Brexit: gevolgen voor Food & Agri-bedrijven

Het vertrek van het Verenigd Koninkrijk uit de EU zal grote gevolgen hebben voor Nederlandse voedsel- en landbouwbedrijven. De Rabobank onderzocht de mogelijke effecten van de Brexit op de export over het kanaal.

Veel hangt af van de onderhandelingen

Nederland is een van de belangrijkste leveranciers van voedsel- en landbouwproducten aan het Verenigd Koninkrijk, dat voor slechts 60 procent zelfvoorzienend is qua voedsel. Er zal de komende jaren intensief worden onderhandeld over het toekomstig handelsbeleid van het Verenigd Koninkrijk ten opzichte van de EU en de rest van de wereld.

Akkerbouw

De Nederlandse akkerbouw heeft positieve vooruitzichten, mede door de stijgende wereldwijde vraag naar akkerbouwproducten en de afschaffing van de Europese suikermarktquota. Het aanstaande vertrek van het Verenigd Koninkrijk uit de EU kan echter verstrekkende gevolgen hebben.

Akkerbouw

Export van bevroren aardappelproducten

Het Verenigd Koninkrijk is een grote afnemer van bevroren aardappelproducten. Nederland exporteerde volgens het CBS in 2015 ongeveer een kwart van de totale Nederlandse export aan bevroren friet en aardappelschijfjes naar het Verenigd Koninkrijk. De Britse autoriteiten schatten de totale waarde van deze export op 219 miljoen Britse pond, omgerekend zo’n 267 miljoen euro.

Dure gevolgen van uittreding uit de EU

De maatregelen die het VK mogelijk gaat nemen, zijn een bedreiging voor de concurrentiekracht van Nederlandse akkerbouwproducten op de Britse markt. Denk bijvoorbeeld aan invoerheffingen op akkerbouwproducten, een toename van concurrentie door derde landen en bijkomende exportformaliteiten voor Europese exporteurs. De extra kosten voor de invoering van nieuwe exportformaliteiten zijn vergelijkbaar met een invoerheffing van 5% tot 8%.

Sectorspecialist Akkerbouw Arjan Ausma en Associate Analist Stefan van Merrienboer

Dierlijk eiwit

Het Verenigd Koninkrijk is een belangrijke importeur voor de Nederlandse vleessector. Nederland produceert speciale bacon en ribben voor deze markt. Ook exporteren we veel kipfilet over het kanaal. Met name de export van vers vlees en toegevoegde waarde producten is belangrijk voor de Nederlandse pluimvee- en varkensketen. Buiten de EU zijn er weinig landen die vers kunnen exporteren naar de VK. De versmarkt heeft hierdoor een beschermde positie, maar in de markt voor bewerkte producten zijn de risico’s hoger.

Dierlijk eiwit

Export naar het Verenigd Koninkrijk

  • De zelfvoorzieningsgraad van het VK ligt voor varkensvlees op 40%. Voor pluimveevlees ligt dit op 73%.
  • De import van varkensvlees komt zo haast volledig uit de EU. Pluimveevlees komt 80% uit de EU, de rest komt voornamelijk uit Azië.
  • In 2015 kwam 30% van het geïmporteerde pluimveevlees uit Nederland. Bij varkensvlees, inclusief verwerkte producten zoals bacon en worst, was dit in 2016 17%. Dit komt overeen met respectievelijk 191.000 ton productgewicht en 169.000 ton karkasgewicht.

Duurdere producten vanwege invoerheffingen

De Brexit zal zeer waarschijnlijk leiden tot invoerheffingen voor Europese producten, waardoor de prijzen van deze producten in het VK toenemen. Door de stijgende prijzen kopen Britse consumenten mogelijk minder vlees. Het is niet ondenkbaar dat er een omslag zal plaatsvinden naar goedkopere producten. Bij specifieke ‘culturele’ producten, zoals bacon en ribben, ligt dit risico waarschijnlijk lager. Hiervoor zijn speciale productiekolommen opgezet en het kost veel tijd om dit proces te vervangen.

EU-landen versus niet EU-landen

Het invoeren van invoerheffingen verbetert de concurrentiepositie van landen die geen lid van de EU zijn, omdat deze landen al langer met invoerheffingen te maken hebben. Deze landen kunnen in de toekomst beter concurreren op prijs in het VK. Een vergelijkbaar effect treedt op als de euro verder stijgt ten opzichte van de Britse munt.

Meer lokale productie

Vlees dat in het VK geproduceerd wordt kan door verschillende factoren concurrerender worden ten opzichte van EU-vlees. Zo hebben binnenlandse producenten geen last van de mogelijke invoerheffingen. Tevens kan de promotiecampagne voor Britse producten leiden tot een stijgende vraag naar regionale producten. Ondanks deze ontwikkelingen is het niet waarschijnlijk dat het VK volledig zelfvoorzienend zal worden.

Sectorspecialist Pluimvee Jeroen van den Hurk en sectorspecialist Varkens Koen van Bergen

Foodbranche

De mogelijke impact van de Brexit op Nederlandse producenten en handelaren van voedingsproducten is enorm. Nederland is een van de belangrijkste leveranciers van voeding aan het Verenigd Koninkrijk, dat slechts voor 60 procent zelfvoorzienend is qua voedsel. Veel hangt af van de uitkomst van de onderhandelingen over het toekomstig handelsbeleid van het Verenigd Koninkrijk ten opzichte van Nederland en de rest van de EU. Ook de wereldwijde handel zal beïnvloed worden door de gevolgen van de Brexit.

Foodbranche

Consumentengoederen, varkensvlees en eieren

In het meest negatieve scenario legt het VK importtarieven op van 10% tot 30% voor onder andere consumentengoederen, varkensvlees en eieren. Voor rundvlees en zuivel kan het tarief zelfs oplopen tot meer dan 30%. De impact hiervan is enorm, zeker als rekening gehouden wordt met extra kosten door invoering van douanecontroles die omgerekend met 5% tot 8% kunnen oplopen.

Groente en fruit

Voor groente en fruit zijn de verwachtingen optimistischer. Het Verenigd Koninkrijk is hierin slechts voor 40% zelfvoorzienend. Er zijn weinig alternatieve landen die zoveel groenten of fruit kunnen leveren als Nederland. Onze verwachting is dat voor verse producten relatief lagere tarieven gehanteerd zullen worden.

Vrijehandelsscenario

Gunstiger is een vrijehandelsscenario, waarbij het VK alle importtarieven op voeding schrapt om zo te profiteren van goedkoop eten. In dat geval zullen Nederlandse producenten en exporteurs geconfronteerd worden met toenemende concurrentie uit andere niet-EU-landen. Dit zal met name een negatieve invloed hebben op de Nederlandse export van wereldwijd verhandelde producten, zoals vlees, zuivel en suiker.

Druk op Britse pond

De Britse munt zal naar verwachting door de Brexit verder onder de druk komen te staan. Een lagere wisselkoers leidt tot duurdere import voor de Britse consument en druk op de vraag naar Nederlandse voedingsproducten. Internationaal zullen Nederlandse producenten juist extra concurrentie ervaren van Britse producenten die profiteren van de lagere koers van hun munt.

Sectorspecialist Food Martijn Rol

Glasgroente

De Brexit zal ingrijpende gevolgen hebben voor de Nederlandse glasgroentesector. Het Verenigd Koninkrijk is voor verse groenten grotendeels afhankelijk van import. De zelfvoorzieningsgraad voor tomaten ligt bijvoorbeeld op 20% en voor paprika op 11%. Van de geïmporteerde tomaten komt 89% uit EU-landen. Voor komkommers ligt dat percentage zelfs op 98%.

Glasgroente

Mogelijke gevolgen van prijsstijging

Door invoerheffingen voor producten uit de EU zullen de prijzen van Nederlandse en Spaanse groenten in het VK stijgen. Dit kan verschillende gevolgen hebben:

  • Britse consumenten gaan door deze prijsstijging minder groenten eten.
  • Leveranciers worden gedwongen hun prijzen en marges aan te passen.
  • Britse afnemers passen verpakkingseenheden aan, waardoor consumenten minder volume krijgen voor dezelfde prijs. Hierdoor nemen invoervolumes af.
  • Teelt in het VK wordt aantrekkelijker, waardoor de concurrentie van groenten uit het VK groter wordt. Anderzijds schept dit ook kansen voor Nederlandse ondernemers die in het VK willen gaan telen.
  • Consumenten bezuinigen op duurdere producten, een productgroep waarin Nederlandse telers uitblinken.
  • De positie van de EU-landen tegenover niet EU-landen verandert, omdat die landen al met invoerheffingen te maken hebben. Hierdoor verbetert de positie van landen als Marokko en Turkije.

Druk op Britse pond

De Britse munt zal naar verwachting door de Brexit verder onder de druk komen te staan. Een lagere wisselkoers leidt tot duurdere import voor de Britse consument en druk op de vraag naar Nederlandse voedingsproducten. Internationaal zullen Nederlandse producenten extra concurrentie ervaren van Britse producenten die profiteren van de lagere koers van hun munt.

Maatregelen die import moeilijker maken

De Brexit kan leiden tot maatregelen die de import moeilijker en eventueel duurder maken. Denk bijvoorbeeld aan extra douaneformaliteiten en controles op ziekten. Dit kan gevolgen hebben op de snelheid van levering, terwijl dit juist een sterk punt is van de Nederlandse keten.

Sectorspecialist Glasgroente Patrick Zwaan en Industry Analist Cindy van Rijswick

Melkveehouderij

Met een export £ 197 miljoen in 2016 is het Verenigd Koninkrijk een relatief klein bestemmingsland voor Nederlandse zuivelproducten, waardoor de directe gevolgen van de Brexit voor de Nederlandse zuivelindustrie beperkt zullen blijven.

Indirect kunnen de gevolgen van de Brexit voor de Nederlandse zuivelindustrie groter zijn. Door een verdere devaluatie van het Britse pond en mogelijke importheffingen van meer dan 30% zal de concurrentiepositie van de voornaamste Europese exporteurs naar het Verenigd Koninkrijk onder druk komen te staan. Hierdoor kan een verschuiving van zuivelstromen binnen de EU plaatsvinden die een negatief effect zal hebben op Europese zuivelprijzen en de vraag naar Nederlandse zuivelproducten.

Export

Het Verenigd Koninkrijk is voor circa 80% zelfvoorzienend in haar zuivelproducten. In 2016 bedroeg de import van zuivelproducten £ 2,4 miljard, waarvan ruim 90% afkomstig is uit de EU. Binnen de EU zijn Ierland (£ 593 miljoen), Frankrijk (£ 451 miljoen) en Duitsland (£ 303 miljoen) de voornaamste exporteurs van zuivelproducten richting het Verenigd Koninkrijk. Nederland staat op een vierde plaats met een uitvoer van circa £ 197 miljoen. In verhouding tot de totale Nederlandse exportwaarde van € 6,5 miljard in 2016 is het Verenigd Koninkrijk een relatief beperkt bestemmingsland voor Nederlandse zuivelproducten.

Met £ 1,2 miljard in 2016 is het Verenigd Koninkrijk binnen de huidige EU zeker een noemenswaardig exporterend land in zuivelproducten. Circa 70 procent van deze handel vindt plaats binnen de EU. Door de uitvoer van kaas en melkpoeder is Ierland de voornaamste handelspartner met £ 366 miljoen. De uitvoer richting Nederland bedroeg £ 102 miljoen.

Producten

Met £ 1,3 miljard is kaas het voornaamste invoer product vanuit de EU. De meest omvangrijke handelspartners hierbij zijn Ierland (£ 305 mln.), Frankrijk (£ 215 mln.) en Duitsland (£ 141 mln.). Verse zuivel (Frankrijk en Duitsland) en boterproducten (Ierland en Denemarken) zijn gezamenlijk goed voor een invoer van meer dan £ 600 miljoen.

Met £ 352 miljoen is kaas ook het meest significante uitvoer product van het Verenigd Koninkrijk naar de EU. Kaas is eveneens het belangrijkste handelsproduct tussen Nederland en het Verenigd Koninkrijk. Met een invoer van £ 109 miljoen is kaas (o.a. Cheddar, Edam, Gouda en Maasdam) voor meer dan 50% verantwoordelijk voor de totale exportwaarde van Nederlandse zuivelproducten. Andere omvangrijke Nederlandse export producten zijn boter producten, wei en gecondenseerde en geconcentreerde melkproducten. In de tegenovergestelde richting is kaas (o.a. cheddar) goed voor £ 42 miljoen aan handelswaarde.

Importtarieven en devaluatie Britse pond

Verder devaluatie van het Britse pond en potentiële importheffingen van meer dan 30% op zuivelproducten kunnen leiden tot vraaguitval door de Britse consumenten en de concurrentiepositie van landen uit de EU verslechteren. Indien de export vanuit landen zoals Ierland, Frankrijk en Duitsland zich van het Verenigd Koninkrijk verplaatst naar het Europese vasteland zal dit de zuivelprijzen binnen de EU onder druk zetten en daarmee ook de vraag naar Nederlandse producten beïnvloeden.

Sectorspecialist Melkveehouderij Marijn Dekkers en Analist Zuivel Richard Scheper

Sierteelt

De Brexit heeft flinke gevolgen voor de Nederlandse sierteeltsector. Onze sierteelt exporteert een flink deel van haar productie naar het Verenigd Koninkrijk. In 2016 kwam zo’n 12% van de Nederlandse exportwaarde terecht in het VK. Bij snijbloemen ligt het exportaandeel op 15%, bij potplanten en bomen op 11% en bij bloembollen op 7%. De Britse importwaarde voor snijbloemen kwam in 2016 voor 82% uit Nederland. Voor potplanten en bomen was dit 70%, voor bloembollen zelfs 87%.

Sierteelt

Druk op Britse pond

Bij een sterkere euro ten opzichte van de Britse munt is het waarschijnlijk dat Britse consumenten minder bloemen, bollen en planten gaan kopen vanwege stijgende consumentenprijzen. Leveranciers anticiperen hier nu al op. Prijzen worden aangepast waarbij de retailer en de exporteur of teler het valutaverschil delen. Ook wordt vaker gekozen voor kleinere verpakkingseenheden, met minder stelen per bos of kleinere potmaten voor dezelfde prijs. Het Nederlandse exportvolume naar het VK zal hierdoor afnemen.

Invloed van invoerheffingen

Door de introductie van invoerheffingen zullen de prijzen van Nederlandse sierteeltproducten in het VK toenemen. Bij het invoeren van invoerheffingen op snijbloemen kan bovendien de positie van de EU-landen wijzigen tegenover niet EU-landen, zoals Colombia en de Afrikaanse landen. Echter vallen ook bij deze landen de invoercondities naar het VK niet meer onder EU-verdragen, waardoor de verdragen herzien zullen worden. De toekomstige invullingen van deze verdragen bepalen grotendeels de impact voor de sierteelt.

Maatregelen die import moeilijker maken

De Brexit kan leiden tot maatregelen die de import moeilijker en eventueel duurder maken. Denk bijvoorbeeld aan extra douaneformaliteiten en controles op ziekten. Dit kan gevolgen hebben voor de snelheid van levering, terwijl dit juist een sterk punt is van de Nederlandse sierteeltketen.

Meer lokale teelt

Door de hogere prijzen voor geïmporteerde sierteelt kan teelt in het VK op termijn aantrekkelijker worden. Hierdoor stijgt de concurrentiekracht van Britse sierteeltproducten. De Britse consument is immers geneigd om regionale producten te kopen. Toch is de kans op puitbreiding lokale teelt gering, omdat de bundeling van verschillende sierteeltproducten belangrijk is voor het verkoopkanaal. Daarnaast zijn er hoge toetredingsdrempels op het gebied van kapitaal en kennis.

Sectorspecialist Sierteelt Arne Bac en Analist Tuinbouw Lambert van Horen

Visserij

De impact van Brexit voor de visserijsector is groot. De EU is voor het Verenigd Koninkrijk (VK) de grootste handelspartner op het gebied van visserij. De belangrijkste risico’s zijn mogelijke sluiting van visgronden en minder vangstrechten. Daarnaast kan de handel en verwerking nadelen ondervinden als importtarieven worden ingevoerd.

Visserij

Import en export

Nederland importeert jaarlijks voor £ 84 miljoen vis vanuit het VK. Belangrijkste soorten zijn kleine pelagische vis zoals haring, markreel, ansjovis en platvis. Met name de aanvoer van platvis kan grote impact hebben omdat VK hiervan het grootste aanbod heeft. Het VK importeert £ 117 miljoen vis vanuit Nederland, met name kabeljauw en verwerkte vis.

Toegang tot visgronden

Het VK heeft een uitgebreide exclusieve economische zone (EEZ). Binnen deze zone heeft het VK verschillende rechten, zoals het recht op exploitatie van de aanwezige grondstoffen, het recht op visserij en recht op wetenschappelijk onderzoek. Als Europese kotters niet meer in het Britse EEZ mogen vissen, heeft dit grote invloed. Nederlandse vissers vangen 60% van hun vangst in Engelse wateren (193.400 ton). Dit vertegenwoordigt een waarde van € 142 miljoen.

Toegang tot de markt

Nederland staat op de vierde plek van landen die vis exporteren naar het VK. De invoer van importtarieven tussen het VK en de EU kan negatieve gevolgen hebben voor de handel van en naar het VK. Deze tarieven kunnen variëren van 7% voor verse vis tot 21% voor verwerkte visproducten. Wanneer export naar het VK moeilijker gaat worden, zal Nederland andere afzetmarkten zoeken. Dit is met name van toepassing voor de verwerkte vis waarbij hogere importtarieven kunnen gelden.

GVB

De Brexit zal ook gevolgen voor het gemeenschappelijk visserijbeleid (GVB) in Europa. Het GVB is een regeling voor het beheer van de Europese vissersvloten en voor het behoud van de visbestanden. Als de Britten het GVB loslaten en eigen wetgeving maken, kan dit negatieve impact hebben op de Nederlandse vissers.

Andere gevolgen 

Na de Brexit kan het VK eisen gaan stellen aan gehanteerde vistechnieken, door bijvoorbeeld pulstechniek niet meer toe te staan in Engelse wateren. Een ander mogelijkheid is dat het VK een quotum zal vaststellen dat alleen door Britse vissers benut kan worden. Hier en daar werd geopperd dat Nederlandse vissers konden gaan vissen onder de Britse vlag, maar dit zal niet door de Britse vissers geaccepteerd worden. Zij zijn immers van mening dat het quotum enkel voor hen geldt.



Sectorspecialist Visserij Gea Bakker-Smit

Rabo Research voorziet drie scenario’s

De informatie uit dit artikel is gebaseerd op een onderzoek van Rabo Research naar de impact van de Brexit. In dit onderzoek komen drie mogelijke scenario’s naar voren als uitkomst van de onderhandelingen:

  • een situatie waarbij weinig tot niets verandert
  • een situatie waarbij exporteren naar het VK moeilijker wordt door invoerheffingen
  • een situatie zoals in Nieuw-Zeeland, waarbij importtarieven voor alle agrarische producten verdwijnen

Op Rabobank.com gaan we dieper in op deze scenario’s en andere resultaten van het onderzoek.

Lees het rapport op Rabobank.com

Stappenplan Brexit

Als u zakendoet met het Verenigd Koninkrijk, bent u graag goed voorbereid op de gevolgen van de Brexit. Lees daarom het Brexit-stappenplan en de checklist voor internationale ondernemers

Contact

Rabobank