Onderzoek

Hogere energieprijzen zorgen voor duurdere boodschappen

7 april 2026 17:30 RaboResearch

De boodschappen gaan weer duurder worden. Nu de verwachting is dat energieprijzen langer hoog blijven, gaan we dat tegen het eind van 2026 terugzien in de supermarkt- en restaurantprijzen. Voor 2027 verwachten we een voedingsmiddelenprijsinflatie van 7%. De prijsonderhandelingen tussen voedingsproducenten en inkopers zullen - opnieuw - op het scherpst van de snede gaan.

Intro

In het kort

    De oorlog in het Midden-Oosten leidt naar verwachting tot langdurig hogere energieprijzen. Dan komt er een moment dat we dat ook gaan merken in de supermarkt of het restaurant. Niet direct, want het duurt even voor energieprijzen zich door de keten heen werken. Maar als de hoge olie- en gasprijzen – zoals verwacht – aanhouden tot in 2027, dan is de verwachte kostenstijging te groot om in de keten te absorberen. Voor 2027 verwachten we dan ook een voedselprijsinflatie van zo’n 7%. Down-traden naar goedkopere producten of verkoopkanalen is voor een steeds groter wordende groep consumenten echter geen optie meer. De spagaat van hogere prijzen of minder volume zal later dit jaar dus – opnieuw – tot verhitte prijsonderhandelingen leiden tussen producenten, retailers en foodservice-operators.

Escalatie in het Midden-Oosten drijft energieprijzen op

Sinds de eerste aanval op Iran vijf weken geleden is de geopolitieke situatie verder geëscaleerd, met als gevolg dat de scheepvaart door de Straat van Hormuz grotendeels is stilgevallen. Daardoor stokt de aanvoer van olie en LNG naar Europa en Azië en zijn de energieprijzen snel opgelopen. Brent-olie is inmiddels ruim 60% duurder dan vóór het conflict en TTF-gasprijzen zijn al gauw 70% hoger. Ook aan de pomp stijgen de prijzen snel.

De hogere energie- en brandstofprijzen raken consumenten meteen via hun dagelijkse uitgaven. Dat is zorgelijk, want het voorzichtige volumeherstel in supermarkten en horeca dat vorig jaar zichtbaar was, staat hierdoor meteen onder druk.

Hoge energieprijzen houden naar verwachting aan tot in 2027

Omdat de Straat van Hormuz voorlopig gesloten lijkt te blijven, maar vooral ook omdat de energie-infrastructuur in de Golfstaten is beschadigd, verwachten onze energie-analisten dat het nog een aanzienlijke tijd gaat duren voor de energiestromen weer normaliseren. In de tussentijd blijft olie in dit basisscenario de komende maanden boven de 100 dollar per vat en kost gas gemiddeld 60–65 euro per MWh. Pas tegen de zomer volgt enige daling. Voor 2027 worden gemiddelden van 83 dollar (Brent-olie) en 42 euro (TTF-gas) voorspeld — nog steeds circa 35% boven de niveaus van eind 2025 (zie figuur 1 en 2).

Wat als het mee- of tegenvalt?

De twee alternatieve scenario’s in de grafieken schetsen een mildere uitkomst (snellere diplomatieke de-escalatie) of juist een ernstige situatie waarin de Straat van Hormuz nog langer dicht blijft en prijzen tot extreme hoogten stijgen (150 dollar voor olie, 125 euro voor gas).

Figuur 1: Olieprijs aug 2025-dec 2028f

Olieprijs aug 2025-dec 2028f
Bron: RaboResearch 2026

Figuur 2: Gasprijs aug 2025-dec 2028f

Gasprijs aug 2025-dec 2028f
Bron: RaboResearch 2026

De huidige pieken in de energieprijzen zien we niet direct terug in de boodschappenprijzen. Veel energiegebruik zit relatief vroeg in de keten, zoals kunstmest, veevoer of transport, en het duurt even voor de uiteindelijke consumentenproducten op het schap staan. Ook voorraden en termijncontracten dempen de initiële impact. Voedingsbedrijven hebben ten aanzien risicomanagement wat dat betreft wel een en ander geleerd van de energiecrisis in 2022. Maar als de hoge energieprijzen lang genoeg aanhouden, dan komen ze een keer in de kosten terecht.

En dat is precies wat onze energie-analisten verwachten: aanhoudend hoge olie- en gasprijzen. De verwachte gemiddelde energieprijzen voor 2027 liggen ruwweg 35% hoger dan de prijsniveaus voor olie en gas in 2025. De combinatie van dunne marges in de sector en de sterke afhankelijkheid van energie maakt het vrijwel onmogelijk om dit soort prijsstijgingen volledig in de sector op te vangen. Doorbelasten naar de consument lijkt de meest voor de hand liggende oplossing.

Voedselinflatie gaat weer oplopen

Maar consumenten zijn amper bekomen van de prijsstijgingen die ze de afgelopen vijf jaar al voor hun kiezen hebben gekregen. De boodschappen in Nederland zijn momenteel zo’n 33% duurder dan begin 2021. Het inflatiecijfer begon net weer wat te normaliseren. En nu beginnen we weer van voren af aan.

Op basis van de prijsdynamieken over de afgelopen twintig tot veertig jaar concludeerden we eerder dat een structurele stijging van de gasprijzen met 50% binnen twee jaar tot ongeveer 10% hogere voedselprijzen leidt. Rekening houdend met ons basisscenario voor de verwachte gemiddelde olie- en gasprijzen in 2027, zien we de voedingsinflatie in totaal dus zo’n 5-10 procentpunt oplopen. Daar komt volgend jaar ook nog de verhoging van de minimumlonen per 1 januari bovenop.

Het zwaartepunt van de voedingsinflatie zal vroeg in 2027 liggen, als de resultaten van de prijsonderhandelingen eind dit jaar zichtbaar gaan worden. Overigens lopen de boodschappen- en horeca-prijzen ook in 2026 al iets meer op. Dat komt dan met name door de dieselprijs, omdat veel transportcontracten met logistiek dienstverleners automatische brandstoftoeslagen bevatten.

De rek is er bij consumenten wel een beetje uit

Tijdens eerdere perioden met hoge inflatie – zo ook na de energiecrisis van 2022 – zagen we consumenten overschakelen naar goedkopere producten zoals huismerken of goedkopere verkoopkanalen zoals discounters, om op die manier de impact van de prijsverhogingen op hun portemonnee te dempen. Dat beeld verwachten we komend jaar ook weer te zien.

Bij een groeiende groep consumenten is de vraag echter hoeveel rek er nog in zit? Op basis van volumeomzet zijn supermarkten nog altijd niet terug op pre-pandemieniveaus, en foodservice blijft kampen met een ’duur’ imago. De consument zit gemiddeld genomen dus nog steeds in een ‘bespaarmodus’. Bij nieuwe prijsstijgingen zullen veel huishoudens mogelijk niet verder kunnen downgraden en simpelweg minder kopen of minder vaak uit eten gaan.

Zodoende komen retailers en foodservice-operators klem te zitten: hogere kosten en inkoopkosten aan de ene kant, en prijsgevoelige consumenten en mogelijke volumedruk aan de andere kant. Dat beloven dus – opnieuw – verhitte prijsonderhandelingen later dit jaar.

Disclaimer

De informatie en meningen in dit document zijn indicatief en alleen bedoeld voor discussiedoeleinden. Er kunnen geen rechten worden ontleend aan de in dit document beschreven transacties en/of commerciële ideeën. Dit document is uitsluitend bedoeld voor informatieve doeleinden en mag niet worden opgevat als aanbod, uitnodiging of aanbeveling. Lees verder