Fragiele ouderen fitter door eiwitrijke voeding en krachttraining

Eiwitrijke voeding gecombineerd met krachttraining verhoogt de spiermassa en spierkracht van ouderen. Dat bleek uit de klinische studie ProMuscle. Om te kijken of deze interventie ook werkt in de praktijk, start Wageningen University & Research (WUR) nu een grootschalig onderzoeksprogramma bij zorginstellingen in vijf verschillende gemeenten.

1,3 kg meer spiermassa, 40 % meer spierkracht en vooruitgang in fysiek functioneren. Dat waren de belangrijkste uitkomsten van de ProMuscle-studie in academische setting waarbij fragiele ouderen twee keer per week progressieve krachttraining kregen gecombineerd met een eiwitrijk drankje. "Mooie resultaten die gepubliceerd zijn in een proefschrift. Voor de wetenschap is het dan klaar, terwijl er voor de praktijk een mooie formule ligt waar veel mensen van kunnen profiteren", vertelt Annemien Haveman, coördinator van de academische werkplaats Agora en onderzoeker bij WUR. "Samen met de onderzoekers, Friesland Campina en zorggroep Noordwest-Veluwe zijn we gaan kijken hoe we daar in de praktijk een vervolg aan konden geven."

Handleiding

Iedereen is altijd enthousiast over ProMuscle, maar het is best lastig om fondsen voor een vervolgonderzoek te krijgen, benadrukt Haveman. "We hebben het onderzoeksproject daarom opgedeeld in verschillende projecten. Allereerst is het wetenschappelijke programma uit de hoofden van de wetenschappers naar de praktijk vertaald met de diëtisten en fysiotherapeuten van Zorggroep Noordwest-Veluwe. Het vertaalde programma is gedocumenteerd in een handleiding. Vervolgens hebben we met 23 ouderen in Harderwijk een pilot gedaan. Ook deze groep ouderen kreeg in 12 weken meer spierkracht en ging in lichamelijke prestatie vooruit. Zowel de ouderen als de professionals waren heel enthousiast over het programma."

Handleiding

Iedereen is altijd enthousiast over ProMuscle, maar het is best lastig om fondsen voor een vervolgonderzoek te krijgen, benadrukt Haveman. "We hebben het onderzoeksproject daarom opgedeeld in verschillende projecten. Allereerst is het wetenschappelijke programma uit de hoofden van de wetenschappers naar de praktijk vertaald met de diëtisten en fysiotherapeuten van Zorggroep Noordwest-Veluwe. Het vertaalde programma is gedocumenteerd in een handleiding. Vervolgens hebben we met 23 ouderen in Harderwijk een pilot gedaan. Ook deze groep ouderen kreeg in 12 weken meer spierkracht en ging in lichamelijke prestatie vooruit. Zowel de ouderen als de professionals waren heel enthousiast over het programma."

Vijf verschillende ervaringen

Financiering vanuit de topsector Agri & Food maakte het uiteindelijk mogelijk om de methode breder uit te rollen. "Bij zorggroepen in vijf verschillende gemeenten gaan we het programma in een real life situatie uitvoeren. We starten in Apeldoorn en gaan daarna naar Epe, Harderwijk, Putten en Ede. Door op verschillende plekken ervaringen op te bouwen, krijg je een goed beeld wat voor een geschikte implementatie in de praktijk nodig is.

WUR doet de nul- en nametingen, maar de fysiotherapeuten en de diëtisten van de zorggroepen moeten het programma zelf gaan doen. Zo werven ze zelf de fragiele ouderen die krachtverlies ervaren bij activiteiten in het huishouden en organiseren ze ook de logistiek voor hen." Eind 2018 verwacht Haveman de eerste onderzoeksresultaten.

Follow-up

Half december gaat de eerste groep van start in Apeldoorn. Deelnemers krijgen eerst 12 weken lang twee keer per week progressieve krachttraining plus eiwitrijke voeding die om het moment van de training, bij het ontbijt en de lunch, wordt gegeven. Om de benodigde 25 gram eiwit bij het ontbijt te halen –wat best hard werken is- , krijgen de ouderen een eiwitrijkdrankje. Bij de lunch kiezen ze uit een palet aan eiwitrijke producten. Na 12 weken krijgen de ouderen een follow-upprogramma in de wijk. "Met organisaties die daar actief zijn, kijken we of we iets kunnen organiseren waardoor de ouderen in groepen met de krachttraining doorgaan. Die sociale component is belangrijk om deze interventie te laten slagen. Ook geven we ondersteuning bij het kopen en bereiden van voeding zodat de ouderen dezelfde producten uit de eerste twaalf weken kunnen kopen."

Kosteneffectiviteit

Het intensieve gedeelte bij de zorggroepen verloopt zo gestandaardiseerd mogelijk waardoor de resultaten goed vergelijkbaar zijn. Het tweede deel varieert per gemeente. "In de wijken kijken we bij welke stakeholders er interesse is om met het project verder te gaan. Zijn er bijvoorbeeld sportscholen of sportverenigingen die met de ouderen aan de gang willen? Wat is er mogelijk in de samenleving?" Separaat aan het hele traject loopt een kosteneffectiviteitsstudie uitgevoerd in samenwerking met de Universiteit Utrecht. Zorgverzekeraar Zilveren Kruis en de verschillende gemeenten lezen daarin mee. "Uiteindelijk willen we een antwoord krijgen op de vraag of het programma kosteneffectief is. Maar belangrijker is nog de vraag wie er bereid is om voor preventie te betalen. Ons hele zorgsysteem is nog niet ingericht op investeringen ter voorkoming van ziekten. Bij wie ligt die verantwoordelijkheid? In dit project hebben we in ieder geval alle relevante partijen uit het publieke en private domein aan boord en kunnen we dat gesprek aangaan."

Zelfstandig functioneren

Bij ouderen valt er nog veel winst te behalen, benadrukt Haveman. "Het gaat niet alleen om het optimaliseren van zorg. Ouderen kunnen zelf nog steeds vooruit, als je ze activeert. Investeren in de gezondheid van ouderen kan nog veel opleveren. Daardoor kunnen ze langer zelfstandig thuis functioneren en meer participeren in de samenleving. Bovendien genieten ze ervan en voelen zich fit. Uiteindelijk krijgen ouderen natuurlijk wel te maken met gezondheidsproblemen, maar door ze zo lang mogelijk fit te houden, kan dat stukje van hun leven zo kort mogelijk zijn."

Contact

Rabobank