‘Met aandelen haal je gemiddeld 10% rendement per jaar’: klopt die claim?

21 oktober 2026 10:32

Over beleggen gaan allerlei stellige beweringen rond. In 'Klopt die claim?' toetsen we wat klopt, wat te mooi wordt voorgesteld en wat vaak buiten beeld blijft. Nuchter en met oog voor wat jij eraan hebt als belegger. Dit keer: ‘met aandelen haal je gemiddeld 10% rendement per jaar’.

De claim

Een gespreid mandje aandelen levert op lange termijn gemiddeld 10% per jaar op. Die vuistregel duikt veelvuldig op in online beleggingscontent en vormt het uitgangspunt voor rekenvoorbeelden over vermogensgroei.

Dit zegt de historie

Die 10% is niet uit de lucht gegrepen. De Amerikaanse aandelenmarkt heeft over een zeer lange periode ongeveer dat rendement opgeleverd, als uitgekeerde dividenden steeds opnieuw werden belegd.

Van januari 1871 tot en met september 2026 groeide 1 dollar in Amerikaanse aandelen naar ongeveer 1,19 miljoen dollar. Dat komt neer op gemiddeld 9,4% per jaar.

Dat is een indrukwekkend cijfer, maar dat langjarig gemiddelde vertelt maar een deel van het verhaal.

De Verenigde Staten waren uitzonderlijk sterk

Om te beginnen is 10% vooral een Amerikaans getal. Sinds 1900 presteerden Amerikaanse aandelen duidelijk beter dan aandelen wereldwijd. Wie het Amerikaanse cijfer als vaste regel gebruikt, gaat dus voorbij aan grote verschillen tussen landen en regio’s.

AandelenmarktGemiddeld rendement per jaarPeriode
Verenigde Staten9,8%1900–2025
Wereld8,4%1900–2025
Wereld zonder VS7,5%1900–2025

Nominaal rendement in USD, inclusief herbelegde inkomsten. Bron: UBS Global Investment Returns Yearbook 2026.

Het gemiddelde jaar bestaat niet

Een langjarig gemiddelde zegt ook weinig over wat een belegger onderweg meemaakt. Historisch liep het rendement per kalenderjaar uiteen van −44% in 1931 tot +57% in 1933. In ruim een kwart van de jaren was het rendement negatief. Een jaar dat rond de 10% uitkwam, was juist vrij zeldzaam: slechts ongeveer 8% van de jaren eindigde tussen 8% en 12%.

Het instapmoment en de beleggingshorizon (de periode waarin je geld belegt voordat je het nodig hebt of wilt opnemen) maken daarom veel uit. Wie vlak voor een beursdaling begint, kan jarenlang tegen verlies aankijken.

Ook met lange horizon geen zekere 10%

Dan is de redenering vaak: als je maar lang genoeg belegt, kom je in de buurt van die 10% uit. Een langere horizon geeft weliswaar meer tijd om tegenvallers goed te maken, maar biedt geen zekerheid, zo laat het verleden zien. Zelfs over perioden van tien jaar kwamen verliezen voor.

Na een stevige beursdaling kon het jaren duren voordat je beleggingen weer op het oude niveau stonden. De tabel laat voor een aantal bekende crises zien hoe lang het herstel duurde.

CrisisGrootste dalingWachttijd tot herstelHersteld in
Grote Depressie-82%15 jaar en 4 maandenjanuari 1945
Recessie 1937 en oorlog-42%6 jaar en 4 maandenjuli 1943
Beursterugval 1973–1974-39%3 jaar en 6 maandenjuli 1976
Internetzeepbel-42%6 jaar en 2 maandenoktober 2006
Kredietcrisis-49%4 jaar en 10 maandenaugustus 2012
Coronacrash-19%6 maandenaugustus 2020
Renteschok 2022-19%2 jaardecember 2023

Amerikaanse aandelen, nominaal totaalrendement in USD inclusief dividend. Bron: berekening op basis van historische maandgegevens van Robert Shiller.

De tabel laat zien dat herstel soms veel geduld vroeg. Na de beursval tijdens de Grote Depressie duurde het ruim vijftien jaar voordat een belegger in Amerikaanse aandelen nominaal weer quitte stond. Daarbij is nog geen rekening gehouden met inflatie: het herstel van de koopkracht kon dus langer duren. En voor Nederlandse beleggers kan de uitkomst anders zijn door valutabewegingen, kosten, belastingen en het gekozen beleggingsproduct.

Overigens stonden tegenover tegenvallende perioden ook uitzonderlijk gunstige perioden. In de beste tienjaarsperiode liep het nominale rendement op tot ruim 21% per jaar.

Historisch rendement is geen verwacht rendement

Voor een vooruitblik kun je het historische gemiddelde niet zomaar doortrekken. De rente, waarderingen en de vergoeding die beleggers vragen voor aandelenrisico veranderen door de tijd. Daarom werken ramingen voor de toekomst met actuele uitgangspunten, zoals de rente en de premie voor aandelenrisico, in plaats van standaard met 10%.

De beursgeschiedenis laat zien wat mogelijk was. Een verwacht rendement is een inschatting voor de toekomst en kan lager of hoger uitvallen. Gebruik daarom geen historische 10% als vaste belofte in een financieel plan.

Lees hiervoor ook ons artikel over verwachte rendementen.

Het oordeel

Als historisch gemiddelde voor Amerikaanse aandelen klopt die 10% bij benadering. Als algemene verwachting voor een gespreid aandelenmandje is de claim te stellig.

Amerikaanse aandelen presteerden uitzonderlijk goed; in andere regio’s lagen de historische rendementen lager. Bovendien schommelden de rendementen sterk en kon het instapmoment de uitkomst jarenlang bepalen. Ook een lange beleggingshorizon biedt geen zekerheid dat je gemiddeld 10% per jaar behaalt.

Cijfers uit het verleden laten vooral zien wat er kán gebeuren, niet wat je zeker zult ontvangen. Die 10% is een historisch Amerikaans gemiddelde, geen vanzelfsprekend uitgangspunt voor de toekomst.

Goed om te weten. Aan beleggen zijn risico’s verbonden. De waarde van je belegging kan fluctueren. In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst. Je kunt (een deel van) je inleg verliezen.