Oorlog Midden-Oosten stelt centrale banken voor uitdaging

17 maart 2026 14:14

Rentes zijn opgelopen in reactie op de verstoring van de olieaanvoer uit het Midden-Oosten. Beleggers houden rekening met stijgende inflatie en mogelijk renteverhoging door centrale banken om inflatie in toom te houden. Centrale banken grijpen nog niet in, maar zullen ook niet de indruk willen wekken dat ze de risico’s onderschatten.

Haven Rotterdam

Rentes zijn sinds de escalatie van het conflict in het Midden-Oosten opgelopen. Dat drukt obligatiekoersen, want die bewegen tegengesteld aan de rente.

Grafiek

Tanden laten zien

Deze week laten verschillende centrale banken hun licht schijnen op de gevolgen van de crisis. Ze zullen de rentetarieven nog niet aanpassen na enkele weken oorlog.

Wél is er de mogelijkheid dat ze tijdens een persconferentie hun tanden willen laten zien aan de markt. Het is immers nog niet zo lang geleden dat centrale banken werd verweten dat ze te traag reageerden op de opstekende inflatie. Dat verwijt willen ze niet weer krijgen.

Lastig parket

De moeilijkheid voor centrale banken is dat het opnieuw – net als na de Russische inval in Oekraïne – een aanbodschok is die de economie treft. Terwijl ze via hun rentebeleid vooral de vraag kunnen beïnvloeden om prijzen te sturen.

De sluiting van de Straat van Hormuz betekent dat er ineens 20% aanbod van olie en gas is weggevallen. Dat vergt een zeer scherpe vraagreductie om het evenwicht te herstellen.

Toch is er niet veel reden om nu al in te grijpen. Een centrale bank is vooral geïnteresseerd in de zogeheten tweedeorde effecten. Dat wil zeggen wanneer de prijsstijging doorwerkt in lonen en diensten. Die tweedeorde- effecten ontstaan niet bij enkele weken hoge brandstofprijzen, maar volgen pas na verloop van tijd.

China hoeft niet zo te vrezen voor inflatie

Als een economie zwak is en er weinig ruimte is voor bedrijven om prijzen te verhogen, is dat risico niet zo groot. Als de werkloosheid hoog is, is er geen ruimte voor looneisen.

De enige economie die tamelijk zwak is en waar deflatie (dalende prijzen) een groter probleem is dan inflatie, is China. De centrale bank zal zich daar waarschijnlijk weinig hoeven aantrekken van de olieprijsstijging.

Japan kwetsbaar

Het meest kwetsbaar is waarschijnlijk Japan. Dat importeert al zijn energie en heeft al te lijden onder relatief hoge inflatie. Ook zonder deze oorlog was er veel voor een hogere rente te zeggen.

Aan de andere kant is de politieke druk erg hoog op de centrale bank om de rente niet te verhogen. Daardoor ligt de obligatiemarkt onder druk. Dit zorgt ervoor dat de yen bepaald kwetsbaar is, hoewel die de afgelopen jaren al sterk is gedaald. De persconferentie van de gouverneur van de Bank of Japan zullen beleggers dan ook nauwgezet volgen.

ECB kan achteroverleunen

Naar Christine Lagarde van de Europese Centrale Bank (ECB) kijken beleggers meer met een schuin oog. Eigenlijk kan de ECB rustig achterover zitten, want inflatie is onder de 2%. Naar verwachting is het te vroeg om de inflatieprognoses voor volgend jaar hierop aan te passen.

Toch is het gevaar niet denkbeeldig dat de ECB nu te snel in actie komt. Daarbij speelt mee dat Lagarde richting het einde van haar diensttermijn gaat. Het is voorstelbaar dat ze bang is om dezelfde fout te maken als in 2022 door te traag te reageren op de stijging van de energieprijs.

Bij de uitbraak van de oorlog in Oekraïne voelde de ECB zich te gebonden aan de eerdere uitspraken om de rente lang laag te houden en onderschatte ze het momentum van de economie die uit de pandemie kwam. Dat leidde tot een hoge inflatiepiek en een ECB die te ver achter de feiten aan liep.

Beleggers verwachten dat de ECB in juli de rente gaat verhogen. Een eerdere renteverhoging, dus al in het tweede kwartaal, zou ook heel goed voorbarig kunnen blijken.

VS: renteverlaging schuift naar achteren

Voor de Amerikaanse centrale bank, de Fed, zet de oorlog waarschijnlijk een streep door de roep om een snelle renteverlaging. Tot voor kort gingen beleggers uit van twee renteverlagingen in de VS, bij de bijeenkomsten van juli en oktober. Sinds de start van de oorlog is die verwachting gedraaid naar slechts één renteverlaging, pas in december.

Toch was een forse stijging van de energieprijzen in het verleden geen beletsel voor de Fed om de rente te verlagen. Ze ziet dan namelijk dat de economie zo sterk afkoelt dat dit het inflatieprobleem op lange termijn overschaduwt. Het is voorstelbaar dat dit ook nu gebeurt. Maar dan moet er wel wat meer duidelijkheid bestaan over de prijsontwikkeling.

Dit vraagstuk komt op een moment dat het erg onrustig is rond de Fed. De regering-Trump probeert nog steeds om Fed-voorzitter Jerome Powell te vervolgen. Tot dusverre zonder succes. In afwachting van het hoger beroep zijn de hoorzittingen om zijn beoogde opvolger Kevin Warsh te installeren nog niet gepland.

Goed om te weten. Aan beleggen zijn risico’s verbonden. De waarde van je belegging kan fluctueren. In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst. Je kunt (een deel van) je inleg verliezen.