Update
Sectorprognoses september 2026: AI stuwt de sectorale groei
De toegevoegde waarde neemt dit en volgend jaar in de meeste sectoren toe, waarbij de dienstensectoren de meeste groei laten zien. De ontwikkelingen in AI ondersteunen de groei in de informatie- en communicatiesector, de specialistische zakelijke dienstverlening en de machinebouw. Weliswaar blijft het conflict in het Midden-Oosten de vooruitzichten beïnvloeden, maar minder sterk dan in de vorige sectorprognoses.
In het kort
Sectorprognoses in toegevoegde waarde
De Nederlandse economie groeit dit jaar naar verwachting met 1,3% en volgend jaar met 1,1%. Achter dit macro-economische beeld gaan duidelijke verschillen tussen sectoren schuil. Vooral sectoren die profiteren van de snelle opmars van AI springen eruit: de vraag naar digitale diensten en de vraag naar machines voor de chipindustrie geven zowel de informatie- en communicatiesector als de specialistische zakelijke dienstverlening en de machinebouw een impuls.
Tegelijkertijd blijven er ook onzekerheden. De ontwikkelingen in het Midden-Oosten spelen nog altijd een rol in de prognoses, maar hun invloed is kleiner dan we de vorige keer verwachtten.
Daarnaast bemoeilijkt de aanhoudende droogte dit jaar het vervoer over water. Dit heeft lokaal merkbare gevolgen voor bedrijven. Voor de sectoren als geheel, zoals de transportsector of sectoren die diensten afnemen van de transportsector zoals de bouw, is de impact van de droogte beperkt.
In deze analyse beschrijven we in meer detail de ontwikkelingen in de sectoren. Meer achtergrond over de ontwikkelingen van het Nederlandse bbp en de bestedingenkant, zoals de consumptie en de bedrijfsinvesteringen, staat in ons Economisch Kwartaalbericht.
Figuur 1: Sectorprognoses september 2026

Algemene ontwikkelingen
Het Midden-Oosten
De ontwikkelingen in het Midden-Oosten blijven een belangrijke rol spelen in de sectorprognoses. Het Memorandum of Understanding tussen de VS en Iran is verlopen en er zijn geen aanwijzingen dat beide partijen het op korte termijn verlengen. Nadat de VS had aangekondigd Iran vooral economisch te willen raken, heeft het ondertussen opnieuw Iran militair aangevallen.
Voor deze prognoses gaan we ervan uit dat de patstelling tussen de VS en Iran aanhoudt rond de Straat van Hormuz. Voor de energiemarkten betekent dit dat de prijzen voor olie- en gas langer hoog blijven, wat van invloed is op de inflatie. Uiteraard zijn er ook risico’s op bijvoorbeeld verdere escalatie.
Droogte
Europa beleefde een van de warmste zomers tot nu toe. Dat had niet alleen gevolgen voor ons bestedingsgedrag, maar ook voor het goederenvervoer. Zo daalde de waterstand van de Rijn bij het knelpunt Kaub tot een historisch laag niveau en is het Twentekanaal op het moment van schrijven nog altijd gesloten. Dit belemmert de binnenvaart.
Bij laagwater kunnen schepen minder lading meenemen. Daardoor zijn voor hetzelfde vervoersvolume meer schepen nodig, terwijl drukte op het water en langere wachttijden bij sluizen de reistijd verlengen. De transportkosten per vervoerde eenheid lopen hierdoor op en worden vaak doorberekend aan de afnemers van binnenvaartdiensten. Vooral de landbouw, industrie en bouw kunnen hierdoor met hogere kosten worden geconfronteerd, omdat de binnenvaart een belangrijke rol speelt bij de invoer en uitvoer van aardolieproducten, chemische producten en kunstmest, en van zout, zand, grind en klei.
Ook voor scheepseigenaren brengt laagwater risico’s met zich mee, zoals een grotere kans op aanvaringen en schade aan de bodem of schroef van het schip. Op langere termijn kan aanhoudend laagwater bovendien de betrouwbaarheid van de binnenvaart verminderen, waardoor bedrijven vaker uitwijken naar andere vervoersmodaliteiten. In een nog te verschijnen onderzoek brengen we de gevolgen van de lage waterstanden voor de Nederlandse economie uitgebreider in kaart.
Voor deze prognoses gaan we er vooralsnog van uit dat het effect van de lage waterstanden op sectorniveau beperkt blijft; zo voorzien we voor de sector vervoer en opslag een groei van de toegevoegde waarde van 1,1% dit jaar en 1,3% volgend jaar.
Voor bijvoorbeeld de bouwsector wegen andere knelpunten zwaarder. Zo remmen ruimtegebrek, de stikstofproblematiek en netcongestie de bouwproductie, terwijl opnieuw projecten in de grond-, weg- en waterbouw zijn stilgelegd vanwege budgettekorten (zie ook onze omzetprognoses). De toegevoegde waarde van de sector kromp in de eerste helft van het jaar: in het eerste kwartaal met 1,1% ten opzichte van het voorgaande kwartaal en met 0,8% in het tweede kwartaal. Voor heel dit jaar verwachten we daarom een krimp van 1,0%, gevolgd door een groei van 0,5% volgend jaar.
AI
De snelle ontwikkeling van kunstmatige intelligentie werkt op verschillende manieren door in de groei van sectoren. De vraag naar digitale diensten neemt toe, bedrijven investeren in technologie om hun productiviteit te verhogen en de chipindustrie profiteert van de groeiende behoefte aan rekenkracht. Daardoor ondersteunt AI vooral de groei van informatie en communicatie, delen van de specialistische zakelijke dienstverlening en de machinebouw.
Consumenten
De particuliere consumptie groeit in 2026 naar verwachting met 1,2%, vrijwel even sterk als in 2025. Dit biedt sectoren als de handel en de horeca voorlopig nog steun. In 2027 neemt de consumptiegroei echter af door de oplopende inflatie en lastenverzwaringen, waardoor de groei van consumentgerichte sectoren naar verwachting vertraagt.
Uitgelichte sectoren
Digitale dienstverlening groeit door AI en automatisering
De informatie- en communicatiesector groeit met 3,8% in 2026 en met 3,4% in 2027 het hardst van alle sectoren. Daarbij vormt IT-dienstverlening veruit het grootste onderdeel van de sector, waardoor de sterke vraag naar cloudoplossingen, AI-toepassingen, cybersecurity en digitale infrastructuur direct doorwerkt in de groeicijfers van de sector als geheel. Uit de Kwartaalmonitor Digitale Economie blijkt bovendien dat de uitgaven aan publieke cloud begin dit jaar opnieuw sterk zijn toegenomen. Vooral de vraag naar rekenkracht en opslagcapaciteit voor AI-toepassingen groeit snel.
De opkomst van AI creëert niet alleen nieuwe vraag naar digitale diensten, maar verandert ook de manier waarop bedrijven werken. Bedrijven in de sector behoren tot de koplopers als het gaat om investeringen in technologie en automatisering om de productiviteit te verhogen. Ook buiten de ICT-sector investeren bedrijven steeds vaker in digitale technologie om productiever te werken en personeelstekorten op te vangen. De sector profiteert daarmee zowel van de verdere digitalisering van de economie als van de behoefte van bedrijven om productiever te werken in een arbeidsmarkt die structureel krap blijft.
AI en automatisering winnen terrein in specialistische zakelijke diensten
De specialistische zakelijke dienstverlening blijft groeien, al lopen de ontwikkelingen tussen branches uiteen. Opvallend is dat bedrijven in deze sector relatief vaak investeren in technologie en automatisering om hun productiviteit te verhogen. Daarmee behoort ook deze sector volgens het CBS op dat vlak tot de koplopers van de Nederlandse economie. Vooral juridische diensten en accountancy zetten hier sterk op in.
AI verandert niet alleen de manier waarop zakelijke diensten worden geleverd, maar ook de aard van het werk zelf. AI maakt het mogelijk om een deel van de meer routinematige werkzaamheden te ondersteunen of te automatiseren, waardoor de nadruk binnen veel zakelijke diensten verschuift naar complexe advisering en specialistische expertise. Tegelijkertijd leidt de inzet van AI niet automatisch tot hogere productiviteit. De uiteindelijke impact hangt sterk af van de manier waarop organisaties hun werkprocessen aanpassen en hoe zij de vrijkomende capaciteit benutten.
De ontwikkelingen in de advocatuur illustreren deze verschuiving. Advocatenkantoren zien dat AI invloed heeft op delen van het traditionele werkpakket, maar dat leidt vooralsnog niet tot omzetverlies. Verschillende kantoren rapporteerden in 2025 juist een omzetgroei en geven aan zich sterker te richten op complexe en hoogwaardige zaken waarvoor specialistische kennis noodzakelijk blijft. AI verandert de manier waarop specialistische diensten worden geleverd, maar de eerste ervaringen suggereren dat de vraag naar specialistische expertise daarmee vooralsnog niet afneemt.
Managementadviesbureaus, een van de grootste branches binnen de sector, groeien maar mondjesmaat. Daar staat tegenover dat architecten- en ingenieursbureaus beschikken over goed gevulde orderportefeuilles. Bij architectenbureaus is de werkvoorraad opgelopen tot zes maanden, het hoogste niveau sinds 2008. Ingenieursbureaus rapporteerden een gemiddelde werkvoorraad van 6,5 maand, al zijn de verwachtingen voor omzet- en personeelsgroei de afgelopen maanden iets afgezwakt.
Per saldo verwachten we dat de groei van de toegevoegde waarde in de specialistische zakelijke diensten oploopt van 1,5% in 2026 naar 2,3% in 2027.
De chipindustrie is bepalend voor de industriële groei
De cijfers voor de Nederlandse industrie wezen de afgelopen periode op groei. Zo nam de industriële productie in het tweede kwartaal met 4% toe ten opzichte van het eerste kwartaal, en duidde de inkoopmanagersindex (PMI) in augustus met 53,8 opnieuw op groei. Toch lopen de ontwikkelingen binnen de industrie uiteen en lijkt de meeste groei voort te komen uit de machinebouw.
De machinebouw is namelijk een van de grootste sectoren binnen de Nederlandse industrie (figuur 2) en nam de afgelopen jaren sterk in productie toe (figuur 3). Voor de andere industriële sectoren zien we juist dat productie rond hetzelfde niveau bleef hangen, zoals voor de voedingsmiddelenindustrie, terwijl die van de chemie door de hoge energieprijzen juist zichtbaar afnam.
Figuur 2: Machinebouw is de grootste deelsector binnen de industrie…
Figuur 3: …en nam de laatste jaren het meeste in productie toe
Een belangrijke deelsector binnen de machinebouw is de productie van machines om halfgeleiders te maken. In een eerdere studie brachten we de waardeketen van halfgeleiders en de rol van Nederland daarin in kaart. De vraag naar chips, en daarmee naar de machines waarmee deze chips worden geproduceerd, is de afgelopen periode toegenomen door de snelle ontwikkeling van AI. Daarmee hangt de recente groei van de machinebouw ook nauw samen met de opkomst van AI.
De Nederlandse halfgeleiderindustrie omvat echter meer dan alleen de machinebouw, terwijl de machinebouw op haar beurt ook activiteiten omvat die niet aan de chipindustrie zijn gerelateerd. Om een vollediger beeld te geven, bracht het CBS recent de ontwikkeling van de gehele Nederlandse halfgeleiderindustrie in kaart. Daaruit blijkt dat de omzet van de Nederlandse chipindustrie in bijna zes jaar tijd is verdubbeld tot ongeveer 46 miljard euro in 2025. Ook het aantal werknemers verdubbelde sinds 2019, tot circa 40.000. Afgezet tegen het aantal werknemers is de omzet in de chipindustrie relatief hoog in vergelijking met andere sectoren (figuur 4).
Figuur 4: Omzet per medewerker in verschillende sectoren (2024)

Vooruitkijkend zien we dat de Nederlandse industrie kan profiteren van de toenemende buitenlandse vraag, aangezien meer dan de helft van de industriële productie wordt geëxporteerd. We verwachten dit jaar een exportgroei van 2,1% en volgend jaar van 2,3%, zie ook ons Economisch Kwartaalbericht. Voor de industrie voorzien we dit jaar een groei van 0,8% in toegevoegde waarde en volgend jaar van 1,7%.
Consumptiegroei ondersteunt handel en horeca, maar zwakt af
Voor de handel verwachten we een groei van de toegevoegde waarde van 1,7% in 2026, gevolgd door 0,5% in 2027. De sector profiteert in 2026 nog van de groeiende bestedingen van huishoudens en een relatief sterke arbeidsmarkt. Daarnaast levert de autohandel een positieve bijdrage dankzij het herstel van de truck- en bedrijfswagenmarkt na het zwakke 2025, al vormt deze branche slechts een beperkt onderdeel van de totale handelssector. In 2027 verwachten we dat de afzwakkende consumptiegroei leidt tot een lager groeitempo van de handel.
Ook de horeca profiteert nog van de groeiende consumptie, maar de groei wordt steeds minder vanzelfsprekend. In de eerste helft van 2026 was er een toename van het aantal buitenlandse gasten in Nederlandse hotels, campings en vakantieparken (zie figuur 5), maar daalde het totale aantal overnachtingen (zie figuur 6). Daarnaast noemen meer horecaondernemers onvoldoende vraag als belemmering voor hun bedrijfsvoering. Voor delen van de sector, met name hotels en vakantieparken, komt daar de hogere btw op logies bij, wat de druk op marges verder kan vergroten. Tegen deze achtergrond verwachten we een beperkte groei van de toegevoegde waarde van 0,6% in zowel 2026 als 2027.
Figuur 5: Meer buitenlandse gasten in Nederlandse logiesaccommodaties in eerste helft 2026
Figuur 6: Maar aantal overnachtingen van zowel binnenlandse als buitenlandse gasten nam af
Reisbranche en lease dragen de groei van de overige zakelijke diensten
Binnen de overige zakelijke dienstverlening lopen de ontwikkelingen sterk uiteen. Positieve bijdragen komen onder meer van de reisbranche en van verhuur- en leaseactiviteiten. Met respectievelijk 15% en 20% van de toegevoegde waarde van de sector behoren zij, na de uitzendbranche, tot de grootste onderdelen van de overige zakelijke dienstverlening. De reisbranche profiteert van een aanhoudend hoge reislust. Hoewel de boekingen in het voorjaar van 2026 tijdelijk onder druk stonden door een afwachtende consument als gevolg van geopolitieke onzekerheid, bleek van afstel geen sprake. De boekingen herstelden in juni en juli, waarbij consumenten vaker kozen voor Europese bestemmingen en lastminutevakanties.
Ook verhuur- en leaseactiviteiten droegen bij aan de groei. De verhuur van roerende goederen behoorde in het eerste kwartaal van 2026 tot de sterkst groeiende onderdelen van de sector, met een groei van de toegevoegde waarde van 6,3% op jaarbasis. Daarnaast liet ook de zakelijke leasemarkt groei zien in de eerste helft van 2026.
Daar staat tegenover dat de uitzendbranche de groei van de sector blijft drukken. Deze branche vertegenwoordigt meer dan 40% van de toegevoegde waarde van de overige zakelijke dienstverlening. Het aantal uitzenduren daalt al meerdere jaren en ook in 2026 zet deze ontwikkeling door. Vooral administratieve functies staan onder druk. De omzet groeit nog, maar dit is vooral het gevolg van hogere tarieven en loonstijgingen. Het onderliggende arbeidsvolume blijft zwak.
Per saldo verwachten we dat de overige zakelijke dienstverlening ondanks deze tegenwind met 1,8% groeit in zowel 2026 als 2027.
Omzetprognoses per deelsector
Box 1: Hoe maken we de prognoses?
Voor onze voorspellingen maken we gebruik van twee verschillende sectormodellen: een voor de toegevoegde waarde en een voor de omzet. Onze modellen baseren zich op de historische ontwikkelingen van omzet en toegevoegde waarde van verschillende sectoren die beschikbaar zijn bij het CBS. Samen met de sectormanagers bekijken we de modeluitkomsten en sturen we waar nodig bij. Op deze manier verrijken we de modeluitkomsten met de visie van de experts. Helaas zijn niet voor alle sectoren historische omzetdata beschikbaar. Het CBS heeft geen historische omzetdata voor de deelsectoren van de zorg. Hierdoor zijn we voor deze omzetprognoses meer afhankelijk van het oordeel van de experts.Food: volumes herstellen in 2026, maar in 2027 loopt de inflatie weer op
Supermarkten hadden de afgelopen jaren te maken met hoge prijsinflatie en daardoor met druk op de volumes. In 2026 is dat beeld vrijwel volledig omgeslagen. Het omzetvolume herstelt dit jaar licht, mede door de afgenomen prijsdruk. Sinds maart zijn de consumentenprijzen in supermarkten zelfs iets gedaald, onder meer door een fors hogere promotie-intensiteit. De sterke nadruk op prijs betekent dat toeleveranciers tijdens prijsonderhandelingen opnieuw onder druk worden gezet.
Tegelijkertijd lopen de kosten in de keten op. Veel voedingsmiddelenproducenten hebben hun energieprijzen ingedekt, waardoor de directe gevolgen van de hoge olie- en gasprijzen vooralsnog vooral zichtbaar zijn in hogere transportkosten. De komende maanden vertalen de hogere energie- en grondstofprijzen zich echter naar verwachting ook in hogere productiekosten. Niet alleen voedingsmiddelen- en drankenproducenten krijgen daarmee te maken. Daarnaast ondervinden supermarkten relatief veel gevolgen van de verhoging van het minimumjeugdloon per 1 januari 2027 .
Voor 2027 verwachten we dat het beeld daarom opnieuw kantelt. De voedingsmiddeleninflatie loopt naar verwachting op tot circa 5%. Daardoor worden consumenten waarschijnlijk terughoudender en kunnen de afzetvolumes in de foodretail en bij producenten weer licht dalen.
Meer weten?
Aanspreekpunt voor de sector food: Annika Suichies.
Industrie: een versnelling hoger, maar is de groei duurzaam?
De Nederlandse industrie laat in 2026 duidelijke tekenen van herstel zien. Dat is opvallend, gezien de structurele uitdagingen waarmee de sector zowel nationaal als internationaal te maken heeft. De productie en omzet ontwikkelen zich positiever dan een jaar geleden, mede dankzij een aantrekkende buitenlandse vraag en herstel in delen van de technologische maakindustrie. Een deel van de vraag lijkt samen te hangen met voorraadopbouw en het naar voren halen van bestellingen vanwege de onzekerheid op de internationale markten. Positief is dat de groei inmiddels enkele maanden aanhoudt. Door de gestegen prijzen neemt de omzet duidelijk sterker toe dan de productie. Voor 2026 verwachten we een groei van de toegevoegde waarde met 0,8%.
Hoewel de omstandigheden verbeteren, blijft het groeitempo gematigd. Industriële bedrijven hebben nog altijd te maken met onzekerheid over de beschikbaarheid van materialen, handelsbelemmeringen en de investeringsbeslissingen van afnemers. Daar staat tegenover dat de orderinstroom geleidelijk herstelt en het vertrouwen onder producenten voorzichtig toeneemt. De verschillen tussen de deelsectoren blijven groot. Vooral de technologische industrie en de machinebouw leveren een bovengemiddelde bijdrage aan de groei.
Voor 2027 verwachten we dat de groei van de toegevoegde waarde verder versnelt tot 1,7%. Het geleidelijke herstel van de Europese industrie en investeringen in verduurzaming, digitalisering en defensie bieden kansen voor Nederlandse industriële bedrijven. Naarmate de vraag breder wordt gedragen door investeringen en eindmarkten, wordt duidelijker in hoeverre de huidige opleving structureel is.
Tabel 1: Omzetontwikkeling deelsectoren industrie

Meer weten?
Aanspreekpunten voor de sector industrie: Yorick Cramer en Kees de Schipper.
Bouw: productie onder druk
In juni 2026 werd het hoogste aantal woningbouwvergunningen in vijf jaar tijd verleend. Een steeds groter deel daarvan – inmiddels 70% – betreft vooral kleine appartementen. De vraag richt zich echter juist op ruimere appartementen, onder meer voor senioren, en op eengezinswoningen. Deze toenemende mismatch tussen vraag en aanbod zorgt, naast de al langer bestaande knelpunten in de woningbouw, voor verdere vertraging van de nieuwbouwproductie. Het Rijk neemt meer regie, onder meer via de Wet versterking regie volkshuisvesting en de Taskforce Versnelling Woningbouw. Woningonderhoud en verduurzaming blijven zich ondertussen gunstig ontwikkelen.
In de utiliteitsbouw blijft de vergunningverlening in 2026 achter bij 2025, zowel in aantallen als in waarde. Ook hier vormen ruimtegebrek, stikstofproblematiek en netcongestie belangrijke belemmeringen. De ontwikkelpijplijn voor logistiek vastgoed is teruggelopen van 3,1 miljoen vierkante meter in 2022 naar 1,9 miljoen vierkante meter in 2026. Daarnaast houdt de discussie over datacenters aan. Datacenters zijn nodig, maar het blijft de vraag waar ze kunnen worden gebouwd en voor welke gebruikers capaciteit beschikbaar moet zijn. Zonder duidelijke beleidskeuzes en voortvarende besluitvorming dreigt Nederland achterop te raken.
Voor 2027 verwachten we herstel van de nieuwbouw, mede door een toename van het aantal defensieopdrachten. De eerste opdrachten voor verblijfs- en kantoorruimte voor Defensie zijn inmiddels verstrekt. Het verwachte jaarlijkse opdrachtvolume bedraagt 2 miljard euro.
In de grond-, weg- en waterbouw worden opnieuw projecten stilgelegd vanwege budgettekorten, ondanks de urgente vervangings- en onderhoudsopgave. Zo zijn asfaltwerkzaamheden in de drie noordelijke provincies uitgesteld. Ondertussen neemt de onderhoudsbehoefte van bruggen, sluizen en andere infrastructuur verder toe. Vooral het vrachtverkeer ondervindt hiervan hinder, met aanzienlijke economische schade tot gevolg.
Installatiebedrijven presteren goed en beschikken over een goedgevulde orderportefeuille. De groei houdt aan, mede door verdere elektrificatie en door extremer weer, dat de vraag naar airconditioning stimuleert.
Tabel 2: Omzetontwikkeling deelsectoren bouw

Meer weten?
Aanspreekpunten voor de sector bouw: Geert Dirkse en Hans-Hugo Smit.
Handel: gematigde groei met toenemende prijsdruk in 2027
Voor de Nederlandse non-foodhandel verwachten we in 2026 een gematigde omzetgroei. De eerste helft van het jaar biedt daarvoor een redelijk fundament: de kalendergecorrigeerde omzet van de non-fooddetailhandel groeide met 3,3%, terwijl het volume met 2,5% toenam. De groei was daarmee vooral volumegedreven, ondanks het lage consumentenvertrouwen, de geopolitieke onzekerheid en de hogere brandstof- en logistieke kosten. In 2027 zwakt het groeitempo naar verwachting af. De inflatie loopt op en eerdere energieschokken werken met vertraging door in de prijzen van goederen en voedingsmiddelen. Daardoor vertraagt ook de consumptiegroei.
Detailhandel non-food: groei houdt aan, maar consument blijft selectief
Binnen de detailhandel blijven de verschillen groot. Drogisterijen presteren bovengemiddeld, de consumentenelektronica herstelt en de omzet bij meubels en woninginrichting trekt voorzichtig aan. Bij schoenen en lederwaren gaat volumegroei daarentegen gepaard met prijsdruk. Online verkoop blijft een belangrijke aanjager. Voor de rest van 2026 ondersteunen de koopkrachtontwikkeling en de arbeidsmarkt de vraag, maar grotere, uitstelbare aankopen blijven gevoelig voor prijsperceptie en consumentenvertrouwen. In 2027 beperkt de hogere inflatie de reële bestedingsruimte. Daarom verwachten we een lager groeitempo, vooral bij woninginrichting, consumentenelektronica en andere duurzame consumptiegoederen.
Groothandel: positieve omzetontwikkeling, maar marges blijven kwetsbaar
Ook de non-foodgroothandel groeit naar verwachting in 2026, mede dankzij een redelijke afzet op de binnenlandse en Europese markten. Tegelijkertijd blijven handelsconflicten, schommelende containerkosten en verstoringen in toeleveringsketens belangrijke risico’s. Hogere prijzen kunnen de omzet opstuwen, maar leiden niet automatisch tot hogere afzetvolumes of een beter rendement.
Dit prijseffect is duidelijk zichtbaar in twee deelsectoren. De groothandel in ICT-apparatuur laat een forse omzetstijging zien door de sterk toenemende vraag naar geheugenchips en andere componenten voor AI-toepassingen. In de overige gespecialiseerde groothandel wordt de omzet vooral opgedreven door de fors hogere olieprijzen als gevolg van het conflict in het Midden-Oosten. In beide deelsectoren weerspiegelt de hogere omzet daarmee voor een belangrijk deel prijsstijgingen en niet alleen volumegroei.
In 2027 temperen de zwakkere consumptiegroei en de hogere goederenprijsinflatie naar verwachting de vraag binnen de non-foodgroothandel. Daarnaast voorzien we een daling van de olieprijzen, waardoor de omzetgroei in de overige gespecialiseerde groothandel afneemt.

Meer weten?
Aanspreekpunt voor de sector handel: Peter van Heerde.
Transport en mobiliteit: omzetgroei door hogere prijzen
Transport: hogere kosten stuwen omzet, volumes herstellen voorzichtig
Op het eerste gezicht ontwikkelt de omzet in het wegtransport zich gunstig. De groei wordt echter deels veroorzaakt door de invoering van de vrachtwagenheffing en de hoge brandstofprijzen. Deze verhogen de kosten, maar worden grotendeels doorberekend aan opdrachtgevers en stuwen daardoor ook de omzet. Daarnaast dragen het herstel van de industrie en de lichte volumegroei in de handel bij aan de omzetontwikkeling.
Voor 2027 wijken de vooruitzichten slechts beperkt af, maar is geen sprake van een vergelijkbaar prijseffect door stijgende kosten. Het verwachte herstel van de nieuwbouw ondersteunt de vraag naar vervoer van de benodigde grondstoffen en materialen.
Voor de scheepvaart zijn de vooruitzichten in 2026 iets gunstiger dan eerder verwacht. In de binnenvaart leiden aanhoudende perioden van laagwater op de Rijn tot hogere vrachttarieven, wat de omzetontwikkeling ondersteunt.
In de zeevaart zijn de vrachttarieven weer gedaald na eerdere sterke stijgingen als gevolg van geopolitieke spanningen. Daarmee blijft de zeevaart het transportsegment dat het gevoeligst is voor internationale ontwikkelingen en verstoringen van handelsroutes.
Ook voor 2027 blijven de vooruitzichten positief. De verwachte groei van de industriële productie stimuleert de vraag naar vervoer van grondstoffen en goederen en ondersteunt daarmee zowel de binnenvaart als de zeevaart. De ontwikkeling van de scheepvaart past daarmee in het bredere beeld voor de transportsector, waarvoor we een groei in toegevoegde waarde verwachten van 1,1% in 2026 en 1,3% in 2027.
Mobiliteit: omzet groeit ondanks licht krimpende automarkt
De omzet in de handel in en reparatie van auto’s groeit naar verwachting ondanks een licht krimpende markt voor nieuwe auto’s. In de eerste zeven maanden van 2026 zijn 4,1% minder nieuwe personenauto’s verkocht. Tegelijkertijd is het aandeel elektrische auto’s gestegen tot bijna 50%, waardoor ook de gemiddelde verkoopprijs per auto is toegenomen. Aan het einde van het jaar verwachten we bovendien een beperkte registratiepiek bij hybride auto’s. Die hangt samen met de pseudo-eindheffing die vanaf 1 januari 2027 geldt voor zakelijke personenauto’s die niet emissieloos zijn.
De omzetgroei wordt daarnaast gedragen door het herstel van de bedrijfswagenmarkt, na het dieptepunt in 2025 als gevolg van het vervallen van de bpm-vrijstelling. Het aantal verkochte bedrijfswagens laat een licht herstel zien ten opzichte van een jaar eerder, terwijl de gemiddelde verkoopprijs aanzienlijk hoger ligt dan in voorgaande jaren. Ook hogere prijzen voor nieuwe auto’s en occasions, stijgende werkplaatstarieven en duurdere onderdelen dragen bij aan de omzetgroei in 2026.
Veel van de omzetverhogende effecten uit 2026 vallen in 2027 grotendeels weg. Daarom verwachten we voor dat jaar een duidelijk gematigder omzetgroei. Het aandeel elektrische auto’s neemt naar verwachting wel verder toe, waardoor ook de gemiddelde verkoopprijs per auto stijgt.
Tabel 4: Omzetontwikkeling deelsectoren transport

Meer weten?
Aanspreekpunten voor de sector mobiliteit en transport: Irma Belgraver en Marieke Kuijpers.
Horeca: omzetgroei verhult druk op volumes en marges
De omzet van de Nederlandse horeca- en recreatiesector groeit naar verwachting in 2026. Dit beeld vraagt echter om nuancering: de productie staat onder druk en de volumegroei valt vrijwel stil. Ook 2027 blijft uitdagend. De kosten voor inkoop en personeel nemen verder toe, terwijl ondernemers deze slechts gedeeltelijk kunnen doorberekenen aan gasten, die de sector nu al als duur ervaren.
Restaurants laten in 2026 naar verwachting een lichte omzetgroei zien, vooral dankzij prijsverhogingen. De volumegroei blijft beperkt. In 2027 neemt de druk op de marges verder toe, doordat hogere kosten niet volledig aan gasten kunnen worden doorberekend. Kostenbeheersing blijft daarom een belangrijk aandachtspunt voor ondernemers.
Fastservice heeft binnen de sector de gunstigste vooruitzichten. Na een moeilijke periode herstellen de volumes en de omzet, doordat consumenten dit segment opnieuw als relatief betaalbaar ervaren. Ook in 2027 lijkt fastservice beter bestand tegen economische tegenwind dan andere horecadeelsectoren. Tegelijkertijd kunnen verdere prijsstijgingen de vraag remmen, omdat consumenten in dit segment extra prijsgevoelig zijn.
Cafés laten een stabiele ontwikkeling zien. De omzet groeit beperkt en wordt vooral gedreven door prijsstijgingen. Het aantal bezoeken blijft onder druk staan, waardoor cafés gevoelig blijven voor veranderingen in het consumentenvertrouwen en de koopkracht.
Catering profiteert van het herstel van zakelijke activiteiten, congressen en evenementen. De omzet ontwikkelt zich gunstiger dan in veel andere horecadeelsectoren, al blijft de vraag afhankelijk van de economische groei en de ontwikkelingen op de zakelijke markt.
Hotels hebben te maken met een uitdagende markt. De verhoging van het btw-tarief op logies van 9% naar 21% zet de bezettingsgraden, kamerprijzen en marges onder druk. Voor 2026 verwachten we een omzetdaling. De bezettingsgraden nemen vooralsnog beperkt af, maar hotels kunnen de btw-verhoging slechts gedeeltelijk doorberekenen aan gasten. Dit vertaalt zich in lagere netto kamerprijzen.
Overige logies, waaronder vakantieparken en campings, laten een gemengd beeld zien. Campings profiteren nog van het binnenlandse toerisme, terwijl andere aanbieders te maken hebben met een daling van het aantal overnachtingen. Kwaliteit, beleving en een goede prijs-kwaliteitverhouding worden daardoor steeds belangrijkere succesfactoren.
Per saldo blijft de omzet in de sector groeien, maar verschuift de aandacht in 2027 steeds meer van omzetgroei naar winstgevendheid.
Tabel 5: Omzetontwikkeling deelsectoren horeca

Meer weten?
Aanspreekpunt voor de sector horeca: Jos Klerx.
Informatie en communicatie: groei versnelt door AI
Telecom: gestage groei door cloud, AI en veiligheid
De telecomsector liet in 2025 een gematigde omzetgroei zien. Ondanks de sterke toename van het dataverkeer bleef de groei beperkt, doordat de Nederlandse telecommarkt grotendeels verzadigd is. Voor 2026 en 2027 blijven de vooruitzichten positief. De vraag naar connectiviteit neemt verder toe door de groei van cloud- en AI-toepassingen, streamingdiensten en andere data-intensieve toepassingen bij consumenten en bedrijven. Daarnaast groeit vanuit het bedrijfsleven en de overheid de behoefte aan zakelijke connectiviteitsoplossingen, zoals private 5G-netwerken, en aan veilige digitale infrastructuur. Deze ontwikkelingen ondersteunen de omzetgroei in de telecomsector, al blijft het groeitempo naar verwachting lager dan in de IT-sector.
Media: digitaal herstel door streaming, advertenties en AI
De mediasector kende in 2025 een relatief zwak jaar, onder meer door dalende advertentie-inkomsten, veranderend consumentengedrag en toenemende concurrentie van internationale platforms. Voor 2026 en 2027 verwachten we herstel. De groei wordt vooral gedragen door de verdere verschuiving naar digitale content, streamingdiensten en digitale advertenties. Daarnaast bieden AI en datagedreven personalisatie nieuwe mogelijkheden om doelgroepen gerichter te bereiken en aanvullende inkomsten te genereren.
IT: groeimotor door AI en automatisering
De IT-sector blijft in 2026 en 2027 de belangrijkste groeimotor binnen informatie en communicatie. In 2025 bleef de groei nog wat achter door economische onzekerheid, uitstel van projecten en aanhoudende personeelstekorten. De onderliggende vraag naar digitale oplossingen blijft echter sterk. Daarom verwachten we voor 2026 en 2027 een versnelling van de groei. Organisaties investeren steeds meer in AI en automatisering om de arbeidsproductiviteit te verhogen, mede vanwege de structurele krapte op de arbeidsmarkt. Ook de behoefte aan digitale soevereiniteit en cyberweerbaarheid stimuleert investeringen in IT-infrastructuur en digitale diensten. Daardoor blijft de vraag naar IT-dienstverlening naar verwachting bovengemiddeld groeien en levert de sector opnieuw de grootste bijdrage aan de groei van informatie en communicatie.
Tabel 6: Omzetontwikkeling deelsectoren informatie en communicatie

Meer weten?
Aanspreekpunt voor de sector informatie en communicatie: Mark van Kampen.
Zakelijke dienstverlening: grote verschillen tussen branches
Specialistische zakelijke dienstverlening: toenemend gebruik van AI-toepassingen
Binnen de specialistische zakelijke dienstverlening blijft de omzet in de prognoseperiode groeien, maar neemt het groeitempo geleidelijk af. Vooral de rechtskundige dienstverlening en accountancy laten in 2025 nog een sterke omzetgroei zien van respectievelijk 8,3% en 6,6%. In de jaren daarna zwakt de groei af. De aanhoudende vraag naar deze diensten blijft de omzet ondersteunen. Tegelijkertijd neemt het gebruik van AI-toepassingen toe. Investeringen in AI-software en licenties verhogen weliswaar de kosten, maar leveren ook efficiëntiewinst op doordat werkzaamheden sneller kunnen worden uitgevoerd. Hierdoor kunnen bedrijven met dezelfde personeelscapaciteit meer opdrachten verwerken. Specialistisch personeel blijft desondanks schaars en menselijke expertise blijft essentieel voor complexe en hoogwaardige dienstverlening.
Ook architecten- en ingenieursbureaus starten de prognoseperiode met een stevige groei, die in 2027 afzwakt tot 1,0%. Managementadviesbureaus laten een stabiel maar gematigd groeipad zien en zetten AI vooral in ter ondersteuning van analyses en rapportages. Het reclamewezen en marktonderzoek blijven achter. In deze segmenten verhoogt AI weliswaar de productiviteit, maar zorgen lagere toetredingsdrempels en toenemende concurrentie voor druk op de tarieven en de omzetgroei. Daardoor laten deze branches aan het einde van de prognoseperiode zelfs een omzetdaling zien.
Tabel 7: Omzetontwikkeling deelsectoren specialistische zakelijke dienstverlening

Overige zakelijke dienstverlening: reizen, verhuur en beveiliging trekken de groei op
De overige zakelijke dienstverlening laat een gemengd beeld zien. Uitzendbureaus en arbeidsbemiddelaars hadden in 2025 nog te maken met een lichte omzetkrimp, maar voor 2026 en 2027 verwachten we een beperkt herstel. Het aantal uitzenduren blijft daarbij onder druk staan. De afnemende vraag naar uitzendkrachten hangt samen met de hogere kosten van flexibele arbeid, waardoor opdrachtgevers terughoudender worden met de inhuur van personeel. De verwachte omzetgroei wordt daardoor vooral gedragen door hogere tarieven en nauwelijks door volumegroei.
Reisbureaus en reisorganisaties ontwikkelen zich positief. De vraag naar reizen blijft sterk, waardoor de sector ook na het goede 2025 groeikansen houdt. Verhuur- en leasebedrijven profiteren ondertussen van investeringen in mobiliteit en de energietransitie. Vooral de toenemende vraag naar emissievrij bouwmaterieel biedt extra omzetkansen voor bedrijven die machines en materieel verhuren.
Ook beveiligings- en opsporingsdiensten presteren sterk. De omzetgroei versnelt gedurende de prognoseperiode en loopt op tot 7,1% in 2027. Daarnaast laten schoonmaakbedrijven en hoveniers een robuuste, stabiele groei zien van ruim 5% per jaar. De overige zakelijke dienstverlening als geheel profiteert daarmee van een aanhoudende vraag naar ondersteunende diensten. Investeringen in mobiliteit, verduurzaming en veiligheid ondersteunen bovendien de groei in meerdere deelsectoren. Ondanks de terughoudende ontwikkeling bij uitzendbureaus blijft het groeiperspectief voor de sector daardoor positief.
Tabel 8: Omzetontwikkeling deelsectoren overige zakelijke dienstverlening

Meer weten?
Aanspreekpunt voor de sectoren specialistische en overige zakelijke diensten: Reinder Koelewijn.
Zorg en welzijn: vergrijzing en hogere tarieven
De groeiverwachtingen binnen de zorg worden vooral gedreven door vergrijzing en hogere tarieven. De ouderenzorg groeit het sterkst, doordat de zorgvraag onder ouderen blijft toenemen en steeds meer zorg thuis wordt geleverd. Ook de gehandicaptenzorg en huisartsenzorg laten een bovengemiddelde groei zien. Bij huisartsen dragen daarnaast hogere NZa-tarieven, aanvullende vergoedingen voor de praktijkvoering en investeringen in huisvesting bij aan de omzetgroei.
De paramedische sector profiteert eveneens van de toenemende zorgvraag als gevolg van de vergrijzing. De ggz groeit door de aanhoudend hoge zorgvraag, al remmen capaciteits- en personeelstekorten het groeitempo. Naar verwachting verschuift de aandacht bovendien verder van de basis-ggz naar de gespecialiseerde ggz.
De groei bij ziekenhuizen en specialistenpraktijken blijft beperkt. Binnen het Integraal Zorgakkoord is afgesproken om meer zorg te verplaatsen naar de eerste lijn en de thuissituatie, waardoor de omzetgroei bij ziekenhuizen gematigder uitvalt. De jeugdzorg blijft achter bij de andere deelsectoren. Hervormingen van het stelsel en financiële druk bij gemeenten beperken de groeiruimte, ondanks een lichte verbetering tegen 2027.
Tabel 9: Omzetontwikkeling deelsectoren zorg

Meer weten?
Aanspreekpunten voor de sectoren zorg en welzijn: Marleen Jansen en Bas Laan.

