Innovatie en circulariteit bieden ondernemers kansen

Innovatie & technologie: hogere productiviteit vraagt om industriële aanpak

De arbeidsproductiviteit in de bouwsector blijft achter bij andere sectoren. Hierdoor is de bouw nog relatief arbeidsintensief en duur. In bijvoorbeeld de industrie en handel hebben innovaties door nieuwe technologie en automatisering al voor een efficiencyslag gezorgd. Maar de vooruitzichten zijn positief. Marc de Vreede, directievoorzitter van Heijmans Utiliteit, stelt dat dankzij innovaties woningen over 15 jaar maar liefst een kwart goedkoper kunnen worden gebouwd. Prefab bouwen, 3D-printen en het gebruik van robots leiden tot een besparing van vele miljarden euro’s.

Lees het interview met Heijmans over de noodzaak van industrialisatie

Proces-en productinnovatie zorgt voor vernieuwing
Bij proces-en productinnovaties, die industrialisering mogelijk maken, wordt vaak gedacht aan gestandaardiseerde producten. Terwijl het slim inzetten van nieuwe technologie juist ook maatwerk faciliteert. Een 3D-printer kan bijvoorbeeld met een flexibele robotarm voor een hoogwaardig architectonisch product zorgen. Vervolgens hoeft het op de bouwplaats alleen nog maar te worden gemonteerd.

In september start de ‘bouw’ van een van de eerste compleet 3D-geprinte gebouwen met een bijzonder ontwerp. De vergaderlocatie op Airport Teuge wordt in slechts tien werkdagen geprint. De zwierende gebouwschil verwijst naar de luchtwervelingen van vliegtuigen. Door deze vernieuwende manier van bouwen wordt ruim 70% minder afval geproduceerd en ruim 40% minder CO2 uitgestoten.

Uiteraard zijn er ook innovaties die zich niet direct op het eindproduct (bouwwerk) richten, maar meer op de omstandigheden waaronder het bouwproces wordt uitgevoerd. Juist op dit vlak is ruimte voor zogenaamde branchevreemde spelers. DHL, van origine een pakketbezorger, leidt bijvoorbeeld de logistieke operatie rondom de bouw van het nieuwe Europese Octrooibureau in Den Haag. Door middel van een transport hub en een slimme planningsmethode wordt de bouwplaats op tijd bevoorraad en afval gelijktijdig afgevoerd. De bouwtijd kan daardoor flink worden verkort en het personeel op de bouwplaats houdt meer tijd over om zich met het daadwerkelijke bouwproces bezig te houden.

Businessmodel innovatie als antwoord op maatschappelijke trends
De beschikbaarheid van nieuwe technologie jaagt de innovatie van businessmodellen aan. Traditionele modellen sluiten vaak niet aan bij maatschappelijke trends en technische mogelijkheden. Het platform Things connected speelt hierop in. Zij geeft met behulp van sensoren, IoT en Big Data inzicht in het proces op de bouwplaats. Er worden metingen verricht met sensoren die aan elektriciteitskasten, liften, waterkranen en betonmolens zijn bevestigd. Op basis van de gegevens kunnen voorspellingen worden gedaan over hoe machines efficiënter kunnen worden ingezet. Daarnaast wordt duidelijk waar mogelijk knelpunten ontstaan. Een aannemer die gebruik maakt van deze diensten betaalt per aangesloten product. Op basis van nieuwe inzichten kan hij de prijzen van zijn diensten aanpassen, waarbij zijn klanten naar rato van gebruik van manuren en materieel gaan betalen, ook wel pay-per-use genoemd.

Waar Things Connected inspeelt op de trend ‘van bezit naar gebruik’ focust installateur Unica op het integraal ontzorgen van klanten bij het verduurzamen van kantoren. Ze biedt een totaalpakket van advies, subsidiemaatregelen, realiseert de verduurzaming en vraagt een officieel energielabel aan. Tenslotte garandeert ze met een ‘label C garantie’, via een prestatiecontract, dat het pand ook gedurende een aantal jaren het label behoudt.

Ontdek het platform van Things Connected

Duurzaam & circulair bouwen: versnelling is noodzakelijk

Verduurzaming gebouwde omgeving vraagt om extra inspanning
De bouwsector speelt een belangrijke rol bij het behalen van de energiedoelen uit het Klimaatakkoord van Parijs. Door toepassing van led-verlichting, triple glas en zonnepanelen wordt bij nieuwbouw kantoren al snel een BREAAM-certificering behaald. Het verduurzamen van de bestaande voorraad is lastiger. De Dutch Green Building Council (DGBC) berekende dat jaarlijks 14.000 utiliteitsgebouwen gerenoveerd moeten worden om in 2050 energieneutraal te zijn. Het jaar 2050 klinkt ver weg, maar ook voor de korte termijn zijn ambitieuze doelstellingen gesteld.

In het Energieakkoord staat dat corporatiewoningen in 2021 gemiddeld een energielabel B moeten hebben. Deze verduurzaming van corporatiewoningen lijkt een behoorlijke vertraging op te lopen. Uit onderzoek van Finance Ideas in opdracht van Aedes blijkt dat slechts 35% van de woningcorporaties deze doelstelling zal halen. Vooral corporaties met een oudere woningvoorraad beschikken niet altijd over voldoende financiële middelen.

Lees het onderzoek van Finance Ideas

Gelukkig zijn er ook duurzame successen geboekt. De eis dat een kantoorpand in 2023 minimaal een energielabel C moet hebben, heeft geleid tot een toename van het aantal transformaties naar woningen. Rabobank heeft recent berekend dat er aanvullend daarop nog circa 35.000 woningen op deze wijze gerealiseerd kunnen worden.

Krijg inzicht in deze transformatiekansen

Circulair bouwen nog in de kinderschoenen, maar veelbelovende projecten
Waar duurzaamheid zich richt op het halen van de energiedoelen voor de gebouwde omgeving, is het nog zoeken hoe we de circulaire bouwuitdaging moeten formuleren. Het Transitieteam Bouw zoekt naar een juiste formulering van de circulaire bouwuitdaging. Men verwacht eind 2017, in lijn met het grondstoffenakkoord, een concrete en uitvoerbare agenda voor de periode 2018-2023 te presenteren. Met als doel de ontwikkeling naar een circulaire bouweconomie te versnellen.

De afgelopen jaren zijn al veelbelovende projecten gerealiseerd en in gang gezet. Het bedrijf Alliander heeft bijvoorbeeld haar hoofdkantoor in Arnhem circulair gerenoveerd. Daarbij is 95% van de materialen opnieuw gebruikt en is het pand, dankzij aardwarmte, zonnepanelen en energieopslag, energiezuinig. Ook bij de herontwikkeling van de Knoopkazerne in Utrecht worden zoveel mogelijk materialen hergebruikt. Het naastgelegen circulaire horecapaviljoen The Green House wordt een circulaire proeftuin en gaat bijdragen aan de maatschappelijke bekendheid van het circulaire principe. Exploitant Albron zal haar groente en fruit zelf verbouwen in The Urban Farm op de eerste etage. Daarnaast bestaat het paviljoen uit zoveel mogelijk hergebruikte materialen en uit geprefabriceerde elementen. Hierdoor kan het gebouw over 15 jaar gemakkelijk verplaatst worden.

Alba Concepts heeft het circulariteitsniveau van The Green House bepaald met de door haar ontwikkelde Building Circularity Index (BCI). Volgens deze BCI-index is een gebouw circulair als:

  • het volledig is opgebouwd uit hergebruikte of gerecyclede materialen;
  • er een nieuwe bestemming is voor de materialen in een volgende functie;
  • alle materialen losmaakbaar zijn en niet ingestort of verlijmd zijn.

Ontdek Alba Concepts

Succesfactoren voor een circulaire economie

Alba Concepts adviseert daar waar vastgoed, duurzaamheid, strategie en financiën elkaar raken. Bij voorkeur vroeg in een project. Rabobank sprak met Jim Teunizen van Alba Concepts over de toekomst van circulair bouwen. Circulair bouwen kan volgens hem een vlucht nemen wanneer er sprake is van wederzijds vertrouwen in de markt. Dit kunnen aanbieders van materialen bereiken door transparant te zijn over de herkomst van hun materialen en de mogelijkheden voor toekomstig gebruik. Wanneer je als producent bijvoorbeeld niet kunt aantonen dat een bepaald percentage van je product bestaat uit gerecyclede materialen, loop je gewoonweg tenders mis.

Aansprekend verhaal als basis
Om de markt te overtuigen van het belang van circulair bouwen is een aansprekend en verifieerbaar verhaal belangrijker dan het precieze circulariteitsniveau. Zo renoveert woningcorporatie Lefier in Groningen met aandacht voor hergebruik en recycling. Dit wordt letterlijk zichtbaar doordat het eigen papieren archief, wat normaliter wordt vernietigd, door TRIBOO wordt gebruikt en verwerkt tot isolatie in het pand. Om circulair bouwen te laten slagen moet je in een vroeg stadium met alle partijen aan tafel. Er moet inzicht zijn in welke materialen bij demontage vrijkomen en hergebruikt kunnen worden. Hoe een materiaal is bevestigd speelt hierbij een belangrijke rol. Als bij het loshalen bijvoorbeeld onherstelbare schade ontstaat, komt er weinig van de circulaire ambitie terecht.

Op zoek naar alternatieve materialen en schaalgrootte
Circulair bouwen vraagt om een andere mindset. We moeten integraler naar de gebruiksmogelijkheden van materialen kijken. Prijsstijgingen en schaarste vragen om de toepassing van alternatieve materialen, omdat het oorspronkelijke materiaal in een andere sector meer waarde kan toevoegen. Zo zijn metalen als zink en koper relatief duur. Een afweging tussen het plaatsen van een kunststof of zinken dakgoot is daarom niet misplaatst. Door voor kunststof te kiezen kunnen de metalen in ICT- en medische apparatuur gebruikt worden.

Circulair bouwen hoeft niet duurder te zijn dan traditionele bouw. Voorlopig is dit nog wel het geval. Zodra producenten, in veel gevallen start-ups, hun productieprocessen kunnen opschalen en langere garanties kunnen afgeven, zal dit resulteren in lagere bouwkosten en hogere restwaardes. Alba Concepts verwacht dat circulaire gebouwen in de toekomst een hogere beleggingswaarde hebben door een hogere courantheid en restwaardekapitalisatie.

Circulair aanbesteden aan opmars bezig
Steeds meer publieke en private partijen verwerken circulaire criteria in hun aanbestedingen. De gemeente Venlo vraagt in aanbestedingen bijvoorbeeld expliciet om demontabele oplossingen. Naar materialenpaspoorten, energieneutraliteit en samenwerking met lokale ondernemers. De gemeente Amsterdam toont hoge ambities door als eerste stad ter wereld een Roadmap Circulaire Gronduitgifte uit te brengen met praktische criteria bij tenders. Bij drie pilots zal de gemeente hoge circulariteitseisen opnemen in de tender en borgen dat leveranciers hun materialen op lange termijn terugnemen voor nieuwe doeleinden. De tenders geven ruimte aan marktpartijen om te innoveren en met eigen oplossingen te komen.

De kosten van circulair bouwen zijn momenteel nog hoger dan bij traditionele bouw. Dit is slechts nog een kwestie van tijd. De gemeente Amsterdam zal niet lang een korting op de grondprijs hoeven geven. Zodra producenten hun schaalgrootte kunnen verhogen en garanties durven af te geven op gebruikte en opgewaardeerde materialen zal circulair bouwen eerder de norm zijn dan een uitzondering.

Circulair vraagt om andere werkwijze
Venlo en Amsterdam geven het abstracte begrip ‘circulair’ invulling met concrete voorbeelden. Naar verwachting zullen andere gemeenten volgen. Voor partijen uit de bouw- en infrasector, zowel ontwikkelaars, architecten, ingenieurs, grote bouwers als gespecialiseerde onderaannemers, betekent dit dat zij hun werkwijze aan moeten passen om in aanmerking te blijven komen voor opdrachten. Hoogwaardig hergebruik van materialen vraagt bovendien om een betere samenwerking en afstemming tussen partijen in de bouwketen. Het afval van de één is een grondstof voor de ander. Architecten zullen andere materiaalkeuzes maken, sloopbedrijven worden ontmantelingsbedrijven en kunnen gebruikte materialen aanbieden aan aannemers.

Een initiatief dat dit aanjaagt is Madaster. Madaster fungeert als bibliotheek voor materialenpaspoorten, waarin de gebruikte materialen en grondstoffen in gebouwen in kaart zijn gebracht. Daarmee wordt inzichtelijk wat bij demontage terug te winnen is en wat iets waard is. Materialenpaspoorten vormen de fundering van circulair bouwen, maar het wordt pas een succes door de inzet van alle schakels in de bouwketen. Alleen samen komt de bouw tot een circulair verdienmodel en oplossingen die opschaalbaar zijn.

Lees hier meer over hoe circulair bouwen vaart kan krijgen

Circulair bouwen leidt tot toekomstbestendig businessmodel
Circulair bouwen biedt mogelijkheden voor nieuwe samenwerkings- en verdienmodellen voor de hele keten. Het bedrijfsproces aanpassen op de circulaire economie vraagt om een andere manier van denken en handelen, maar ook om een investering qua tijd, innovatie en geld. De investering levert werk en geld op. Het bedrijf loopt voorop, onderscheidt zichzelf en verbreedt zijn potentiële klantenkring. Te laat anticiperen betekent jezelf uit de markt prijzen.


Rabobank beloont duurzame en circulaire koplopers met gunstige tarieven en specifieke financieringsproducten. Een voorbeeld hiervan is de impactlening. Recent is het BetonBewust|CSC-certificaat toegevoegd aan de lijst van keurmerken die kwalificeren voor een impactlening. Betonfabrikanten die grondstoffen aantoonbaar verantwoord inkopen worden op deze manier extra gestimuleerd. Andere keurmerken die kwalificeren voor een impactlening zijn o.a. de CO2-Prestatieladder, Cradle to Cradle en FSC.

Bekijk of u in aanmerking komt voor een impactlening

Contact

Rabobank