Onderzoek

Jongvolwassenen gaven in 2026 gemiddeld 71 euro per dag uit op grote festivals

12 oktober 2026 6:00 RaboResearch

In het festivalseizoen van 2026 gaven jongvolwassenen gemiddeld 71 euro per dag uit op de grote festivals, blijkt uit onze analyse van transactiedata van Rabobank. Achter dit gemiddelde gaan verschillen schuil: 15% besteedde minder dan 25 euro per festivaldag, terwijl 23% meer dan 100 euro uitgaf. Van de bezoekers gaf 8% zelfs meer dan 150 euro per dag uit. Ook leeftijd, geslacht, studiesituatie en woonsituatie hangen samen met de hoogte van de uitgaven. Zo besteedden 25- tot en met 30-jarigen meer dan jongere festivalgangers en gaven mannen meer uit dan vrouwen. Daarnaast varieerden de gemiddelde dag-uitgaven sterk per festival, namelijk van 19 tot 110 euro.

Mensen op een festival met lampen in de achtergrond

In het kort

    Jongvolwassenen gaven tijdens het festivalseizoen van 2026 gemiddeld 71 euro per dag uit op de grote festivals, blijkt uit een analyse van transactiedata van Rabobank. Net als vorig jaar zijn de verschillen tussen jongvolwassenen groot: zo gaf dit jaar 24% van degenen die naar grote festivals gingen op een festivaldag tussen de 25 en 50 euro uit, terwijl 8% meer dan 150 euro besteedde. Mannen gaven gemiddeld meer geld uit dan vrouwen en 25- tot en met 30-jarigen meer dan 18- tot en met 24-jarigen. Ook niet-studenten gaven meer uit dan studenten en thuiswonenden besteedden meer dan uitwonenden. Tot slot zien we grote verschillen in uitgaven tussen festivals. De gemiddelde uitgaven liepen uiteen van 19 euro per dag op het festival met de laagste uitgaven tot 110 euro per dag op het festival met de hoogste uitgaven.

De jaarlijks meer dan duizend festivals in Nederland vormen een belangrijk onderdeel van het uitgaansleven van jongvolwassenen (Trimbos, 2023; NOS, 2026). Onderzoek van RaboResearch van eerder dit jaar laat dan ook zien dat festivals voor jongvolwassenen geluk en ontspanning opleveren. Maar een veelgehoord geluid is ook dat festivals een grote hap uit het budget nemen (zie bijvoorbeeld Radar, 2024; AD, 2024; NOS, 2026; NU.nl, 2026). Jongvolwassenen gaan hier op verschillende manieren mee om. Zo blijkt uit een RaboResearch-studie dat een deel van de jongvolwassenen specifiek spaart voor het festivalseizoen en dat een grote groep jongvolwassen op festivals erop let niet te veel geld uit te geven.

Net als vorig jaar hebben we voor het festivalseizoen van 2026 onderzocht hoeveel geld jongvolwassenen gemiddeld hebben uitgegeven op grote festivals. We gebruiken voor deze analyse transactiedata van particuliere klanten van Rabobank die in het voorjaar of de zomer van 2026 naar één of meer grote festivals zijn geweest. Dit jaar analyseerden we de uitgaven op 23 van de 31 grootste festivals in Nederland - de selectie van festivals verschilt dit jaar met die van 2025. De analyse omvat uitsluitend uitgaven op de dagen waarop de festivals plaatsvonden. Uitgaven aan toegangskaarten blijven buiten beschouwing. Een uitgebreidere toelichting op de afbakening en onderzoeksmethode staat in de onderzoeksverantwoording.

Festivaluitgaven verschillen sterk tussen jongvolwassenen

Uit ons onderzoek blijkt dat jongvolwassenen (18 tot en met 30 jaar) in het voorjaar en de zomer van 2026 gemiddeld 71 euro per festivaldag uitgaven op de onderzochte grote festivals. In 2025 ging het om 69 euro. Deze cijfers zijn niet één-op-één vergelijkbaar omdat we niet naar exact dezelfde festivals kijken als vorig jaar en omdat nu relatief meer oudere en niet-studerende jongvolwassenen in onze steekproef zitten. De toename in uitgaven kan dus naast de ontwikkeling van prijzen op festivals en een verandering in het uitgavenpatroon ook komen door de andere festivalselectie en andere steekproefkenmerken.

Het gemiddelde uitgavenbedrag van 2026 verhult grote verschillen tussen jongvolwassenen. Waar 15% van de festivalbezoekers minder dan 25 euro per dag uitgaf, besteedde 23% meer dan 100 euro per festivaldag. Binnen die laatste groep gaf 8 procentpunt zelfs meer dan 150 euro per festivaldag uit (zie figuur 1).

Figuur 1: Grote verschillen tussen dag-uitgaven jongvolwassenen op festivals

Grote verschillen tussen dag-uitgaven jongvolwassenen op festivals
Bron: RaboResearch 2026

Figuur 2: Oudere jongvolwassenen, mannen, niet-studenten en thuiswonenden gaven gemiddeld meer uit

Oudere jongvolwassenen, mannen, niet-studenten en thuiswonenden gaven gemiddeld meer uit
Bron: RaboResearch 2026

Ook tussen groepen jongvolwassenen zien we duidelijke verschillen in de uitgaven op festivals (zie figuur 2). Zo gaven jongvolwassenen van 18 tot en met 24 jaar gemiddeld 69 euro per festivaldag uit, terwijl 25- tot en met 30-jarigen gemiddeld 73 euro per dag besteedden. Daarnaast waren de uitgaven van mannen hoger dan die van vrouwen: mannen gaven gemiddeld 81 euro per festivaldag uit, tegenover 59 euro voor vrouwen. Verder besteedden studenten gemiddeld 60 euro per dag, terwijl niet-studenten gemiddeld 77 euro uitgaven. Tot slot blijkt dat jongvolwassenen die nog thuis wonen gemiddeld meer uitgaven (74 euro per dag) dan jongvolwassenen die zelfstandig wonen (67 euro per dag).

Grote verschillen tussen de onderzochte grote festivals

Ook tussen festivals zijn de verschillen in uitgaven aanzienlijk (zie figuur 3). Waar jongvolwassenen op het festival met de laagste gemiddelde uitgaven slechts 19 euro per dag besteedden, lag dit bedrag op het festival met de hoogste uitgaven op 110 euro per dag. Op de helft van de onderzochte festivals lagen de gemiddelde dag-uitgaven echter tussen de 45 en 64 euro.

Figuur 3: Verschillen tussen festivals zijn groot

Verschillen tussen festivals zijn groot
Bron: RaboResearch 2026

Onderzoeksverantwoording

Voor de berekeningen van de uitgaven op muziekfestivals gebruiken we transactiedata van Rabobank van particuliere klanten. In totaal gaat het om meer dan 148.000 rekeningen waarop festivaluitgaven zijn herkend.

We hebben de transacties geanalyseerd van 23 muziekfestivals in Nederland in 2026. Dit zijn 23 festivals uit een lijst van 31 festivals met de meeste bezoekersaantallen (30.000 of meer) – acht festivals konden niet worden herkend in de transacties. De bezoekersaantallen zijn afkomstig van de websites van de festivalorganisaties. We bekijken alleen de uitgaven op de dagen van de festivals; bij meerdaagse festivals nemen we het gemiddelde per dag. Omdat toegangskaartjes, ook wanneer die op de dag zelf worden gekocht, doorgaans via andere platforms worden aangeschaft, vallen deze buiten de analyse. We laten zien hoe hoog de gemiddelde elektronische uitgave per festivaldag is; contante uitgaven vallen buiten de reikwijdte van dit onderzoek.

We kijken zowel naar de transacties van individuele betaalrekeningen, dat wil zeggen rekeningen die op één naam staan, als naar gezamenlijke rekeningen – die op twee namen staan. Het leeuwendeel van de transacties van jongvolwassenen op festivals is gedaan met rekeningen die op één naam staan. Wel zien we dat het gemiddelde bedrag van gezamenlijke rekeningen hoger ligt. Dat kan onder meer komen doordat deze uitgaven vaker voor twee personen zijn.

Onze steekproef is mogelijk niet volledig representatief voor de Nederlandse groep jongvolwassenen die naar festivals gaat. We hebben in tabel 1 een aantal kenmerken van onze steekproef weergegeven.

Vergelijking van uitgaven tussen 2025 en 2026

De selectie van festivals die we dit jaar hebben onderzocht, is een andere dan die we vorig jaar hebben bekeken. Dit komt doordat niet alle festivals van vorig jaar te herkennen waren in de transacties, deels omdat een aantal festivals is afgelast door het weer, of uit de top 31 grootste festivals zijn gevallen, en deels omdat we ze simpelweg niet konden herkennen. Daar staat tegenover dat we een aantal festivals die we vorig jaar niet konden herkennen, dit jaar wel hebben kunnen herkennen in de transactiedata. Verschillen in de uitgaven tussen 2026 en 2025 kunnen daarom mede worden veroorzaakt door de gewijzigde samenstelling van de festivalselectie.

Ook zijn de kenmerken van de steekproef van dit jaar anders dan die van vorig jaar. Dit jaar is de groep 25- tot en met 30-jarigen in verhouding groter, net als de groep niet-studenten – dat hangt vermoedelijk met elkaar samen. Oudere jongvolwassenen en niet-studenten geven gemiddeld meer geld uit per festivaldag. Dit zou dus ook een deel van de hogere festivaluitgaven van dit jaar kunnen verklaren. En dit kan ook samenhangen met de gewijzigde festivalselectie van dit jaar, want verschillende festivals trekken verschillend publiek aan.

De uitkomsten van beide jaren zijn daarom niet één-op-één vergelijkbaar en verschillen tussen 2025 en 2026 moeten voorzichtig worden geïnterpreteerd.

Tabel 1: Steekproefkenmerken jongvolwassenen

Steekproefkenmerken jongvolwassenen
Bron: RaboResearch 2026

Disclaimer

De informatie en meningen in dit document zijn indicatief en alleen bedoeld voor discussiedoeleinden. Er kunnen geen rechten worden ontleend aan de in dit document beschreven transacties en/of commerciële ideeën. Dit document is uitsluitend bedoeld voor informatieve doeleinden en mag niet worden opgevat als aanbod, uitnodiging of aanbeveling. Lees verder

Jongvolwassenen gaven in 2026 gemiddeld 71 euro per dag uit op grote festivals - Rabobank