Zuivelupdate april 2018

2017 was een goed jaar voor de zuivelmarkt. Aantrekkende melkprijzen zorgden in de tweede helft van het jaar voor een sterke groei van de Europese melkproductie, die ook in het begin van 2018 doorzette. Naar verwachting zal de groei van de mondiale melkproductie gedurende 2018 aanhouden, al komen de marges voor melkveehouders wel onder meer druk te staan.

Samenvatting: prijzen melkvet blijven op bovengemiddeld niveau

  • De markt voor eiwitrijke zuivelproducten blijft moeizaam door prijsdruk van Europese en Noord-Amerikaanse voorraden. In de eerste drie maanden is slechts een kleine hoeveelheid van Europese interventievoorraad magere melkpoeder verkocht. De prijzen voor melkvet blijven op bovengemiddeld niveau.
  • Moeilijke weersomstandigheden bleven Nieuw-Zeeland teisteren, waardoor de melkproductie in de periode december-februari met 5,4% is gedaald. In de eerste twee maanden van 2018 is de Amerikaanse melkproductie met 1,8% gestegen in vergelijking met dezelfde maanden van 2017.
  • De Rabobank verwacht dat Chinese import van zuivelproducten in 2018 met 13,8% toe zal nemen ten opzichte van vorig jaar.
  • Door een duurdere euro ten opzichte van de Amerikaanse dollar kan de Europese exportmarkt slechts beperkt profiteren van de aantrekkende olieprijzen.
  • Ondanks de stoppersregeling en de GVE-reductie is de Nederlandse melkproductie in 2017 met 0,1% toegenomen. Voor 2018 wordt wel een daling van de melkproductie verwacht.
  • De liquiditeitspositie op het gemiddelde Nederlandse melkveebedrijf is ondanks de recente daling van de melkprijs nog goed.

Webinar op Global Farmers
Global Farmers-leden kunnen naar aanleiding van de Zuivelupdate een webinar bekijken. Binnen tien minuten praten sectorspecialist Marijn Dekkers en zuivelanalist Richard Scheper u helemaal bij over de laatste ontwikkelingen. Global Farmers is een wereldwijd digitaal platform voor agrarische klanten van de Rabobank. Aanmelden is gratis. 

Bekijk het webinar op Globalfarmers.com

Melkprijs: daling door prijsniveaus basiszuivelproducten

In de eerste drie maanden van 2018 zijn de Europese melkprijzen gedaald ten opzichte van het vierde kwartaal van 2017. Gedurende deze periode is de door de Nederlandse melkverwerkers uitbetaalde melkprijs gemiddeld 10-15% gedaald. De onderliggende prijsniveaus voor basiszuivelproducten zijn de oorzaak van deze prijsdaling.

Prijzen kaas
Tussen september 2017 en de eerste weken van 2018 is de spotprijs voor Goudse kaas met ruim 37% gedaald, om de daaropvolgende twee maanden enigszins te herstellen. Door de looptijden van contracten tussen enerzijds kaasmakers en anderzijds kaashandelaren en retail heeft het enige tijd geduurd voordat dit zich vertaalde in een lagere melkprijs. 

Prijzen eiwitrijke en melkvetrijke producten
Vooral de markt voor eiwitrijke producten, zoals magere melkpoeder en weipoeder, blijft moeizaam door de hoge Europese interventievoorraden, oplopende voorraden in Noord-Amerika en de groeiende melkaanvoer.

In de eerste drie maanden van 2018 is de prijs voor magere melkpoeder gedaald tot onder de € 1.400 per ton, het laagste niveau sinds 2007 en ruim € 300 beneden de interventieprijs van 2017. Met prijsniveaus tot € 710 per ton bleven ook de prijzen voor weipoeder op een laag niveau.

Ondanks de prijsval sinds vorig jaar september blijft de prijs voor Europese boter, met € 4.920 per ton eind maart 2018, op een bovengemiddeld niveau.

Melkprijs tweede kwartaal 2018: de druk blijft
Door de moeizame markt voor eiwitrijke producten en de piek in de Europese melkproductie blijft er ook het in tweede kwartaal druk staan op de melkprijzen. Hierdoor is een prijsherstel ten opzichte van het melkprijsniveau in de laatste maanden van 2017 voorlopig niet aan de orde. Desondanks wordt voor het tweede kwartaal een stabieler Nederlands melkprijsniveau verwacht ten opzichte van het prijsverval gedurende het eerste kwartaal van 2018.

Europese interventievoorraden

Interventievoorraden blijven druk houden op marktprijzen
Op 1 oktober is de Europese interventieregeling voor magere melkpoeder voor 2017 gesloten, met een voorraad van circa 375.700 ton. Gedurende de eerste drie maanden van 2018 zijn biedingen voor 10.328 ton aan interventievoorraad geaccepteerd, met € 1.050 per ton als laagst geaccepteerde prijs. Deze ontwikkelingen laten zien dat de Europese Commissie bereid is om lagere prijzen te accepteren voor de steeds ouder wordende voorraden. Vooralsnog blijft er echter een groot gat bestaan tussen de geboden en de door de Europese Commissie geaccepteerde bedragen. Hierdoor blijven de interventievoorraden druk houden op de marktprijzen.

Inschrijvingen boven marktprijs niet geaccepteerd
Op 1 maart 2018 is de interventieregeling tot 30 september 2018 geopend, met afwijkende voorwaarden ten opzichte van voorgaande jaren. Onder deze voorwaarden kan er geen magere melkpoeder aan de interventievoorraad toegevoegd worden tegen een vaste prijs en vooraf bepaalde hoeveelheid. Verwerkers moeten nu met prijs en hoeveelheid inschrijven op tenders. Gedurende de maand maart zijn er door de Europese Commissie geen inschrijvingen geaccepteerd. De laagst geboden prijs was € 1.349 per ton, een indicatie dat er geen inschrijvingen boven marktprijs worden geaccepteerd.

Deze interventieregeling en recente uitspraken van Eurocommissaris Hogan zijn een signaal dat er geen verdere steunprogramma’s te verwachten zijn.

Melkproductie wereldwijd

De melkproductie in de voornaamste exportregio’s is ook in het vierde kwartaal van 2017 en de eerste maanden van 2018 toegenomen ten opzichte van een jaar eerder, al konden niet in alle regio’s positieve cijfers worden genoteerd. 

Terugblik: VS en Nieuw-Zeeland

Verenigde Staten
Door een gematigde groei van 1,1% in het vierde kwartaal van 2017 is de Amerikaanse melkproductie 1,7% hoger geëindigd dan in 2016. Over de eerste twee maanden van 2018 viel een groei van 1,8% te noteren ten opzichte van vorig jaar. De gemiddelde melkprijs is in januari gedaald tot het laagste niveau in twee jaar, een verschil van 8,5% ten opzichte van december.

Nieuw-Zeeland
Moeilijke weersomstandigheden eisen hun tol van de melkproductie. Na natte maanden aan het begin van het seizoen was er in grote delen van Nieuw-Zeeland sprake van extreme droogte in december en januari. Restanten van twee tropische stormen, met forse regenval, volgden in februari. Hierdoor is de melkproductie gedurende de periode december-februari met 5,4% gedaald ten opzichte van één jaar eerder. Hierdoor ligt de productie voor het seizoen 2017/2018 (juni-feb) tot dusver 1,1% lager dan het voorgaande seizoen. 

Fonterra heeft recentelijk de melkprijsverwachting voor het seizoen 2017/2018 naar boven bijgesteld tot NZD 6,55 per milk solid, voorheen NZD 6,40 per milk solid. Een lagere melkaanvoer en degelijke prijzen voor volle melkpoeder, voornamelijk voor export naar China, zijn hiervan de voornaamste oorzaken.

Vooruitblik: melkproductie blijft vooralsnog toenemen in de meeste regio’s
Ondanks de recente daling van melkprijzen is de marge voor melkveehouders in de meeste regio’s momenteel positief. Hierdoor blijft de motivatie om meer melk te produceren. Door de lagere melkprijzen en oplopende (kracht)voerprijzen, als gevolg van droogte in delen van de Verenigde Staten en Argentinië, komen marges wel onder meer druk te staan. Hierdoor zal de groei van de melkproductie naar verwachting afvlakken of in enkele regio’s zelfs omslaan in een (kleine) daling van de melkproductie.

Land Verwachting t.o.v. dezelfde periode vorig jaar Periode
Verenigde Staten +1,4% 2018
Nieuw-Zeeland -1,0% Seizoen 2017/2018 (juni-mei)
Australië +3,2% Seizoen 2017/2018 (juli-juni)

Vooruitblik: VS en Nieuw-Zeeland

Verenigde Staten
Voor 2018 wordt een groei van de melkproductie verwacht van 1,4% in vergelijking met 2017.

Nieuw Zeeland
Als gevolg van de moeilijke weersomstandigheden verwacht de Rabobank dat de melkproductie voor het 2017/2018 seizoen 1,0% daalt ten opzichte van voorgaand seizoen.

China: stijging melkproductie en toenemende import verwacht

De Chinese melkproductie is in 2017 met 1,6% gedaald ten opzichte van 2016. Volgens het Chinese Ministerie van Landbouw is de melkproductie in januari licht gestegen (0,2%) in vergelijking met vorig jaar. Voor 2018 verwacht de Rabobank een productiestijging van circa 2,2% ten opzichte van 2017.

Chinese import zuivelproducten neemt toe
In 2017 is de Chinese import van zuivelproducten met 17,0% toegenomen. Dit is lager dan aanvankelijk verwacht, vanwege lagere importcijfers in december. De Rabobank verwacht dat de Chinese import voor heel 2018 met 13,8% toe zal nemen.

EU: groei melkproductie verschilt per regio

Door lage referentiemaanden in 2016, positieve marges, relatief zachte weersomstandigheden en hoge (ruw)voervoorraden is de Europese melkproductie in het vierde kwartaal van 2017 met 4,9% gestegen ten opzichte van 2016 (zie Figuur 3). Echter, door het EU reductieschema in 2016 geeft dit cijfer een vertekend beeld. Vergeleken met de laatste drie maanden van 2015 is de melkproductie slechts met 1,3% toegenomen. Door de hoge groeicijfers in het laatste kwartaal is de Europese melkproductie in 2017 2,1% hoger geëindigd dan het voorgaande jaar. Voorlopige cijfers voor januari 2018 impliceren een groei van 3,7%.

Terugblik grootste Europese zuivellanden

Ondanks de positieve groeicijfers in alle grote Europese zuivellanden gedurende het vierde kwartaal varieert de melkproductiegroei sterk over 2017.

Zuivellanden 4e kwartaal 2017 t.o.v. 4e kwartaal 2016 2017 t.o.v. 2016
EU 4,8% 2,0%
Duitsland 5,3% 0,1%
Frankrijk 4,9% 0,6%
Verenigd Koninkrijk 7,1% 4,4%
Nederland 1,4% 0,1%
Italië 3,8% 3,8%
Polen 5,1% 4,9%
Ierland 10,1% 9,3%

Melkveestapel afgenomen
Ondanks de hogere melkproductie is de melkveestapel in de grootste zeven zuivellanden met gemiddeld 0,8% afgenomen in 2017, een indicatie dat een productieverhoging per koe een belangrijke drijver was achter de hogere melkproductie. Ierland en Nederland springen hieruit met +3,7% en -7,2%.

Vooruitblik: Europese melkproductie blijft toenemen
De Rabobank verwacht dat de Europese melkproductie in de eerste helft van 2018 toe zal blijven nemen. Ondanks de daling van de gemiddelde Europese melkprijs opereren veel bedrijven nog met een positieve cashflow en is het ruwvoeraanbod ruim. Daarnaast zijn de referentiemaanden voor de eerste twee kwartalen van 2018 relatief laag. Het koudefront in februari zal de groei van de melkproductie in het eerste kwartaal enigszins temperen. 

Na een stabiel derde kwartaal zal de melkproductie naar verwachting vanaf het vierde kwartaal van 2018 omslaan in een productieafname. Lagere marges en uitdagende referentiemaanden voor de tweede helft van 2017 zijn hiervan de oorzaak. Deze melkproductiedaling zal om dezelfde redenen ook doorzetten in de eerste drie maanden van 2019. 

Periode Verschil t.o.v. zelfde periode vorig jaar
Q1 2018 +3,0%
Q2 2018 +2,2%
Q3 2018 =0,0%
Q4 2018 -1,5%
Q1 2019 -1,2%

US dollar en olieprijzen

Sinds de start van 2017 zijn de olieprijzen met circa 16,3% gestegen, waardoor de koopkracht in de olie-exporterende landen is toegenomen. Met name Noord-Afrika en het Midden-Oosten zijn belangrijke afzetgebieden voor onder meer Europese magere melkpoeder. Toch kan de Europese zuivelexport maar beperkt profiteren van de gestegen olieprijzen, omdat de waarde van de euro ten opzichte van de Amerikaanse dollar in dezelfde periode met 16,0% is gestegen.

EU zuivelexport

De export van magere melkpoeder is in 2017 met 35,6% toegenomen ten opzichte van 2016. Dit is een duidelijke indicatie dat verwerkers bereid zijn om lage prijzen te accepteren voor verse magere melkpoeder en private voorraden op een relatief laag niveau zijn gesloten. Ondanks de hoge prijzen is de export van boter met 14,7% afgenomen in dezelfde periode. De lage beschikbaarheid van boter is hiervan de oorzaak. 

De goede verwaardingsmogelijkheden voor de productcombinatie kaas met wei gedurende het grootste deel van 2017 ondersteunden ook de Europese kaasexport. De kaasexport nam met 3,7% toe in 2017.

Zuivelproducten 2017 t.o.v. 2016
Magere melkpoeder +35,6%
Boter -14,7%
Kaas +3,7%
volle melkpoeder +4,3%

Lagere Nederlandse melkproductie verwacht in 2018

Ondanks het fosfaatreductieplan is de Nederlandse melkproductie in 2017 0,1% hoger geëindigd ten opzichte van 2016. De melkproductie gedurende de eerste twee maanden van 2018 blijft 0,5% onder het productieniveau van 2017.

Als gevolg van de generieke korting en sturing op een optimale benutting van de toegewezen fosfaatrechten blijft het aantal runderslachtingen ook in de eerste elf weken van 2018 op een bovengemiddeld niveau.

Door de generieke korting, de beperkte mogelijkheden om nog verder te snijden in de jongvee bezetting en/of het ondereind van de veestapel, en de 10% afroming op verhandelde rechten, is de ruimte om de Nederlandse melkproductie op het niveau van 2017 te houden beperkt. Daarnaast leidt een productieverhoging per koe, in tegenstelling tot 2017, wel tot meer benodigde fosfaatrechten. Als gevolg verwacht de Rabobank dat de melkproductie in 2018 met circa 2,5% zal dalen.

Fosfaat: planning vereist

Deze week werd bekend dat de derogatie voor de komende twee jaar aan Nederland is toegewezen. Hiermee is het doel bereikt dat is gesteld bij het aangaan van het fosfaatreductieplan en de introductie van fosfaatrechten. De invoering van fosfaatrechten leidt ertoe dat melkveehouders met een maandelijks teveel aan vee, later in het jaar mogelijk meer vee moeten afvoeren. Het is voor melkveehouders dan ook verstandig nu te bedenken hoeveel vee zij dit jaar willen houden en te bepalen hoe de hiervoor benodigde rechten verkregen worden. Als er onvoldoende rechten zijn toegekend in de beschikking van de RVO, kunnen kopen, leasen of samenwerkingen oplossingen zijn. Deze tijd van het jaar is het moment om hier een beeld van te schetsen, om later niet voor verrassingen te komen staan. 

Het doel van de Rabobank is om bedrijven die een mismatch hebben in stalcapaciteit en fosfaatrechten continuïteit te bieden. Dit kan op verschillende manieren. Fosfaatrechten aankopen, niets doen of samen 2018 overbruggen om in 2019 weer opnieuw de balans op te maken.

Veel van deze mogelijkheden zijn ingrijpend. Onze accountmanagers kunnen worden betrokken bij plannen en berekeningen. Samen komen we tot de beste oplossingen. Ook het financieren van fosfaatrechten behoort tot de mogelijkheden, al zorgt het huidige prijsniveau er wel voor dat op veel bedrijven de rendementen van de laatste kilogram melk tegenvallen. Per bedrijf moet daarom bekeken worden welke strategie het beste gevolgd kan worden. Diverse bedrijven gaan nog uit van een uitgebreide knelgevallenregeling. Er zijn op dit moment geen aanwijzingen voor dat dit verlichting gaat geven. 

Lees meer over investeringen in fosfaatrechten

Liquiditeit: goede prijzen creëren ruimte

De liquiditeit van het gemiddelde Nederlandse melkveebedrijf is nog steeds goed. Hoewel er verschillen zichtbaar zijn tussen de melkverwerkers is de melkprijsdaling op veel bedrijven nog niet onder de kostprijs gezakt. Hierdoor loopt de liquiditeitsruimte nog niet terug en hoeven buffers nog niet aangesproken te worden. 

Door de structurele prijsfluctuaties en de recente daling van de melkprijzen blijft het advies om weloverwogen met de beschikbare liquiditeiten om te gaan. Cashmanagement wordt binnen de melkveehouderij dan ook een steeds belangrijker item om:

  • te anticiperen op melkprijsfluctuaties
  • financiële tegenvallers op te vangen
  • belastingen te betalen

Afwegen of een investering uit eigen cashflow of bancair gefinancierd kan worden is hierin een belangrijke keuze.

Ruwvoervoorraden melkveebedrijven
De ruwvoervoorraden zijn op de meeste melkveebedrijven nog ruim. Door het koudefront in februari komt het huidige groeiseizoen moeizamer op gang. Daarnaast lopen de prijzen voor (kracht)voer langzaam op. Een ruime ruwvoervoorraad in combinatie met het optimaal benutten van eigen ruwvoer zijn hiertegen de beste verzekering. Zeker bij een lagere melkprijs is het zaak om niet zo hard mogelijk maar zo economisch mogelijk te melken.

Contact

Rabobank