Beleggen in obligaties
Als belegger wil je je verdiepen in verschillende beleggingsmogelijkheden. We geven je op deze pagina meer informatie over obligaties. Wat zijn obligaties, wat zijn de risico’s en welke kun je bij ons kopen? Je leest het allemaal hieronder.
Wat is een obligatie?
Een obligatie is een lening die wordt uitgegeven door een onderneming of overheid. Als belegger leen je je geld uit en in ruil daarvoor ontvang je rente. Dit heet de coupon. Met een obligatie word je geen mede-eigenaar, zoals bij een aandeel. Meestal heeft een obligatie een einddatum waarop je je geld terugkrijgt. Er zijn ook obligaties die geen einddatum hebben, zoals perpetuele obligaties. Deze zijn pas aflosbaar als de uitgevende onderneming of instelling daarvoor kiest.
Wat moet je weten over obligaties?
Obligaties kunnen interessant zijn als alternatief voor sparen, met mogelijk minder risico dan de aandelenmarkt. Het kan handig zijn onderstaande vijf begrippen goed te begrijpen voor je besluit in obligaties te beleggen.
Hoofdsom
De hoofdsom is het bedrag dat de uitgever van de obligatie op de einddatum moet terugbetalen aan jou als belegger. In dit bedrag is de rente niet meegenomen. De koers van een obligatie staat in procenten van de hoofdsom. Tenzij de uitgevende onderneming of instelling failliet gaat, is de koers op einddatum 100%. Dit betekent dat er aan het einde van de looptijd 100% wordt uitgekeerd. De obligatie wordt namelijk ook uitgegeven op een hoofdsom van 100%. Tijdens de looptijd van de obligatie kan de koers afwijken door vraag en aanbod.
Coupon
Coupon is de rente die wordt uitgekeerd over de hoofdsom. Voor de meeste obligaties is de coupon een vast percentage van de hoofdsom. Soms is de coupon variabel met een bepaald marktrentetarief. Een obligatie met een variabele coupon zal bij een rentestijging minder in koers dalen dan een obligatie met een vaste coupon en dezelfde looptijd.
Opgelopen rente
De opgelopen rente is de rente die je elke dag opbouwt als je een obligatie hebt. Deze rente bouw je op vanaf de laatste uitkeringsdatum. Elke handelsdag loopt de opgelopen rente naar verhouding op.
Als je een obligatie koopt kan het zijn dat je eerst opgelopen rente moet betalen. Dit is bijvoorbeeld als je halverwege in het kwartaal een obligatie koopt en de obligatie over een geheel kwartaal de rente uitkeert. Je betaalt rente over de dagen dat je de obligatie nog niet had in dat kwartaal. Vervolgens bouw je zelf rente op over de dagen dat je de obligatie in bezit hebt. Aan het eind van het kwartaal ontvang je rente over het gehele kwartaal.
Vervaldatum
De vervaldatum is de datum waarop je je geld terugkrijgt. Deze einddatum spreek je van tevoren af. Soms kunnen er omstandigheden zijn waardoor de einddatum en het bedrag dat je ontvangt afwijken. Dit kan bijvoorbeeld zijn als een onderneming een uitstel van betaling heeft aangevraagd of failliet gaat.
Groenobligaties
Groenobligaties of sociale obligaties worden uitgegeven om projecten te financieren die een meetbaar positieve impact hebben op het milieu of de samenleving. De rente op groenobligaties is doorgaans iets lager dan die voor de brede obligatiemarkt. Als het groene project sneuvelt, is het bedrijf nog steeds verplicht de groenlening af te lossen.
Deze groenobligaties hebben niets te maken met waar de groenfondsen in beleggen en waarvoor een fiscale vrijstelling geldt. Als je als belegger wilt bijdragen aan een betere wereld, kun je ook kiezen voor sustainability-linked obligaties. Bij deze obligaties geven partijen een obligatie uit onder de voorwaarden dat ze bepaalde ESG-doelstellingen gaan halen. Wanneer ze daar niet in slagen, zijn ze een boete verschuldigd in de vorm van een hogere coupon.
Staatsobligaties en bedrijfsobligaties
Beleggers kiezen vaak uit de twee bekendste typen obligaties: de staatsobligaties en de bedrijfsobligaties.
Staatsobligaties
Een staatsobligatie is een obligatie van een land of overheidsinstantie. Het geld dat daarmee wordt ontvangen kan voor verschillende doelen worden gebruikt. Bijvoorbeeld om uitgaven aan infrastructuur te financieren of een tekort op de begroting te dichten. Staatsobligaties worden vaak gezien als een van de veiligste obligaties, maar dit betekent niet dat hier geen risico’s aan zijn verbonden. Overheden of landen zijn namelijk niet altijd even stabiel.
Bedrijfsobligaties
Een bedrijfsobligatie is een obligatie die wordt uitgegeven door een onderneming. Bedrijfsobligaties zijn over het algemeen iets risicovoller dan staatsobligaties. Zo is de kans dat een onderneming een lening niet kan terugbetalen groter dan bij een overheid. Bij een bedrijfsobligatie ben je namelijk altijd afhankelijk van hoe het gaat met de onderneming.
Verschillende soorten obligaties
De meeste obligaties hebben een vaste rente en een vervaldatum. Maar er zijn ook nog andere soorten obligaties. Bekijk hieronder 4 verschillende obligaties.
Converteerbare obligaties
Deze obligaties kunnen onder bepaalde voorwaarden omgezet worden in aandelen van de uitgever.
Callable obligaties
Ook wel vervroegd aflosbare obligaties genoemd. De uitgever kan de obligatie terugkopen vóór de vervaldatum.
Floating rate notes
Deze obligaties hebben een variabele rente met een bepaald marktrentetarief.
Eeuwig lopende obligaties
Obligaties zonder vaste einddatum. Het kan dus zijn dat deze obligaties nooit worden terugbetaald.
Obligaties en rendement
Er zijn twee manieren om rendement te behalen op obligaties.
Couponrente
Couponrente is de vergoeding voor het uitlenen van geld, dit wordt meestal periodiek (bijvoorbeeld één keer per jaar) uitgekeerd. De hoogte van de couponrente hangt af van de kredietwaardigheid van de obligatie-uitgever, waarbij overheidsleningen vaak lagere rentes hebben dan bedrijfsleningen. Couponrentes kunnen vast of variabel zijn. Bij een vaste rente is deze bij de uitgifte al bekend, anders wordt de rente per keer bepaald.
Koersrendement
Naast de couponrente die je direct ontvangt, kun je ook rendement behalen doordat de waarde van je obligatie stijgt op de beurs. De prijs van een obligatie hangt af van zaken zoals de marktrente (renterisico), de kredietwaardigheid van de uitgever (debiteurenrisico), en de vraag en het aanbod op de beurs (marktrisico). Als de marktrente daalt en andere factoren gelijk blijven, zal de obligatieprijs stijgen. Als de marktrente stijgt, zal de obligatieprijs dalen. Obligaties met een lange looptijd reageren vaak sterker op veranderingen in de marktrente dan obligaties met een korte looptijd.
Risico’s van beleggen in obligaties
Als je belegt in obligaties heb je onder andere te maken met kredietrisico. Kredietrisico is het risico dat de uitgevende onderneming of instelling zijn rente- en aflossingsverplichtingen niet kan nakomen of zelfs failliet gaat. Om dit risico te beperken is het belangrijk om te weten hoe kredietwaardig de onderneming of instelling is waar je je geld aan uitleent, ook kredietbeoordeling genoemd.
De kredietwaardigheid wordt weergegeven in ratings en lopen van ‘AAA’ (hoogste beoordeling voor kredietkwaliteit) naar D (laagste beoordeling kredietkwaliteit). Ook staatsobligaties krijgen deze rating. Hoe hoger de rating, hoe waarschijnlijker het is dat de hoofdsom en coupons worden terugbetaald. Nederlandse staatsleningen hebben bijvoorbeeld de hoogste rating (AAA).
Andere risico's bij obligaties
Naast kredietrisico zijn er ook nog andere risico's die horen bij beleggen in obligaties. Deze risico's lees je hieronder.
Renterisico
Renterisico is het risico dat als de marktrente stijgt, de obligatiekoersen dalen tot het niveau dat past bij de nieuwe marktrente. Omgekeerd stijgt de obligatie in koers als de marktrente daalt.
Achterstelling en senioriteit
Bij een faillissement zijn niet alle schuldeisers gelijkwaardig. Reguliere obligaties worden eerder uitbetaald dan achtergestelde obligaties. Bij achtergestelde obligaties is de kans op terugbetaling daarom aanzienlijk kleiner dan bij reguliere obligaties. Bij obligaties met onderpand zoals covered bonds, is de kans op een volledige terugwinning een stuk groter dan bij reguliere obligaties.
Verhandelbaarheid obligaties
Waar een bedrijf meestal maar één type aandeel heeft uitstaan, heeft het vaak 20 of meer obligaties uitstaan met verschillende looptijden en voorwaarden. Daarbij worden obligaties voor een groot deel gehouden door institutionele beleggers, die de obligaties vaak tot einddatum vasthouden. Het gevolg is dat er in obligaties minder handel plaatsvindt dan in aandelen.
De meeste handel in een obligaties vindt plaats aan het begin van de looptijd. Dat betekent niet dat het vaak wel mogelijk is een obligatie te waarderen op grond van de looptijd en de kredietopslag op recente uitgiftes van dezelfde partij. Er kunnen echter marktomstandigheden zijn waarin het moeilijk is een goede bieding op een obligatie te krijgen. Ook kan het lastig zijn om stukken bij te kopen.
Valutarisico
Obligaties in vreemde valuta kunnen een hogere rente geven, maar het valutarisico kan groter zijn dan het renteverschil. Koersuitslagen van 5-10% in zes maanden tijd zijn ook in de grote bekende valuta’s niet ongebruikelijk. Voor een obligatie zijn dat forse uitslagen. Deze obligaties zijn met name bedoeld voor wie verplichtingen heeft in de betreffende valuta’s.
Obligaties kopen bij Rabobank
Je kunt bij ons handelen in de meest gangbare staatsobligaties en bedrijfsobligaties. Omdat obligaties worden afgelost en er nieuwe worden uitgegeven, wordt het assortiment voortdurend ververst. De bedrijfsobligaties die wij selecteren, zijn obligaties met een hoge kredietwaardigheid. Ook kun je bijvoorbeeld niet direct handelen in obligaties van bedrijven die niet voldoen aan onze criteria voor de wapenindustrie.
Het actuele assortiment kun je vinden als je belegt bij Rabobank, via Rabo Online Bankieren of de Rabo App.
Kennis- en ervaringstoets
Bovengenoemde kenmerken en risico’s gelden voor alle type obligaties. Daarnaast zijn er nog aanvullende kenmerken en risico’s voor bepaalde type obligaties, zoals complexe obligaties en hybride obligaties. Om in deze obligaties te kunnen handelen moet je eerst een kennis- en ervaringstoets doen. Dit geldt bijvoorbeeld voor veel reguliere bedrijfsobligaties die onder complexe obligaties staan, en voor obligaties met een bail-in clausule, die onder hybride obligaties staan. Lees hieronder meer over complexe en hybride obligaties.