Update

Meer dan melk: rundvlees versterkt verdienmodel melkveehouders

29 mei 2026 10:00

De inkomsten van melkveebedrijven veranderen. Melk blijft de grootste bron van omzet, maar andere inkomsten groeien snel. Vooral opbrengsten uit rundvee nemen toe. Denk aan de verkoop van kalveren en slachtkoeien. Dit zorgt voor meer spreiding in het verdienmodel. Zeker in jaren met lagere melkprijzen kan dit het verschil maken voor het bedrijfsresultaat.

Kalveren

In het kort

    Rundvee-inkomsten groeien en worden belangrijker naast melk op melkveebedrijven. Hogere kalverprijzen komen door krimpende melkveestapel en krapper aanbod. Wereldwijde vraag naar eiwitten versterkt waarde van rundvee en zuivel. Beef on dairy biedt kansen, maar vraagt ketensamenwerking en investeringen. Het kalf ontwikkelt zich van nevenproduct tot strategische inkomstenbron.

Opbrengsten buiten melk groeien gestaag

De totale omzet van melkveebedrijven bestaat uit melkgeld, omzet en aanwas van vee, subsidies en overige opbrengsten. Uit Rabobank-data blijkt dat het belang van aanvullende opbrengsten toeneemt, hoewel melk veruit de belangrijkste inkomstenbron blijft.

Wereldwijd groeit het aandeel niet-melkgerelateerde inkomsten op melkveebedrijven, ook in Nederland. Melk blijft dominant, maar de rol van rundvee groeit zichtbaar. Gecorrigeerd voor een gemiddelde melkprijs vertegenwoordigt ‘omzet en aanwas’ inmiddels 9,9% van de totale omzet en dat aandeel groeit structureel. Dit laat zien dat rundvee een belangrijkere rol krijgt in het verdienmodel van het melkveebedrijf.

Figuur 1: Melkgeld blijft dominant, maar aandeel in totale opbrengsten op melkveebedrijven neemt af (2023-2025)

Melkgeld blijft dominant, maar aandeel in totale opbrengsten op melkveebedrijven neemt af (2023-2025)
Bron: Rabobank, 2026.

Inkomsten uit rundvee structureel belangrijker

Hogere prijzen voor nuchtere kalveren en slachtkoeien zorgen ervoor dat rundvee steeds nadrukkelijker bijdraagt aan het bedrijfsresultaat van melkveehouders. Die ontwikkeling lijkt structureel. De combinatie van een krimpende Europese melkveestapel, een groeiende (wereldwijde) vraag naar dierlijke eiwitten en toenemende belangstelling voor duurzaam geproduceerd rundvlees maakt dat het speelveld voor zowel melkvee- als kalverhouders kan verschuiven.

De hoge melkprijs maakt 2025 een uitzonderlijk jaar voor melkveehouders. Hierdoor lijkt het toegenomen belang van omzet en aanwas verhoudingsgewijs beperkt, zie figuur 1. Wanneer de melkprijs gecorrigeerd wordt naar het 5-jarig gemiddelde (EUR 48,5 per 100 kg melk) is de ontwikkeling beter zichtbaar en vertegenwoordigt de opbrengstenpost omzet en aanwas 9,9% van de totale omzet op een melkveebedrijf. De ontwikkeling van ‘omzet en aanwas’ laat zien dat inkomsten uit rundvee structureel belangrijker worden. Deze ontwikkeling biedt melkveehouders meer spreiding in het verdienmodel, zeker in jaren waarin de melkprijs minder uitzonderlijk hoog ligt.

Krapper aanbod drijft prijzen van kalveren op

De hoge melkprijs in 2025 zorgde ervoor dat melkveehouders koeien langer aanhielden. Volgens cijfers van RVO kwam het aantal runderslachtingen in Nederland in 2025 uit op ruim 527.000 dieren, waarmee het totaal ruim 4,6% lager lag dan 2024. Vanwege de relatief lage aantallen slachtrunderen is de gestegen opbrengstenpost ‘omzet en aanwas' vooral gelinkt aan de prijsvorming van kalveren. De veranderde marktdynamiek is hiermee goed zichtbaar in zowel de melkvee- als de kalverhouderij.

Prijzen voor nuchtere kalveren liepen sterk op. Waar prijzen in 2023 en 2024 doorgaans tussen de 100 en 225 euro per kalf lagen, werd in de zomer van 2025 een piek van meer dan 500 euro per kalf gerealiseerd. Wat voor melkveehouders een stijgende opbrengst is, vertaalt zich voor vrije kalverhouders direct in hogere aankoopkosten. De prijzen van startkalveren lagen in 2023 en 2024 nog grofweg tussen de 300 en 400 euro per kalf en piekte vorig jaar ruim boven de 700 euro voor een startkalf.

Oorzaken

Belangrijke oorzaak is het structureel krappere aanbod van kalveren. De Nederlandse melkveestapel krimpt onder invloed van stikstofbeleid, milieuregels en extensivering. Minder melkkoeien betekent automatisch minder slachtkoeien en minder kalveren. Daarnaast is ook het aantal herkomstlanden voor kalverimport afgenomen. Tegelijk speelt de diergezondheidsstatus een steeds grotere rol, waardoor bepaalde handelsstromen kunnen worden beperkt.

Vraag naar hoogwaardige eiwitten zet ketens onder druk

Wereldwijd blijft de vraag naar dierlijke eiwitten sterk. Rundvlees, kip en eieren bevinden zich op relatief hoge prijsniveaus. Vooral onder jonge consumenten groeit de belangstelling voor eiwitrijke voeding. Sport, gezondheid en lifestyle zorgen voor een duidelijke proteïne trend rondom hoogwaardige eiwitten.

Wei-eiwitten winnen snel aan populariteit in sportvoeding en eiwitverrijkte consumentenproducten.

Die trend raakt niet alleen rundvlees, maar ook zuiveleiwitten. Vooral wei-eiwitten winnen snel aan populariteit in sportvoeding en eiwitverrijkte consumentenproducten. Dat heeft impact op de zuivel- en kalverketen. Wei-eiwitten vonden traditioneel grotendeels hun weg naar kalvervoeders, maar door de gestegen waarde van food-grade wei wordt dat economisch steeds minder aantrekkelijk.

Noodzaak tot efficiënt produceren

De structurele verschuiving in kosten en concurrentie om grondstoffen binnen de ‘eiwitketen’ zorgt dat het verdienmodel in de kalverhouderij onder druk komt. De relatief goedkope, goed verteerbare eiwitbron wordt vervangen door alternatieven, wat vaak hogere kosten met zich meebrengt en technisch minder optimaal voert. Marges van kalverhouders komen hiermee onder druk, zodat de noodzaak om efficiënt te produceren toeneemt

Verschillen tussen VS en Nederland

In de Verenigde Staten (VS) reageren melkveehouders snel op de markt. Er is sprake van een sterke en snelle wisselwerking tussen de melkvee- en rundvleessector. Met gesekst sperma en vleesrassen sturen zij actief op het geslacht en type kalf en de opbrengst. Zo kunnen melkveehouders via hun inseminatiestrategie actief inspelen op prijssignalen uit de markt en het toekomstige rundvleesaanbod relatief snel bijsturen.

Ketenstructuur

Ook is de markt in de VS sterk gericht op de binnenlandse afzet, met relatief weinig schakels tussen boerderij en eindconsument. In Nederland is die dynamiek minder sterk. De kalverketen is hier meer geïntegreerd, met veel contracten. Daardoor ligt de bestemming van kalveren grotendeels vast en spelen korte termijn prijsprikkels een kleinere rol. Het vlees wordt vooral als kalfsvlees geëxporteerd en er zitten meer partijen tussen de melkveehouder en de eindconsument dan in de VS. Tegelijk biedt de opkomst van beef-on-dairy ook in Nederland kansen om die verbinding te versterken en beter in te spelen op kansen in de rundvleesmarkt.

Beef on dairy wint wereldwijd terrein

Internationaal groeit de aandacht voor kruisingen tussen melkvee en vleesrassen. Het RaboResearch-rapport Beefing up global dairy with dairy-beef laat zien dat economie, duurzaamheid en maatschappelijke acceptatie deze ontwikkeling versnellen. Vooral in de Verenigde Staten is deze trend duidelijk zichtbaar. Daar is de wisselwerking tussen de melkvee- en rundvleessector sterk, waardoor marktprikkels snel worden vertaald naar keuzes op melkveebedrijven.

De productie van kalfsvlees is in de VS er sterk afgenomen, waardoor meer kalveren worden verwaard tot rundvlees. Voor Amerikaanse melkveehouders vormen inkomsten uit rundvee inmiddels bijna 10% van de totale opbrengsten op het bedrijf. Daarmee is rundvee uitgegroeid tot een serieuze pijler onder het verdienmodel.

Wat is beef on dairy?

Beef on dairy is het kruisen van melkkoeien met vleesstieren om kalveren te krijgen die beter geschikt zijn voor vleesproductie. Normaal krijgen melkkoeien kalveren die vooral geschikt zijn voor melkproductie. Bij beef on dairy kiest de melkveehouder bewust voor een vleesras (zoals Belgisch Witblauw of Angus) bij inseminatie. Dit levert melkveehouders meer spreiding in inkomsten naast melk op.

Ierse overheid stimuleert beef on dairy

Naast de VS zet ook Ierland sterk in op de ontwikkeling van beef on dairy, met duidelijke steun vanuit de overheid. De focus verschuift daar van de export van kalveren naar meer rundvleesproductie in eigen land. Overheden stimuleren het gebruik van genetisch hoogwaardige vleesstieren in de melkveestapel en belonen prestaties op dierenwelzijn en groei. Het delen van groeidata speelt daarbij een belangrijke rol. Deze aanpak wordt deels ondersteunt met Europese cofinanciering. Financiële ondersteuning op basis van welzijns- en technische data biedt ook kansen voor Nederland. Net als in Ierland kan dit worden gestimuleerd via overheidsbeleid, maar ook via initiatieven van ketenpartijen.

Rundvlees uit de melkveehouderij: kansrijke niche

Vooral extensieve melkveebedrijven kunnen kalveren zelf aanhouden en verwaarden tot rundvlees. Dit vraagt wel voldoende grond, arbeid, stalcapaciteit en ondernemerschap. Daarom zal het een niche blijven. Kalveren op het eigen bedrijf verwaarden tot rundvlees sluit goed aan bij de groeiende vraag vanuit retail en foodservice. Daar is steeds meer aandacht voor herkomst, weidegang, dierenwelzijn en een lage CO₂-footprint. Beef on dairy heeft juist op dat laatste punt een duidelijk voordeel.

Met focus op kwaliteit, herkomst en duurzaamheid kan Nederlands rundvlees een groter deel van de binnenlandse vraag invullen.

De vraag naar hoogwaardige eiwitten neemt wereldwijd toe. Hierdoor groeit ook de belangstelling voor efficiënt geproduceerd rundvlees met een lagere impact op het milieu. Rundvlees afkomstig uit de melkveehouderij (beef on dairy) scoort hier beter dan rundvlees van zoogkoeien en past goed bij deze ontwikkeling.

Gelijk speelveld

De internationale markt blijft een belangrijke factor voor de prijs van rundvlees. Handelsakkoorden kunnen leiden tot extra import van goedkoper vlees. Zo kan het Mercosur-akkoord ervoor zorgen dat meer rundvlees uit Zuid-Amerika op de Europese markt komt. Dit vlees wordt vaak geproduceerd volgens andere normen voor milieu, dierenwelzijn en traceerbaarheid dan binnen de Europese Unie. Tegelijk neemt de EU maatregelen om dit deels te beperken. Rundvlees uit Brazilië wordt bijvoorbeeld waarschijnlijk niet toegelaten vanwege het gebruik van antimicrobiële middelen om de groei van dieren te stimuleren.

Onderscheidend vermogen

Toch kan extra aanbod van goedkoper rundvlees op termijn druk zetten op de prijzen in Europese. Daarom wordt onderscheidend vermogen steeds belangrijker voor Nederlandse veehouders die inzetten op beef on dairy. Denk aan duurzaamheid, herkomst en aantoonbaar lage footprint. Tegelijk blijven constante kwaliteit en goede smaak doorslaggevend voor de consument. Nederlands rundvlees is nu niet vergelijkbaar Zuid-Amerikaans rundvlees. Om concurrerend te zijn, is herkenbaarheid in het schap nodig, samen met een goede balans tussen prijs, constante kwaliteit en smaak. Hoewel de Nederlandse consument met nog geen 1,5kg per persoon per jaar zeer beperkt kalfsvlees consumeert, is rundvlees met gemiddeld 15kg per persoon per jaar meer in trek . Hier ligt dan ook potentieel om het huidige rundvleesassortiment zodanig aan te passen dat buitenlands rundvlees, bijvoorbeeld Iers, wordt vervangen door rundvlees van Nederlandse bodem.

Onderzoek van Wageningen University & Research (WUR) laat zien dat de focus op kwaliteit belangrijker is dan volume. Dit vraagt om nauwe samenwerking in de keten , van boer tot retailer, en om innovatie in productiesystemen en genetica.

In een markt met minder runderen in Europa groeit daarmee de waarde van het kalf: een verschuiving van alleen zuivel naar een samenspel tussen zuivel en rundvlees als strategische inkomstenbron.

Of het voor melkveehouders interessant is om rundvee zelf te verwaarden, hangt af van de situatie op het bedrijf. Toch groeit het aantal initiatieven en neemt het momentum toe. Rabobank verwacht dat deze trend de komende jaren doorzet. Steeds meer Nederlandse kalveren zullen dan richting rundvleesconcepten gaan, in plaats van de traditionele kalfsvleesproductie. In een markt met minder runderen in Europa groeit daarmee de waarde van het kalf: een verschuiving van alleen zuivel naar een samenspel tussen zuivel en rundvlees als strategische inkomstenbron.

Spar met je accountmanager

Vooruitblik: kalf wordt strategische waarde

De verwachting is dat de rol van rundvee verder groeit. Door een krimpende Europese veestapel en blijvende vraag naar eiwitten wordt het aanbod krapper.

Hierdoor verandert de positie van het kalf. Waar het eerder een nevenproduct was, ontwikkelt het zich steeds meer tot een strategische inkomstenbron. Dat biedt kansen voor melkveehouders die hun verdienmodel willen versterken en verbreden. Wil je sparren over jouw verdienmodel? Neem dan contact op met een gespecialiseerde Food & Agri accountmanager bij jou in de buurt.

Meer dan melk: rundvlees versterkt verdienmodel melkveehouders - Rabobank