Update

Gebiedsgerichte aanpak in Buijtenland van Rhoon: hoe samenwerking biodiversiteit en landbouw verbindt

25 juni 2026 14:00

Op het multifunctionele akkerbouwbedrijf De Buytenhof, onder de rook van Rotterdam, werkt ondernemer Wiard Visser aan een andere manier van boeren. Niet alleen op zijn eigen bedrijf, maar samen met andere ondernemers in het gebied. In het Buijtenland van Rhoon staat een gebiedsgerichte aanpak centraal. Boeren, natuur en recreatie worden hier bewust in samenhang ontwikkeld.

Biodiversiteit graan

In het kort

    Gebiedsgerichte aanpak in het Buijtenland van Rhoon verbindt landbouw, natuur en recreatie. Ondernemers stemmen hun bedrijfsvoering af op gezamenlijke doelen. Het bouwplan is afgestemd op biodiversiteit én productie. Verdienmodellen ontwikkelen zich via ketens en gebiedsinitiatieven. Langjarige zekerheid is cruciaal voor investeringen in het gebied.

Samenwerken op gebiedsniveau in plaats van individueel

Voor Wiard Visser betekent natuurinclusief werken vooral: kijken over de grenzen van je eigen bedrijf heen. In het Buijtenland van Rhoon werken boeren samen binnen een gebied van ongeveer 600 hectare. “Je doet het hier niet alleen voor je eigen resultaat,” zegt hij. “Het gaat om het totale gebied.”

Het gebied werd in 2006 door het Rijk aangewezen als compensatie voor de aanleg van de Tweede Maasvlakte. Een cultuurhistorisch polderlandschap waar gewerkt wordt aan het behouden van de historie en traditie van het gebied. De gezamenlijke aanpak zorgt ervoor dat keuzes op bedrijfsniveau bijdragen aan bredere doelen, zoals biodiversiteit en recreatie. Dit vraagt afstemming tussen ondernemers, maar ook met andere partijen in het gebied. Voor agrariërs betekent dit dat individuele keuzes onderdeel worden van een groter geheel.

Landbouw, natuur en recreatie

Wiard Visser is bestuurslid van de gebiedscoöperatie Buijtenland van Rhoon en als vierde generatie ondernemer nauw verbonden met het gebied. Op zijn bedrijf De Buytenhof runt hij een multifunctioneel bedrijf, waar akkerbouw wordt gecombineerd met beleving, educatie en zorg. Met een eigen winkel, theeschenkerij en dagbesteding sluit zijn bedrijf aan op de bredere ambities van het gebied, waarin landbouw, natuur en recreatie samenkomen.

Gezamenlijk streefbeeld stuurt de bedrijfsvoering

In het gebied is een gezamenlijk streefbeeld opgesteld: landbouw, natuur en recreatie moeten elkaar versterken. Dit vertaalt zich direct naar de manier waarop boeren werken.

Concreet betekent dit:

    gewassen kiezen die bijdragen aan biodiversiteit; ruimte maken voor natuur in het bouwplan; rekening houden met het landschap en recreatie.

Wiard: “Je teelt niet alleen voor productie, maar ook voor wat het gebied nodig heeft.” De gebiedsdoelen geven richting, maar ondernemers bepalen zelf hoe ze die vertalen naar hun eigen bedrijf.

Bouwplan

Concreet betekent dit voor het bouwplan van ondernemers in het gebied een vaste verdeling van ongeveer een derde granen, een derde bloeiende gewassen zoals olie- en eiwitgewassen en een derde hakvruchten. Daarbij geldt een ruime rotatie, waarbij aardappelen maximaal eens per zes jaar op hetzelfde perceel terugkeren.

Landschap en biodiversiteit worden samen ingericht

Een belangrijk onderdeel van de gebiedsaanpak is de gezamenlijke inrichting van het landschap. Percelen sluiten op elkaar aan en vormen samen een netwerk voor planten en dieren. Elementen die in samenhang worden aangelegd zijn bloemrijke akkerranden; heggen en houtwallen; hoogstamboomgaarden; wintervoedselvelden voor vogels.

“De kracht zit in de samenhang,” zegt Wiard. “Eén perceel maakt geen verschil, maar samen wel.” Voor ondernemers betekent dit dat maatregelen effectiever worden als ze op grotere schaal worden toegepast.

Monitoring helpt om gebiedsdoelen bij te sturen

Binnen het Buijtenland wordt intensief gemonitord. Niet alleen per bedrijf, maar op gebiedsniveau. Denk aan metingen van insecten, vogels, bodem en water. Die data wordt gebruikt om te bepalen of doelen worden gehaald en waar bijsturing nodig is. “Er wordt veel gemeten,” zegt Wiard. “En dat helpt om te zien waar je staat als gebied.”

De aanpak van ‘lerend beheren’ zorgt ervoor dat ondernemers en gebiedspartijen continu verbeteren. Resultaten worden gedeeld, waardoor iedereen ervan kan leren.

Verdienmodellen ontstaan in de keten en het gebied

Binnen een gebiedsgerichte aanpak wordt ook gekeken naar gezamenlijke afzet. Producten krijgen meer waarde als ze onderdeel zijn van een herkenbaar gebied. In het Buijtenland gebeurt dat onder meer door samenwerking met molenaars en bakkers, het ontwikkelen van rassen die passen bij extensieve teelt en het gezamenlijk positioneren van producten uit de polder.

Graancollectief

Een concreet voorbeeld is het graancollectief. Boeren werken hierbij samen in de keten om graanrassen te telen die minder input vragen en tegelijkertijd geschikt zijn voor verwerking. Dat traject begon jaren geleden, zonder zekerheid over afzet. Inmiddels wordt het graan uit het gebied verwerkt in brood voor de markt.

“Je hebt elkaar nodig om dat op te bouwen,” zegt Wiard. “Dat lukt niet alleen.” Volgens hem laat het zien dat het verdienmodel verder gaat dan het eigen bedrijf en ontstaat in de samenwerking tussen ondernemers en ketenpartijen.

Langjarige zekerheid bepaalt het succes van het gebied

Een gebiedsgerichte aanpak vraagt investeringen die zich pas op langere termijn terugverdienen. Denk aan bodemverbetering, landschapselementen en nieuwe ketens. Volgens Wiard is zekerheid daarbij de grootste uitdaging: “Als je wilt investeren in het gebied, moet je zeker weten dat je hier kunt blijven.” Veel grond wordt gepacht met korte looptijden. Dat belemmert investeringen die juist nodig zijn voor de ontwikkeling van het gebied. Voor ondernemers betekent dit dat langjarige afspraken essentieel zijn om stappen te kunnen zetten.

Veel grond wordt gepacht met korte looptijden. Dat belemmert investeringen die juist nodig zijn voor de ontwikkeling van het gebied.

Gebiedsaanpak vraagt lange adem en vertrouwen

De ervaringen van Wiard laten zien dat een gebiedsgerichte aanpak kansen biedt, maar ook tijd kost. Resultaten ontstaan niet van de ene op de andere dag. Voor agrariërs betekent dit dat zij intensief samenwerken met andere ondernemers en partijen, keuzes maken die verder gaan dan het eigen erf en investeren met een langere horizon. Tegelijk vraagt het om omgaan met onzekerheden in opbrengst en beleid. “Het werkt alleen als je het samen doet,” zegt Wiard. “En als je de ruimte krijgt om het op te bouwen.”

Gebiedsgerichte aanpak: hoe samenwerking biodiversiteit en landbouw verbindt - Rabobank