkertijd blijft de oorlog in Iran het belangrijkste neerwaartse risico. Het staakt-het-vuren van 8 april is formeel nog van kracht, maar is fragiel. Trump pauzeerde ‘Project Freedom’ (het escorteren van schepen door de Straat van Hormuz) om ruimte te geven aan onderhandelingen, maar de dubbele blokkade blijft intact: de VS blokkeert Iraanse havens en Iran houdt de Straat dicht.
De financiële markten rekenen op een akkoord, maar een hervatting van vijandelijkheden is niet uitgesloten.
De olieprijs is wel in korte tijd sterk gedaald van 115 naar rond de 100 dollar op berichten dat de VS en Iran een deal naderen. Eind april kostte Brentolie nog bijna 120 dollar per vat. De snelle daling illustreert hoeveel geopolitieke premie in de prijs zit: bij een volledige heropening van Hormuz kan de olieprijs terugvallen richting 80 à 85 dollar.
Bij een moeizaam akkoord met geleidelijke normalisatie blijft olie voorlopig duurder dan een jaar geleden. De benzineprijs in de VS is al 50% gestegen sinds het begin van het conflict. Dat vreet aan koopkracht. Maar het feit dat de VS minder afhankelijk is van industriële productie dan vroeger, beperkt de impact op de economische groei. Daar komt bij dat de verwachte groei door verbreding van AI-investeringen relatief ongevoelig is voor de olieprijs.
Producentenvertrouwen blijft op peil
De ontwikkeling van het producentenvertrouwen wereldwijd bevestigt het beeld van een economie die nog altijd groeit, maar tegelijkertijd met toenemende inflatiedruk wordt geconfronteerd. De Amerikaanse industrie is in april opnieuw gegroeid. Nieuwe orders trekken verder aan, wat wijst op aanhoudende vraag.
Tegelijkertijd loopt de werkgelegenheid in de industrie terug. Bedrijven blijven voorzichtig met het aannemen van personeel, ondanks de solide economische omstandigheden. Wat vooral opvalt, is de sterke stijging van kosten. Bedrijven melden hogere prijzen voor grondstoffen zoals staal, aluminium en energie. Deze kostenstijgingen worden in toenemende mate gekoppeld aan geopolitieke spanningen en verstoringen op energiemarkten.
Centrale banken: pas op de plaats
Dit maakt de afweging voor centrale banken lastig. Er is vrees voor een stagflatie-achtige mix van hoge energieprijzen en lagere groei.
De Europese Centrale Bank (ECB) lijkt voorzichtig voor te sorteren op verdere renteverhogingen. Met de beleidsrente rond de 2% is het beleid nog altijd licht stimulerend. Beleggers houden rekening met ongeveer twee renteverhogingen van elk 25 basispunten (0,25%) in de komende vier vergaderingen. Een rente richting 3% in de loop van volgend jaar achten wij weinig waarschijnlijk. En als er duidelijke tekenen zijn dat de economie afkoelt of als de geopolitieke spanningen afnemen, kan het ook zijn dat de ECB afziet van verdere verkrapping.
De centrale bank in de VS (de Fed) heeft de ruimte om af te wachten. De economie blijft redelijk op peil, al daalt het consumentenvertrouwen, vooral onder lagere inkomensgroepen die geraakt worden door hogere brandstofprijzen en hoge hypotheekrentes.
Tegelijkertijd houden investeringen in AI en de bestedingen van rijkere Amerikanen de economie overeind. Op korte termijn wordt geen beleidswijziging van de Fed verwacht. Mocht de economische groei tegenvallen, dan beschikt ze over voldoende ruimte om in te grijpen. Daarmee blijft de Fed een belangrijke factor om in de gaten te houden.
Beleggingsmix: neutrale weging voor aandelen
Hoofdpunten
De huidige marktomgeving rechtvaardigt een neutrale aandelenweging. Positief is dat de winstontwikkeling van beursgenoteerde bedrijven sterk blijft: bedrijven in de S&P 500 rapporteren de hoogste gemiddelde nettowinstmarges in meer dan vijftien jaar. Ook hebben analisten hun winstgroeiverwachtingen de afgelopen weken verder verhoogd, ondanks de sterke stijging van de olieprijs.

Door die hogere winstverwachtingen is de gemiddelde koers-winstverhouding van aandelen, ondanks de recente koersstijgingen, slechts beperkt opgelopen. Waarderingen zijn niet buitensporig te noemen.
Waar zit kwetsbaarheid?
Tegelijkertijd leunen markten sterk op de AI-investeringsgolf. Hoewel deze ontwikkeling fundamenteel onderbouwd is, maakt ze de beurs ook kwetsbaarder voor verschuivingen of sectorspecifieke schokken. Een belangrijk deel van het rendement komt namelijk uit een relatief kleine groep bedrijven.
Daarnaast kunnen de effecten van de hogere olieprijzen doorwerken in de reële economie als de onzekerheid van de oorlog lang aanhoudt. In een scenario waarin de olieprijs langdurig hoog blijft en de inflatie verder oploopt, kunnen centrale banken gedwongen worden tot meer renteverhogingen dan de markt nu inprijst, met mogelijk negatieve gevolgen voor de economische groei en aandelenwaarderingen.
Alles overziend blijft een neutrale positionering (zonder uitgesproken voorkeur voor aandelen of obligaties) het meest passend. De sterke winstgroei, met name gedreven door AI, compenseert de neerwaartse risico’s vanuit hogere energieprijzen en geopolitieke spanningen.
Strategie voor aandelen en obligaties
Beleg je met Rabo Beheerd Beleggen Actief of Exclusief of met beleggingsadvies? Dan lees je meer over onze strategie voor aandelen en obligaties in de uitgebreide beleggingsvisie.
Je vindt de uitgebreide visie in je ingelogde omgeving en de Rabo App. Ga naar Beleggen en vervolgens naar het tabblad Nieuws & Info.


